Door het wegvallen van steunmaatregelen is de energiearmoede vorig jaar met 54 procent gestegen. Zo’n 510 duizend huishoudens hadden moeite om de energierekening te betalen. Dat zijn er wel nog altijd minder dan vóór het uitbreken van de energiecrisis in 2021.
is economieredacteur. Ze is specialist arbeidsmarkt en sociale zekerheid.
Dat blijkt uit cijfers over energiearmoede die TNO en het Centraal Bureau voor de Statistiek vrijdagochtend hebben gepubliceerd. Volgens een voorlopige schatting had vorig jaar 6,1 procent van de huishoudens moeite de energierekening te betalen, in 2023 ging het nog om 4 procent. Deze toename is grotendeels te verklaren door het wegvallen van financiële steunmaatregelen.
Huishoudens gelden als energiearm wanneer zij door de combinatie van een laag inkomen, hoge energierekening of een slecht geïsoleerde woning grote kans lopen in financiële problemen te geraken. Dit komt volgens de onderzoekers het vaakst voor bij alleenstaanden die moeten leven van een pensioen of uitkering. Drie vierde woont in een corporatiewoning, 17 procent huurt in de vrije sector. Zij zijn gemiddeld 12 procent van hun inkomen kwijt aan energie.
In 2022 en 2023 kon deze groep nog een beroep doen op de energietoeslag van de overheid. Daarnaast kregen alle huishoudens een korting op de energierekening en gold er een prijsplafond. Die maatregelen waren effectief. Zonder overheidssteun waren er naar schatting zo’n half miljoen huishoudens extra in de problemen gekomen, de verwachting was dus ook dat de energiearmoede met het aflopen van de steun wat zou toenemen.
Ondanks de huidige stijging is de energiearmoede nog altijd lager dan voor het uitbreken van de energiecrisis. Volgens de onderzoekers komt dit doordat de kwaliteit van woningen de afgelopen vijf jaar sterk is verbeterd: vanwege de stijgende energieprijzen gingen huishoudens, verhuurders en woningcorporaties over tot de aanschaf van zonnepanelen, warmtepompen en isolatiemateriaal. Had in 2019 nog 12 procent van de woningen zonnepanelen, in 2023 was dat 32 procent.
Daarnaast probeerden huishoudens de kosten te drukken door hun energieverbruik te beperken: de thermostaat ging omlaag en de douchebeurt werd ingekort. Mede daardoor daalde het aardgasverbruik van woningen volgens de RVO tussen 2021 en 2023 met een kwart. Als laatste verklaring voeren TNO en het CBS aan dat de inkomens zijn gestegen.
Het is niet voor het eerst dat onderzoek vaststelt dat de langetermijngevolgen van de energiecrisis, mede als gevolg van snel ingrijpen door de overheid, mee lijken te vallen. Uit onderzoek van ABN Amro onder 340 duizend huishoudens bleek dit voorjaar dat de bestaanszekerheid is toegenomen, budgetinstituut Nibud constateerde vorig jaar al dat het aantal mensen dat zegt moeilijk rond te komen daalde van 38 procent in 2018 naar 32 procent in 2024.
Volgens onderzoeker Anika Batenburg van TNO is het moeilijk te voorspellen hoe de energiearmoede zich komende jaren zal ontwikkelen. ‘Als woningcorporaties doorgaan met het verduurzamen van woningen volgens de doelstellingen die zijn afgesproken met het kabinet, zal dat zeker helpen. Daarnaast is de voorspelling dat de reële inkomens dit en komend jaar zullen stijgen’, zegt zij. ‘Maar de grote onzekere factor blijft de energieprijs.’
Afgelopen maanden liet die weer een dalende trend zien, maar door de toegenomen afhankelijkheid van de wereldmarkt sinds het wegvallen van het gas uit Groningen - zoals de lng uit de Verenigde Staten en Qatar - kunnen kleine verstoringen in de aanvoer al tot fikse schommelingen leiden.
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Wilt u belangrijke informatie delen?
Mail naar tips@volkskrant.nl of kijk op onze tippagina.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant