De essentie van humanitaire hulpverlening is dat deze politiek neutraal is, en dus niet wordt bepaald en bewapend door Israël.
De humanitaire situatie in Gaza, waar Palestijnen nu met tientallen per dag bezwijken door uithongering, is ongekend. Niet alleen vanwege de aard van de humanitaire catastrofe, maar ook doordat de crisis is veroorzaakt door menselijk handelen. Waar op andere plekken in de wereld mensen omkomen door aardbevingen, droogte, orkanen of overstromingen, is deze crisis volledig ‘man made’.
Het is Israël dat voedsel, schoon water, brandstof en medische zorg onthoudt aan de Gazanen als volk. De Israelische beschuldiging dat Hamas op grote schaal voedsel zou roven of de hulp anderszins dwarsboomt, is onbewezen en bovendien geen verklaring voor de hongersnood. Israël heeft zelf de infrastructuur in Gaza vernietigd die mensen voorheen in staat stelde te overleven. Inwoners zijn verdreven van hun huizen en inkomstenbronnen, vrijwel alle basisvoorzieningen zijn kapotgeschoten of platgebulldozerd; van ziekenhuizen tot wegen, moestuinen, bakkers, tuinbouwkassen, irrigatiesystemen, energiecentrales en waterzuiveringsinstallaties.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
Buiten Gaza staan zesduizend vrachtwagens met levensreddende voedsel- en hulpmiddelen klaar, betaald door de internationale donorgemeenschap, maar ze mogen van Israël niet de grens over. Althans, niet om te worden gedistribueerd door de reguliere internationale hulporganisaties zoals het Wereldvoedselprogramma, Rode Kruis of de UNRWA.
Die organisaties kunnen nog amper functioneren sinds Israël de voedseldistributie zelf ter hand heeft genomen via het Gaza Humanitarian Foundation (GHF). Deze omstreden club, opgezet door de VS en Israël zelf, voldoet aan geen enkele voorwaarde van humanitaire hulpverlening: te beginnen bij het neutraliteitsprincipe. De essentie van humanitaire hulpverlening is dat hulp álle slachtoffers van geweld of rampen bereikt, ongeacht politieke kleur, religie of etniciteit. Om hulp bij slachtoffers van een burgeroorlog te krijgen overleggen hulporganisaties doorgaans met álle strijdende partijen om doorgang van hulpgoederen te bewerkstelligen. Dit lukt alleen omdat de organisaties a-politiek zijn.
Het GHF is niet alleen politiek gekleurd, het is gemilitariseerd en heeft bovendien niet de expertise om voedsel ordentelijk bij de noodlijdende Palestijnen te krijgen. In de chaos bij de distributiepunten zijn al meer dan duizend hongerige Palestijnen doodgeschoten.
De reguliere hulporganisaties weigeren terecht samen te werken met het GHF omdat zij daarmee hun principes overboord zouden gooien. Zij pleiten ervoor de grenzen direct open te gooien en zelf de distributie te hervatten. Zij weten immers via hun fijnmazige netwerken in de samenleving wél hulp op een veilige manier bij de uitgehongerde Gazanen krijgen.
Israël heeft de Unrwa, die al decennialang hulp en dienstverlening aan de Palestijnen in Gaza en elders in het Midden-Oosten biedt, echter het werk onmogelijk gemaakt omdat de organisatie ‘grootschalig geïnfiltreerd’ zou zijn door Hamas. Een ongefundeerde beschuldiging die bovendien een gevaarlijk precedent schept. Hiermee kunnen autoritaire leiders, waar ook ter wereld, humanitaire hulpverlening voortaan verdachtmaken en verhinderen.
Aan de grove schendingen van het internationaal humanitair recht door Israël komt maar geen einde. Maar uit Den Haag klinkt ondanks de laatste luide pannenprotesten wederom slechts oorverdovende stilte.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant