Volg in dit liveblog het laatste nieuws, etappeverslagen, onze verhalen uit de Tour en elke dag een vooruitblik op de volgende etappe.
Remco Evenepoel is afgestapt in de Tour de France. De 25-jarige kopman van Soudal Quick-Step, die derde stond in het eindklassement, kwam vandaag al vroeg in de problemen en wist zich niet meer te herpakken.
Evenepoel eindigde in de Tour van vorig jaar als derde. Door een trainingsongeluk in december kende de olympisch kampioen van Parijs 2024 een moeizaam voorjaar, toch hoopte Evenepoel weer een uitdager te zijn van Tadej Pogacar en Jonas Vingegaard.
Al tijdens de eerste echte bergrit deze Tour, de etappe naar Hautacam, had Evenepoel het lastig. Ook gister in de klimtijdrit naar Peyragudes kende Evenepoel een zware dag. Vingegaard haalde hem en zette uiteindelijk de twaalfde tijd neer. In de eerste week won Evenepoel nog de tijdrit in Caen. Hij stond op 7.24 minuten van Pogacar en droeg de witte trui voor beste jongere.
Ook Mattias Skjelmose, die eerder vandaag ten val kwam, heeft de Tour verlaten.
Maud Wiersma
Remco Evenepoel zit vandaag al vroeg in de problemen en moet het peloton laten gaan. De Belg leek er twee etappes geleden ook doorheen te zakken, maar wist toen nog de schade te beperken. Maar met nog meer dan 100 kilometer te gaan, wordt het voor de Belg hoe dan ook een lastige klus om te derde plek in het klassement vast te houden.
Aan de voorkant van de wedstrijd is te zien hoe Thymen Arensman de aanval heeft ingezet. Arensman, bij de tiende etappe nog tweede achter Simon Yates, rijdt in een kopgroep van acht met onder meer de drager van de bollentrui Lenny Martinez. Ze hebben een kleine minuut op het peloton.
Maud Wiersma
Onder wielrenners is hittetraining populair. Recent is ontdekt dat zulke trainingen, waarvoor renners zich in plastic pakken hijsen, tot significante prestatieverbeteringen leiden. ‘Het voelde soms alsof ik stikte. Maar het is het allemaal waard geweest.’
Steeds meer profrenners geven aan profijt van hittetraining te hebben. Mathieu van der Poel zei bij de start van de Tour in Lille dat hij er beter door is gaan koersen op warme dagen, wanneer hij voorheen zijn gebruikelijke niveau niet haalde.
Lees hier het hele stuk over hittetraining van Dennis Boxhoorn
Mattias Skjelmose is hard ten val gekomen op een vluchtheuvel in het begin van de veertiende etappe. De Deen wilde graag in de kopgroep zitten vandaag, maar dat ziet er nu niet meer in.
Twitter bericht wordt geladen...
Na een kort onderzoek van de koersdoktoren, is Skjelmose weer op zijn fiets gestapt. Met een flinke wond op zijn arm probeert de renner van Lidl-Trek de drie minuten achterstand weer goed te maken.
Maud Wiersma
Tadej Pogacar heeft na zijn zege in de klimtijdrit van gisteren al vier etappes gewonnen in deze Tour de France. Eerder won de Sloveen de vierde etappe in Rouen, de zevende rit in Mûr-de-Bretagne en de twaalfde etappe op de Hautacam.
Daarmee komt Pogacar nu op 21 etappezeges in de Tour de France, en stijgt hij daarmee een plek in de ranglijst van meeste etappezeges in de Tour de France.
De wereldkampioen staat nu op plaats zes. Als Pogacar vandaag weer weet te winnen, komt hij op gelijke hoogte met André Darrigade. Mark Cavendish staat nog altijd bovenaan de lijst, nadat hij vorig jaar in de Tour zijn 35ste etappezege behaalde.
Maud Wiersma
De rit van vandaag is volgens Tourdirecteur Christian Prudhomme gebaseerd op de 13de rit van de Tour de France van 1986, de eerste editie die Greg LeMond op zijn naam schreef. De Amerikaan was dat jaar ook de winnaar in de finishplaats van vandaag: de legendarische klim naar Superbagnères.
Voorafgegaan aan de loodzware slotklim, 12,4 kilometer met een stijging van 7,3 procent, krijgen de renners al heel wat te verstouwen. Allereerst de Col du Tourmalet (2.115 meter boven zeeniveau), waar de eerste die over de bergpas komt de Souvenir Jacques Goddet verdient, een geldprijs vernoemd naar de oud-tourdirecteur. Daarna nog de even klassieke Col d’Aspin en Col de Peyresourde.
De laatste keer dat de Tour hier aankwam was in 1989, toen LeMond de tweede van zijn drie eindoverwinningen zou pakken. Maar in dat jaar was hij niet als eerste boven in Superbagnères. Dat was Robert Millar. 36 jaar later krijgt hij een opvolger.
Erik van Lakerveld
Er stond geen maat op Tadej Pogacar, maar de Sloveen had het aan het slot van de tijdrit niet eenvoudig. Het steile stuk over het Altiport de Peyragudes hakte erin, vertelde hij in het flash interview direct na afloop van de finish. 'Ik blies mezelf op het einde bijna op. Maar toen zag ik de klok bij de finish staan. Dat gaf me een duwtje mee, want ik wist dat ik zou winnen.'
De Sloveen had gekozen voor zijn gewone wegfiets omdat uit de berekeningen die zijn ploeg had gedaan was gebleken dat het verschil met een tijdritfiets op dit parcours weinig uit zou maken. 'Het was de belangrijkste beslissing van de dag. Maar ik heb besloten om te kiezen voor comfort.'
Echt comfortabel was het geen moment. Pogacar reed nagenoeg zonder reserve de 10,9 kilometer tot de finish. Hij hield alleen op zo'n 2 à 3 kilometer voor de meet een beetje in. 'Even ademhalen voor die laatste kick, want die was echt supersteil.'
Erik van Lakerveld
Vol overgave stoomt Tadej Pogacar naar de finish van de loodzware klimtijdrit naar Peyragudes. De onverzadigbare Sloveen pakt weer een ritoverwinning, de vierde al deze Tour, de 21ste al uit zijn loopbaan. ‘Ik probeerde zo hard mogelijk te beuken op mijn pedalen’, zei hij na afloop in het flash interview.
Vingegaard eindigde als tweede, maar hield zijn verlies beperkt. Hij haalde in de slotmeters de twee minuten voor hem gestarte Remco Evenepoel in. ZIjn tijdsverlies ten opzichte van Pogacar: 36 seconden. Het gat in het klassement is daarmee gegroeid tot 4.07.
Televisiecommentatoren bliezen de spanning nog een beetje op. De tweede dag na een valpartij zou vaak de zwaarste zijn, meldden ze. Maar dat was meer hoop dan verwachting. Iedereen ging uit van een overwinning van Pogacar. Hij had immers gisteren ook in zijn eentje iedereen op minuten gereden op weg naar Hautacam.
Pogacar draaide er niet omheen. Mannen als Jonas Vingegaard en Primoz Roglic kozen voor een tijdritfiets, voor aerodynamisch voordeel op de vlakkere aanloop van de tijdrit. De Deen had zijn futuristische haaienhelm op. De Sloveense geletruidrager niet. Het enige dat extra aerodynamisch leek was de manier waarop de wonden op zijn linkerarm waren ingepakt: een soort mouwtje zat over het verband.
Verder reed Pogacar op een normale wegfiets. Wel eentje die gestript was: geen bidonhouders, geen stuurlint. Elke gram telt als het bergop gaat, maar bij het eerste tussenpunt was hij al de snelste met een paar tellen. En toen moest de klim nog beginnen.
Erik van Lakerveld
De tijdslimiet voor de etappe van vandaag is verruimd tot 40 procent van de winnende tijd. Aanvankelijk was die limiet vastgesteld op 33 procent. Renners die meer achterstand oplopen in de 10,9 kilometer tussen Loudenvielle en Peyragudes, moeten de Tour verlaten.
Veel van de zwaardergebouwde coureurs keken daarom behoorlijk op tegen de klimtijdrit. 33 procent klinkt misschien ruim, maar op zo'n korte afstand en de klim met een gemiddeld stijgingspercentage van 7,9 procent is dat tijdsverlies voor de niet-klimmers een reëel gevaar.
Net na de start van de eerste renners maakte de organisatie bekend dat de limiet verruimd is. Dat biedt de mannen met meer gewicht dan klimtalent iets meer ruimte, maar alsnog zullen ze het niet kalmpjes aan kunnen doen. Ook met 40 procent is het doorrijden geblazen.
Erik van Lakerveld
Na zijn machtsvertoon op Hautacam verdedigt Tadej Pogacar een voorsprong van 3 minuten en 31 seconden op Jonas Vingegaard. Dat is het grootste gat, na 12 etappes, sinds de Tour van 2021.
In dat jaar reed Pogacar in het geel met een voorsprong van dik 5 minuten op Rigoberto Uran. Slechts 14 seconden achter de Colombiaan, die de Tour uiteindelijk als tiende in het klassement zou afsluiten: Jonas Vingegaard in zijn eerste Tour.
Dat jaar snoepte de Deen in de tweede helft van die Tour nog een paar seconden van Pogacar af en eindigde in Parijs als tweede op een achterstand van 5 minuten en 20 seconden. Maar de afgelopen twee edities werd het tijdsverschil in de laatste negen ritten alleen maar verder vergroot.
Twee jaar geleden rekte Vingegaard zijn voorsprong van 17 tellen op tot 7 minuten en 29 seconden terwijl Pogacar vorig jaar de Tour won met een verschil van 6 minuten en 17 seconden, waar hij na twaalf ritten 1.06 had op Evenepoel en 1.14 op Vingegaard.
Erik van Lakerveld
Het ‘altiport’ in Peyragudes, een vliegveld net onder de Col de Peyresourde, is een moderne klassieker in de Tour. Voor het eerst opgenomen als finishplaats in de editie van 2012, met Alejandro Valverde als winnaar. In 2017 won Romain Bardet en drie jaar geleden was Tadej Pogacar er de beste.
De brede start- en landingsbaan op de bergflank vertekent; je ziet nauwelijks meer hoe afgrijselijk, monstelijk en genadeloos steil het is. Zo lang er geen renners op het asfalt te zien zijn, want zodra die harkend en zwoegend verschijnen is het meer dan duidelijk.
Ditmaal is het vliegveld de finish van een korte tijdrit, slechts 10,9 kilometer. Maar de lengte zegt niets over de zwaarte of de impact van de etappe. Integendeel. Deze strijd tegen de klok kan grote gevolgen hebben. Al is het na gisteren vooral de vraag hoeveel meer tijd Pogacar zal pakken. Weer een minuut of twee?
De top-3, Remco Evenepoel, Jonas Vingegaard en Tadej Pogacar, start net na 17 uur.
Erik van Lakerveld
Elf en een halve etappe lang werd de spanning opgebouwd: zou Jonas Vingegaard dit jaar Tadej Pogacar kunnen kraken? Goed, de Deen had tijd verloren in de tijdrit, maar de wereldkampioen was op woensdag nog hard onderuit gegaan. Alles leek mogelijk, tot Pogacar met een half ontvelde linkerarm in het verband, besloot een voorschot te nemen op zijn vierde Tourzege.
Alsof het hem nauwelijks moeite kostte, danste Pogacar in zijn eentje over de steile stroken naar Hautacam. 26 jaar oud en al op weg naar zijn twintigste tourritzege, de derde al tijdens deze editie van de Ronde van Frankrijk. Soepel draaiend in zijn blinkende regenboogtrui, alleen in de slotkilometer iets vermoeider ogend, komt hij over de meet. Steekt pas na de finish de handen omhoog, elke seconde pakt hij mee.
Maar het is al lang geen secondespel meer. Op ruime achterstand erachter, puffend en zoals vaker bij hem hoekig rijdend, volgt Vingegaard. De Deen geeft 2.11 minuten toe en dat komt boven op de 1.17 die Vingegaard al in de tijdrit in Caen verloren had.
Erik van Lakerveld
Lees hier het volledige verslag van de touretappe.
De Canadees Michael Woods is solo als eerste over de Col du Soulor gekomen. Hij demarreerde in de laatste anderhalve kilometer van de eerste echte berg die de renners deze Tour te overwinnen hebben. Achter hem volgden de resten van wat eerder vandaag een grote kopgroep was. Mathias Skjelmose en Bruno Almirail waren de eerste achtervolgers.
Op twee minuten van Woods volgde de groep met klassementsrenners. Daarin al niet meer aanwezig: geletruidrager Ben Healy. De Ier verloor al zoveel tijd dat Tadej Pogacar inmiddels virtueel het geel alweer ruim om de schouders heeft.
In de groep Pogacar ook Jonas Vingegaard, wiens ploeg het tempo aanvankelijk flink opschroefden, maar halverwege de beklimming moesten inhouden omdat ze daardoor ook Matteo Jorgenson dreigden te verliezen. Voor Visma-Lease a bike is Jorgenson een belangrijke troef in het steekspel met Pogacar. De Amerikaan stond bij de start van de rit vijfde in het klassement en dus besloot de ploeg iets voorzichtiger verder te klimmen.
Al voor de officiële beklimming van de Col du Soulor begonnen was viel de grote kopgroep uit elkaar. Onder de eerste slachtoffers ook Mathieu van der Poel, die bij de tussensprint nog 17 punten voor het puntenklassement veroverd had en daarmee virtueel opschoot naar de tweede plaats in de strijd om de groene trui.
Wel nog mee in de kopgroep, die na vijf kilometer klimmen uit nog ongeveer 15 coureurs bestond: Thymen Arensman. Maar de Nederlander lijkt niet voor eigen succes te gaan en werkt voor kopman Carlos Rodriguez.
Ook in het peloton zorgde de kennismaking met de eerste Pyreneeëncol direct voor een schifting. Niet alleen sprinters en mindere klimmers moeten direct de groep met klassementsfavorieten laten gaan. Ook Remco Evenepoel kwam al na enkele kilometers in de problemen.
De Belg die vorig jaar derde werd in het eindklassements moest de groep met Tadej Pogacar en Jonas Vingegaard en ongeveer 20 andere renners laten gaan.
Erik van Lakerveld
In de 12de rit is al vrij snel een grote kopgroep ontstaan, eentje van het formaat waarbij de vraag is of 'eerste peloton' niet een betere term is. Er zijn 52 man die zijn weggereden uit de groep met klassementsrenners, dat is bijna een derde van het complete deelnemersveld dat na het uitvallen van Cees Bol uit 171 coureurs bestaat.
De enige ploeg die geen afgevaardigden heeft voorin is Team Picnic-PostNL. Wel erbij: Mathieu van der Poel en Thymen Arensman. Zij zijn de enige Nederlanders die mee zijn geschoven.
De best geplaatste klassementsrenner voorin is Arensmans kopman Carlos Rodriguez. De Spanjaard staat namens Ineos op de twaalfde plek met 5.44 minuten achterstand op geletruidrager Healy.
De aanwezigheid van Rodriguez is een beperkende factor voor de groep. De klassementsploegen zullen vanwege hem niet al te veel tijd aan de kopgroep cadeau willen doen.
Erik van Lakerveld
Cees Bol gaat niet meer van start voor de 12de rit van de Tour. De Nederlandse sprinter van Astana is ziek, zo meldt zijn ploeg op X.
Bol was bezig aan zijn zesde Tour de France, maar kon zich in de eerste 11 ritten niet echt in de strijd om de ereplaatsen mengen. Zijn beste uitslag was 18de plek in de rit naar Laval van afgelopen zaterdag.
Na het wegvallen van Marijn van den Berg is Bol de tweede Nederlander die de Tour moet verlaten. Er zijn nog elf Nederlandse renners in koers.
Twitter bericht wordt geladen...
Enkele seconden nadat Tadej Pogacar onderuit ging in de slotkilometers van de etappe van gisteren was daar een mecanicien van Shimano gehuld in blauw motorpak en blauwe helm. Hij kreeg op sociale media veel lof voor zijn rappe hulp.
‘Ach’, zegt Patrick Dils een dag later, ‘ik doe hetzelfde voor de nummer 1 als de nummer 200 in koers. Vaak doen we ons werk buiten beeld en is er niemand die het ziet. Nu kreeg ik veel reacties, van collega's en van het thuisfront. En zoiets kan ook mislukken, hè. Ik ben blij dat het allemaal gelukt is.’
De Belg is al zo'n 15 jaar als mecanicien van Shimano, de neutrale materiaalservice, en zo in wielerwedstrijden aanwezig. Achterop de motor zag hij hoe op de Côte de Pech David een klein pelotonnetje met klassementsfavorieten ontstond. Daar moesten ze bij in de buurt blijven, wist hij. En niet lang daarna zag hij Pogacar met 60 kilometer per uur onderuit gaan.
‘Hij krabbelde zelf alweer op, dat is altijd een goed teken. En ik zag direct dat er buiten de ketting die eraf lag niet veel mis was met de fiets.’ Dils nam de fiets van de Sloveense tourfavoriet over, die met adrenaline door zijn lijf een beetje stond te prutsen, en wipte de ketting er zo op. ‘Toen heb ik hem op gang geduwd. Dat is zo'n 50 meter sprinten. Toen we later met de motor weer bij de hem kwamen zei hij: thank you.’
Twitter bericht wordt geladen...
Vandaag staan de eerste echte lange cols op het menu. Het voorgerecht is de Col du Soulour: 11,8 kilometer lang met een gemiddeld stijgingspercentage van 7,3 procent. Het hoofdgerecht en dessert ineen: de slotklim naar Hautacam is 1.700 meter langer: 13,5 kilometer met een een stijgingspercentage van 7,8 procent.
Dat is heel zwaar, maar de renners krijgen nog veel zwaarder werk te verzetten deze Tour de France. De slotklim van vandaag staat op de achtste plaats van langste beklimmingen. Wie het hele lijstje ziet, met een top-3 van beklimmingen die allemaal deel zijn van een en dezelfde etappe (de 18de), weet dat vandaag in zeker opzicht nog maar een opwarmertje is.
Erik van Lakerveld
Nu wordt het serieus. De Tour trekt vandaag de Pyreneeën in. Na een kalme aanloop vanuit startplaats Auch – daar gaan de vroege vluchters – melden de renners zich na een pukkeltje van de vierde categorie voor twee cols boven de 1.000 meter. Eerst de Col du Soulor (11,8 kilometer en 7,3 procent), na een afdaling direct gevolgd door de Col des Bordères (3,1 kilometer en 7,7 procent).
Het is nog altijd maar kinderspel vergeleken met de slotklim naar ski-oord Hautacam. Dat is de eerste beklimming van de buitencategorie deze ronde en een rotding: onregelmatig, lang en loodzwaar. Drie jaar geleden liet Jonas Vingegaard hier in de gele trui en met hulp van een uitmuntende Wout van Aert zijn belangrijkste belager Tadej Pogacar meer dan een minuut achter zich.
Wat zal nu de uitkomst zijn, daags na de val van Pogacar in de slotkilometers van de elfde etappe? Een ding lijkt zeker: Visma - Lease a bike maakt al anderhalve week de koers heel hard om Pogacar onder druk te zetten en is dat ongetwijfeld vandaag weer van plan.
Erik van Lakerveld
De valpartij van Tadej Pogacar lijkt weinig serieuze schade te hebben veroorzaakt. 'Tadej is oké', zei diens ploegleider Mauro Gianetti vlak nadat de Sloveense wereldkampioen en favoriet voor de eindzege over de finish was gekomen.
Op zo'n zes kilometer voor de eindstreep werd het voorwiel van Pogacar geraakt door Tobias Johannessen. De Sloveen klapte tegen het asfalt, maar krabbelde snel weer op.
In de groep met klassementsmannen werd ondertussen relatief rustig verder gereden. Pogacar kon snel weer aansluiten. Met een scheur in zijn broek en schaafwonden aan de linkerkant van zijn lichaam kwam hij over de finish.
Erik van Lakerveld en Dennis Boxhoorn
Rustdagje gehad, maar daar is Mathieu van der Poel weer. In de finale zet hij aan op de steile Côte Pech David. Hij rijdt de mannen om hem heen uit zijn wiel, komt met een voorsprong boven op het laatste klimmetje van de dag. Maar ja, er zitten dan nog wel twee man voor hem: Mauro Schmid en Jonas Abrahamsen.
Dat duo is al de hele dag in de aanval en begint met een kleine halve minuut aan de laatste acht kilometer. Het gat neemt af en af terwijl Van der Poel, bevrijd van zijn eerdere medejagers, alles geeft om vooraan te komen. Het lukt net niet.
Op een een meter of dertig voor zich ziet hij hoe Abrahamsen net het sprintje wint van Schmid. De Nederlander houdt de benen stil en volgt op zeven seconden.
Op meer dan drie minuten volgt de groep met klassementsrenners met geletruidrager Ben Healy en Jonas Vingegaard. En ook met Tadej Pogacar, die op zes kilometer van de finish ongelukkig ten val kwam. Die heeft weer kunnen terugkeren in de groep met zijn voornaamste concurrenten.
Erik van Lakerveld
Mathieu van der Poel kan zich ook niet inhouden in deze rit en is met een viertal kompanen (Wout van Aert, Quinn Simmons, Arnaud De Lie en Axel Laurence) op weg naar de kopgroep van vijf.
Deze achtervolgende groep ontstond in een onrustige fase waarin zelfs de belangrijkste klassementsrenners zich lieten gelden. Achter het leidende vijftal ontstond even een groep met onder anderen Jonas Vingegaard, geletruidrager Ben Healy en Kevin Vauqelin. Tadej Pogacar moest zich na een plaspauze reppen om ook in die groep te geraken.
Uiteindelijk bonden de klassementsmannen in en kreeg de groep met Van der Poel en Van Aert de ruimte om de oversteek naar de kopgroep te maken.
Erik van Lakerveld
Na een dagje rust, heeft het peloton ogenschijnlijk weer energie volop. De eerste uren van de elfde etappe was het volop koers. Direct vanuit de start in Toulouse was het duidelijk dat er veel renners hoopten op een plekje in de kopgroep. Al snel pakten Mauro Schmid, Jonas Abrahamsen en Davide Ballerini een klein gaatje.
Daarachter weigerden talloze renners zich bij deze situatie neer te leggen. Aanval volgde op aanval. Het gat van de koplopers bleef daardoor voortdurend klein, meermaals brak het peloton in stukken. Maar na 70 kilometer, die met een gemiddelde snelheid van ruim 51 kilo meter per uur werd afgewikkeld, trad er een betrekkelijke rust in.
Op een smalle weg legden een aantal renners het peloton stil door breeduit over de weg te gaan. Fred Wright en Mathieu Burgaudeau waren net daarvoor weggeglipt en wisten als enigen nog de oversteek naar de kopgroep te maken. Met nog 80 kilometer voor de boeg had het vijftal vooraan een voorsprong van 2 minuten.
En dat was het sein voor anderen om het toch nog een keer te proberen. Een drietal met Quentin Pacher, Clément Russo en Gianni Vermeersch probeert het gat te dichten. Daarachter volgde een grote groep met onder anderen Wout van Aert, Frank van den Broek, Cees Bol, Dylan Groenewegen en Roel van Sintmaartensdijk. Maar die werden al snel weer door het peloton gegrepen; in die groep zaten te gevaarlijke mannen mee.
Erik van Lakerveld
Het tourpeloton schiet na een rustdag weer in gang. Nadat Maud Wiersma als verslaggever het eerste deel van de Tour de France voor de Volkskrant versloeg, is het nu Dennis Boxhoorn die de verrichtingen van de renners volgt.
Ha Dennis, je bent maandagavond in Frankrijk aangekomen. Hoe is het om nu in de Tour te stappen terwijl er al tien ritten zijn geweest?
‘Ik was met Maud samen in Lille voordat de Tour van start ging. Toen ik daar nog voor de eerste etappe wegging, voelde dat heel raar. Je gaat uit een bubbel waarin je even vergeet dat de rest van de wereld ook bestaat. Nu ben ik blij dat ik weer deze kant op ben gekomen, maar tegelijkertijd voelde ik ook een drempel om die bubbel in te stappen.’
Hoe anders was het om de wedstrijd vanuit Nederland te zien?
‘Het is een heel andere beleving. Je ziet wel meer van de wedstrijd als je voor de tv zit, maar je krijgt niets mee van de hectiek, van de logistieke uitdagingen van het werk daar. Hoe je elke dag van hot naar her moet, en dan al die verplaatsingen nog, en dat je tussendoor je stukken moet schrijven. Dat is onvergelijkbaar.’
Hoe beviel je terugkeer in die drukte?
‘Nu ik er weer ben zuig ik alles op wat ik hoor en zie. Zo was ik gisteren even hardlopen tussen een interview met Thymen Arensman en Pascal Eenkhoorn in. Ik zag onderweg hoe Mathieu van der Poel met zijn ploeggenoten tijdens een koffieritje verdwaald waren. Het was grappig om te zien dat het duidelijk aan Van der Poel was om de route te bepalen. Om hen heen stonden allemaal mensen foto’s en selfies te maken.
‘Daarna liep ik de brug over de Garonne over en daar zat Visma-Lease a bike op het terras, ook met vijftig man eromheen. Het is duidelijk: de renners zijn sterren. Normaal stop ik niet tijdens mijn hardlooprondjes, maar nu heb ik dat toch even gedaan om goed te kijken. Zo zag ik dat Jonas Vingegaard zijn koffieritje op zijn tijdritfiets maakte.’
Hoe kijk jij terug op de voorbije etappes?
‘Er is ongelooflijk hard gereden. Er is tien ritten lang nooit gas teruggenomen. Ik sprak gisteren Eenkhoorn en die zei dat hij fysiek nog best goed was, maar mentaal moe was van die tien dagen. Het was voor het grootste deel van het peloton meer afzien dan normaal. Het lijkt wel of ze nooit meer ergens stilvallen.’
‘Wat me ook opviel is dat de strijd tussen Tadej Pogacar en Vingegaard wat grimmiger lijkt dan vroeger. Ze mopperen op elkaar. Zo had Pogacar kritiek op de tactiek van Visma – die volgens mij in hun goed recht stonden. Het lijkt iets meer te wringen dan voorheen. Dat heeft op zich ook wel wat moois: het is op het scherp van de snede.’
Over dat duel tussen Pogacar en Vingegaard: wat is je daaraan opgevallen?
‘Het is opvallend hoe goed Vingegaard mee kon met die aanvallen van Pogacar in de eerste week. En ik heb de indruk dat Vingegaard iets meer aan het sparen is, hij houdt zijn kaarten voor de borst. Pogacar is veel meer aan het aanvallen, won al twee etappes, maar dat ligt natuurlijk ook zijn aard.’
Wat verwacht je van de rest van de Tour?
‘Het is een cliché, maar waar: de Tour begint nu opnieuw. Maar Vingegaard begint wel met een achterstand; 1 minuut 17 is best veel. Hij zal ergens iets moeten forceren. De klimtijdrit van vrijdag naar Peyragudes gaat veel duidelijkheid geven.’
Erik van Lakerveld
Na een rustdag trekt het Tour-peloton zichzelf vandaag in Toulouse weer in gang voor de elfde etappe. Wat de afstand betreft zijn de mannen al over de helft. Van de in totaal 3.338,8 kilometer die deze editie van de Ronde van Frankrijk lang is, zijn er in de eerste tien etappes 1.688,8 afgelegd. Dat betekent dat de coureurs er nog 1.650 te gaan hebben.
