Sinds 2024 worden de MotoGP-fabrikanten op basis van het aantal behaalde punten in het afgelopen jaar ingedeeld in verschillende groepen voor de verdeling van de concessies. Fabrikanten die meer punten scoren en in een hogere groep belanden, krijgen minder vrijheden voor de ontwikkeling van hun motorfiets dan de minder scorende fabrikanten in een lagere groep. De sport hanteert daarbij twee meetpunten per jaar: eentje na afloop van het seizoen en eentje tijdens de zomerstop. Dat laatste moment is nu dus aangebroken en dus wordt voor de nieuwe verdeling van de concessies gekeken naar het aantal punten dat de fabrikanten hebben gehaald tussen de zomerstop van vorig jaar en de huidige zomerse onderbreking.
Om in groep A te belanden, moeten fabrikanten binnen de genoemde periode minimaal 85 procent van het maximaal aantal haalbare punten in het constructeurskampioenschap hebben gescoord. Op basis van de prestaties in 2024 was Ducati al ingeschaald in de hoogste groep en dat is in de eerste helft van 2025 niet veranderd. Tussen de Britse GP van 2024 en de Tsjechische GP van eerder deze maand konden fabrikanten maximaal 851 punten scoren. Ducati eindigde op 837 punten en scoorde dus 98,4 procent van het maximum dat te verdelen was. Zodoende blijft de Italiaanse fabrikant in groep A en kan het rekenen zowel op testbeperkingen als een verbod op het inzetten van wildcards.
Ducati blijft domineren in 2025 en krijgt dus opnieuw de minste vrijheden door de concessies.
Foto door: Gold and Goose Photography / LAT Images / via Getty Images
In het afgelopen halfjaar behoorde geen enkele fabrikant tot groep B, waarvoor ze in aanmerking komen als ze tussen de 60 en 85 procent van het maximaal aantal haalbare punten hebben gescoord. Ook op dat vlak verandert er niets in de tweede seizoenshelft. Tegelijkertijd blijft groep C uit twee fabrikanten bestaan: KTM en Aprilia scoorden allebei tussen de 35 en 60 procent van het maximum en blijven dus onderdeel van deze groep, die weer iets meer testvrijheden biedt dan groep B. Voor KTM was enkele races voor de zomerstop al duidelijk dat zij in groep C zouden blijven en uiteindelijk kwamen ze op 337 punten uit, oftewel een percentage van 39,7 procent.
260 testbanden
Testen op alle GP-circuits
Testen met racerijders
Zes wildcards
Vrije ontwikkeling motorblok
Twee aero-updates per jaar
260 testbanden
Testen op alle GP-circuits
Testen met racerijders
Zes wildcards
Vrije ontwikkeling motorblok
Twee aero-updates per jaar
Voor Aprilia was het spannender of ze onderdeel zouden blijven van groep C. Om dat voor elkaar te krijgen, moest de fabrikant uit Noale vanwege een tegenvallende tweede seizoenshelft in 2024 minimaal tien punten scoren tijdens de Tsjechische GP. Dat lukte met verve dankzij de podiumplaats van Marco Bezzecchi. Aprilia scoorde 314 van de maximaal 851 beschikbare punten en komt zodoende op een percentage van 36,9 procent uit.
Honda en Yamaha probeerden intussen afstand te doen van hun plek in concessiegroep D, de groep waarin de meeste testvrijheden worden gegeven - waaronder de mogelijkheid om met racerijders te testen. Om naar groep C te promoveren moesten er minimaal 298 punten gescoord worden, iets waar de Japanse fabrikanten bij lange na niet in de buurt kwamen. Yamaha sloot de beoordelingsperiode af met 209 punten, Honda bleef zelfs steken op 198 punten. Kijkend naar de puntentotalen die ze in de eerste seizoenshelft hebben behaald (133 en 147 punten), lijken er in de tweede seizoenshelft misschien wel wat mogelijkheden te zijn om richting 2026 afscheid te nemen van groep D.
Source: Motorsport