Home

Rutte vond situatie Gaza in maart 2024 al ‘uitermate zorgelijk’, maar leunde toch achterover

Het Nederlandse kabinet erkende anderhalf jaar geleden al dat Israël de Gazanen uithongerde, maar vond steeds excuses om daar niets tegen te doen. Nu de hongersnood acuut is, voelt het kabinet meer druk, maar het blijft aarzelen om écht op te treden.

is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft over financiën en landbouw.

‘De situatie wat betreft de toegang voor humanitaire goederen is uitermate zorgelijk’, zegt minister-president Mark Rutte op 19 maart 2024 tijdens een Tweede Kamerdebat. Meerdere Kamerfracties vinden dat het kabinet iets moet doen om de Israëlische verwoesting van de Gazastrook een halt toe te roepen.

Rutte gaat verder: ‘We maken ons allemaal zeer grote zorgen over de humanitaire situatie in Gaza. Inmiddels zie je wel dat er onder druk kleine stapjes worden gezet, maar ze zijn te klein. Voor de oorlog gingen er dagelijks meer dan vijfhonderd vrachtwagens met goederen naar binnen en dat is op dit moment niet het geval. Dat horen we continu van alle hulporganisaties. Er is inderdaad sprake van ondervoeding in Noord-Gaza, lijkt het.’

Dat was de situatie in Gaza bijna anderhalf jaar geleden, beschreven door de Nederlandse premier, en dat is de situatie nu – maar dan vele malen ernstiger. Destijds erkent het kabinet dus al dat er (waarschijnlijk) hongersnood heerst in Gaza, dat Israël niet genoeg hulp toelaat, en dat vermanende woorden weinig effect hebben op de Israëlische regering. Toch wil Nederland, net als andere westerse landen, het afgelopen jaar niet verdergaan dan het zoveelste ‘stevige gesprek’ (citaat Rutte) aangaan met de regering-Netanyahu.

‘Rode lijn’

Rutte zegt nog iets belangrijks in dat debat. Het kabinet trekt een ‘rode lijn’ bij een Israëlisch grondoffensief in de zuidelijkste stad van de Gazastrook, Rafah. Als Israël die ‘rode lijn’ zou overschrijden, is dat een gamechanger, beweert Rutte. Dat zal ‘politieke gevolgen’ hebben voor Israël. ‘Er wordt niets uitgesloten, ook sancties niet.’ Waarschijnlijk durft Rutte die rode lijn te trekken omdat de Amerikaanse president Joe Biden dat een week eerder al deed.

Twee maanden later begint Israël een grondoffensief in Rafah, vergezeld van intensieve bombardementen. Bidens reactie is regelrechte ontkenning, en Rutte volgt dat voorbeeld opnieuw. Beiden vinden het geen grondoffensief (Rutte noemt het een ‘beperkte chirurgische operatie’). De rode lijn is dus niet overschreden en er is geen reden om Israël tot de orde te roepen.

Israël weet precies hoever het kan gaan, en dat is – om redenen die al vaak beschreven zijn – veel verder dan andere landen. Dat de regering-Netanyahu wel degelijk gevoelig is voor internationale druk, blijkt uit het feit dat Israël meestal kleine concessies doet als die druk te veel oploopt. Net genoeg om te voorkomen dat cruciale landen als Duitsland en de VS hun steun aan Israël intrekken, maar niet genoeg om de nood van de Gazanen te lenigen.

Uitgemergelde Palestijnse kinderen

Erwin van Veen, Midden-Oostendeskundige bij Instituut Clingendael, zegt in mei 2024 tegen de NOS dat het ‘een beproefde Israëlische methode’ is om de militaire acties tegen de Palestijnen constant af te stemmen op de pijngrens van de kritische buitenwacht. ‘Deze tactiek wordt nu ook bij Rafah gebruikt, om de VS een alibi te geven om niet in te grijpen.’

In juli 2024 treedt het kabinet-Schoof aan. Met de PVV van fanatiek Israël-verdediger Geert Wilders aan boord is elke oproep voor Nederlandse sancties tegen Israël bij voorbaat tot mislukken gedoemd. Pas na de val van het kabinet, als de PVV eruit is gestapt, is er ruimte voor een iets kritischer houding. Maar die ruimte blijft beperkt, omdat de drie overgebleven coalitiegenoten VVD, NSC en BBB ook veel sympathie voor Israël koesteren.

Media buiten Israël publiceren sinds begin juli 2025 steeds meer foto’s van uitgemergelde Palestijnse kinderen. Ook de noodkreten van hulporganisaties over de hongersnood en het medicijnentekort in Gaza krijgen meer media-aandacht. Hierdoor wordt de publieke opinie in westerse landen merkbaar meer anti-Israël. Israël draait de voedselkraan naar Gaza daarom weer een beetje open, in de hoop net genoeg goede wil te kweken om serieuze sancties af te wenden.

Symboolmaatregelen

De Verenigde Staten, Duitsland en Italië zijn vermoedelijk de enige landen die Israël op de knieën kunnen dwingen. Duitsland óf Italië moet voor economische sancties stemmen wil de Europese Unie die kunnen invoeren. Zonder de steun van een van beide landen blijft de gekwalificeerde meerderheid uit zicht die op EU-niveau nodig is om bijvoorbeeld het handelsakkoord met Israël op te schorten. Beide landen, agressoren in de T_weede Wereldoorlog die de moord op zes miljoen Joden faciliteerden, blijven tot nu toe achter Israël staan.

Symboolmaatregelen als de Nederlandse inreisverboden voor Israëlische ministers wekken Israëls woede, maar sorteren verder geen effect. Hetzelfde geldt voor de aangekondigde erkenning van de Palestijnse staat door onder meer Frankrijk en Canada.

Het zou Israël meer pijn doen als Nederland zou stoppen met het aankopen van Israëlische wapens. Nederland gaf daar in de afgelopen vijf jaar bijna 2 miljard euro aan uit. Ook zou Nederland de handel met de illegale Israëlische nederzettingen op de Westoever kunnen verbieden, zoals Ierland van plan is. Maar op dit moment lijkt het Nederlandse kabinet niet bereid op eigen houtje economische sancties te treffen.

Alles over politiek vindt u hier.

Luister hieronder naar onze politieke podcast ‘De kamer van Klok’. Al onze podcasts vind je op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next