Hoewel SRO-baas Stéphane Ratel nog maar een jaar geleden koppel- of draaimomentsensoren voor een betere Balance of Performance (BoP) in zijn GT3-series definitief had uitgesloten, lijkt het tij nu te keren. Na het besluit om deze technologie te introduceren tijdens de GT World Cup in Macau – waar SRO als promotor optreedt – wordt volgens informatie van Motorsport-Total.com, een zusterpublicatie van Motorsport.com, zelfs een mogelijke invoering in de DTM overwogen.
Dit gebeurt ondanks dat Thomas Voss, hoofd autosport bij de ADAC, geen groot voorstander lijkt te zijn. "De introductie van koppel- of draaimomentsensoren heeft tot nu toe geen aantoonbaar positief effect gehad op de voertuigclassificatie in andere raceklassen", aldus Voss. De sensoren meten het motorvermogen direct aan de aandrijfas, waardoor inzichtelijk wordt hoeveel kracht er daadwerkelijk naar de wielen wordt overgebracht. Het doel hiervan is om het voor teams en fabrikanten aanzienlijk moeilijker te maken om hun werkelijke potentieel te verbergen of gebruik te maken van geheime motormappings.
"Bovendien vergt deze technologie een aanzienlijke investering – het gaat om minstens 100.000 euro per voertuig", stelt Voss, die dit als extra argument tegen de invoering noemt. "Gezien het gebrek aan bewijs voor duidelijke voordelen en meldingen van technische problemen bij de toepassing, zien wij momenteel geen rechtvaardiging voor zulke hoge kosten."
De huidige BoP in de DTM, die wordt uitgevoerd door Ratel’s SRO Motorsports Group in opdracht van de ADAC, werkt volgens Voss "effectief" en "garandeert eerlijke concurrentie". "We blijven de ontwikkeling van deze technologie volgen, maar invoering zal pas plaatsvinden zodra er een duidelijk en significant voordeel voor alle betrokken partijen is aangetoond."
Gaat de DTM alsnog overstappen op de veelbesproken koppelsensoren?
Foto door: ADAC Motorsport
Maar spreekt deze verklaring niet tegen dat de technologie mogelijk al vanaf 2026 gebruikt wordt, zoals de geruchten gaan? Dat is maar deels het geval, want het plan is blijkbaar om het systeem in het komende seizoen eerst puur voor monitoringdoeleinden in te zetten. En niet, zoals in het WEC, IMSA en in Macau, als een reglementair instrument dat tot strafpunten leidt als de grenzen worden overschreden.
Maar had de ADAC niet gewaarschuwd voor de kosten? Dat komt doordat het Amerikaanse bedrijf MagCanica uit San Diego momenteel een monopolie op de markt heeft. Volgens Motorsport-Total.com moeten Europese teams hun aandrijfassen gedemonteerd naar de VS sturen om daar de koppel- of draaimomentsensoren te laten monteren. Na installatie worden ze weer in Europa samengesteld. Een set aandrijfassen met ingebouwde sensoren kost ongeveer 40.000 euro. Voor een seizoen volstaat anderhalf setje, maar daar komen ook nog logistieke kosten en de inzet van een extra engineer bij. Wie ook reserveonderdelen wil hebben, moet nog meer budget reserveren.
Dit gaat echter al in 2026 flink goedkoper worden, want verschillende Europese leveranciers betreden momenteel de markt. Eén daarvan is het bedrijf Rutronik uit Baden-Württemberg, vooral bekend in de autosport vanwege het succesvolle GT3-raceteam. "We zijn er mee bezig", bevestigt Fabian Plentz, hoofd operations bij Rutronik. Het doel is "een gunstiger, betaalbaar alternatief te ontwikkelen. We zijn er erg van overtuigd dat we een goede oplossing kunnen bieden."
Het product dat echter het heetste gerucht is binnen de DTM komt van de Zwitserse elektrische start-up Piech Automotive uit Zug, onder leiding van voormalig AMG- en Aston Martin-baas Tobias Moers. Naar verluidt is de koppel- of draaimomentsensor uit Zwitserland aanzienlijk goedkoper dan het Amerikaanse product: er circuleren zelfs geruchten over kosten rond de 5.000 euro, maar het zou zeker minder dan de helft van de MagCanica-oplossing kosten.
Dat lijkt twijfelachtig, want in de autosport geldt vaak dat zodra een grijs gebied wordt gesloten, de pogingen om een voordeel te behalen zich verleggen naar een ander vlak. Het onderwerp motorafstemming zou dan minder een rol moeten spelen – en er zouden minder kansen zijn voor turbofabrikanten om met de prestaties te spelen, zo luiden de geruchten in de paddock.