Meerdere coureurs zullen geen al te beste nachtrust hebben gehad. Wat te denken van Charles Leclerc, die op zaterdag verrassend pole pakte en op zondag lange tijd aan de leiding reed alvorens een probleem met het chassis hem deed wegzakken naar P4. Of Max Verstappen, die het hele weekend worstelde met de Red Bull RB21 en slechts als negende finishte. Of zijn teamgenoot Yuki Tsunoda, die na een beter weekend in Spa op de Hungaroring weer het spoor bijster was. Of de Alpine-coureurs, die met zijn tweetjes achteraan eindigden. Wie van alle rijders het allerslechtst geslapen heeft, is naar mijn bescheiden mening echter Lewis Hamilton. Twaalfde in de kwalificatie, terwijl zijn teamgenoot pole pakte. Twaalfde in de race, terwijl de andere Ferrari een groot deel van de wedstrijd op kop reed.
Na afloop van de kwalificatie klonken er pijnlijke woorden over de boordradio. "Every time, every time", zei Hamilton, verwijzend naar opnieuw een tegenvallend resultaat op de zaterdag. Op de vraag wat hij daar precies mee bedoelde, antwoordde hij tegenover Sky Sports: "Oh, het ligt allemaal aan mij. Ik ben nutteloos, compleet nutteloos.” En nadat er voorzichtig werd geopperd dat Ferrari probeert de auto beter te maken voor hem, kwam Hamilton tot de snoeiharde conclusie: "De auto is niet het probleem. Je zag het: de auto staat op pole. Het is waarschijnlijk de coureur die ze beter kunnen wisselen."
De race op zondag bracht weinig beterschap. Ferrari probeerde iets anders door hem op harde banden te laten starten, maar die gok pakte niet goed uit. Hamilton zat gevangen in verkeer en bleef steken op de twaalfde plaats. Onderweg was er ook nog een momentje met Max Verstappen. Toen zijn oude rivaal hem voorbij wilde steken in bocht 4, stuurde hij zijn Ferrari van de baan. Over dat 'incident' - het werd na de race bekeken door de stewards, die oordeelden dat er geen verdere actie nodig was - zei hij na afloop slechts: "Ik heb daar weinig over te zeggen." Maar toen het gesprek bij Sky Sports terugkwam op zijn vernietigende woorden van zaterdag, gaf hij een klein inkijkje in zijn mentale worsteling. "Als je dat gevoel hebt, heb je dat gevoel. Er speelt veel achter de schermen dat niet geweldig is..." Op de vraag of hij nog wel van racen houdt, antwoordde hij volmondig: "Ik hou er nog steeds van. Ik hou nog steeds van racen."
Lewis Hamilton kende een moeilijk weekend op de Hungaroring.
Foto door: Sam Bloxham / LAT Images via Getty Images
Teambaas Frédéric Vasseur benadrukte op zondagavond dat hij Hamiltons zelfkritiek begrijpt, maar dat de situatie genuanceerder ligt dan het lijkt. "Hij was maar een tiende verwijderd van Q3. En het scheelde niet veel of we waren met twee auto's uitgeschakeld in Q2", legde de Fransman uit. "Het zit allemaal zó dicht bij elkaar. Lewis was niet een seconde langzamer, maar zat gewoon nét aan de verkeerde kant van de streep." Volgens Vasseur is Hamilton 'gefrustreerd, maar niet gedemotiveerd'. Hij verwacht dat de Brit er wel weer bovenop komt. "Het is juist zijn veeleisendheid die hem tot zevenvoudig wereldkampioen heeft gemaakt", stelde hij. "Hij vraagt veel van het team, van de auto, van de engineers – maar vooral veel van zichzelf."
Dat die veeleisendheid op dit moment overslaat in onzekerheid over zichzelf, maakt het pijnlijk om naar te kijken. Zeker in combinatie met het feit dat Hamilton juist dit seizoen zijn droom heeft waargemaakt: rijden in het rood van Ferrari. Maar helaas is de realiteit een stuk weerbarstiger. In een openhartig interview tijdens het weekend in Hongarije ging Hamilton verder in op hoe zwaar zijn eerste halfjaar bij Ferrari is geweest. "De afgelopen paar seizoenen zijn op hun eigen manier moeilijk geweest. Maar dit is tot op heden zeker de meest intense, qua werkdruk. Het is niet op alle vlakken soepel verlopen en het is een echte strijd geweest. Ik moet echt even weg en opladen. Tijd doorbrengen met de kinderen [zijn neefjes en nichtjes], lachen en loslaten. Er zullen ongetwijfeld wat tranen komen. Maar dat is alleen maar gezond."
Dat een Formule 1-coureur zich zo kwetsbaar opstelt, zien we maar zelden. Ja, Lewis houdt nog steeds van racen. Ja, hij gelooft in het Ferrari-project. Maar nee, hij vindt op dit moment niet het vertrouwen en de prestaties die hij van zichzelf gewend is. In de eerste seizoenshelft kende Hamilton enkele hoopgevende momenten – de sprintzege in China, een derde plek in de sprintrace in Miami en sterke kwalificaties in Spanje, Canada, Oostenrijk en Groot-Brittannië – maar een echte doorbraak is uitgebleven. De Grand Prix van Hongarije was een ontnuchterende afsluiting van een moeizaam eerste halfjaar bij de Scuderia. En dus is het niet moeilijk voor te stellen dat Lewis Hamilton zondagavond in zijn bed lag te woelen, piekerend over zijn vorm, zijn woorden en zijn toekomst.
Source: Motorsport