Het eerste deel van de Tour bracht veel strijd en spektakel, met name door de heuvelachtige etappes waar Mathieu van der Poel zich telkens liet zien. Het tweede deel van de ronde is veel bergachtiger. En dat betekent dat de renners ondanks dat ze in horizontaal opzicht al voorbij het halfwegpunt zijn, ze verticaal daar nog lang niet.
Tot nu toe bedwongen de renners over alle heuveltjes en de bergen in totaal 17.734 hoogtemeters, de wielerterm voor de verticale verplaatsing. Ze hebben er met de Pyreneeën en Alpen in het vooruitzicht nog bijna het dubbele te gaan: 32.236 meter.
Erik van Lakerveld
Coureurs die hopen op een extra rustdagje zouden in deze korte etappe van Toulouse terug naar Toulouse best eens bedrogen uit kunnen komen. Op papier geldt deze etappe als vlak. En wie kijkt naar de laatste paar kilometers ziet een rode loper liggen voor de massasprinters: breed en overzichtelijk.
Maar vlak voor de entree in de stad wordt het peloton gedurende 30 kilometer door de mangel gehaald over bochtige en geaccidenteerde wegen. Het is alsof er eventjes een brokje van een klassieker is ingevoegd. Het begint met de Côte de Montgiscard (1,6 km à 5,3 procent) daarna volgen de Côte de Corronsac (900 meter à 6,7 procent) en Côte de Veille-Toulouse (1,3 km à 6,8 procent).
Het zwaarst is de laatste van dit klimkwartet: Côte de Pech David. De heuvel is maar kort, 800 meter, maar met 12,4 procent wel bijzonder steil. Als de renners hierboven zijn is er nog 8 kilometer voor de sprinterstreinen om zich te formeren en de controle te nemen of nog 8 kilometer voor aanvallers om de massasprint af te wenden.
Erik van Lakerveld
Terwijl de kopgroep al binnen was, testte Tadej Pogacar in de groep met klassementsrenners de benen van zijn voornaamste concurrent. Terwijl Visma-Lease a bike het tempo op de laatste paar klimmetjes had bepaald, nam de Sloveen in zijn gele trui het initiatief op de slotklim naar Le Mont-Dore.
Hij demarreerde en er kon maar één man mee: Jonas Vingegaard. Toen Pogacar dat eenmaal had vastgesteld, temperde hij zijn snelheid. Hij liet expres de tijd wegtikken, omdat hij anders zijn gele trui zou behouden, terwijl hij die in dit deel van de Ronde graag níet om de schouders heeft. Zo'n trui komt met verplichtingen na de etappes, als renners vooral behoefte hebben aan rust.
Na de finish zag Ben Healy, die de hele dag in de kopgroep had gezeten, hoe zijn vlucht hem de gele trui bezorgde. Hij leidt na de 10de etappe met 29 seconden op Pogacar. Eerder had de Ier al de zesde rit gewonnen.
In de verhouding tussen de topfavorieten veranderde weinig. Vingegaard blijft vierde, op 1.17 van Pogacar. Remco Evenepoel vermorste een paar seconden en staat een minuut voor Vingegaard op de derde plaats.
Erik van Lakerveld
Het begon met 28 man. Ieder van hen met een verlangen naar een tourritzege. Steeds meer renners haakten af. Aan de voet van de slotklim waren er vijf over. Mét Thymen Arensman, die nog steeds mocht hopen op succes.
Het is Simon Yates die onmiddellijk aanvalt als Le Mont-Dore, de slotklim, opdoemt. Ben O’Connor weet aan te haken. Wat moet Arensman? Hij heeft geen keus. Hij zet alles op alles om bij het leidende duo te komen. Net als hij dat doet, gaat Giro-winnaar Yates weer aan. Met zijn trage cadans tracht Arensman opnieuw de soepel draaiende Yates te achterhalen.
30 meter scheelt het maar, met nog 1,5 kilometer te gaan. Maar dat is op een steile klim met een stijgingspercentage van 8 procent een schier eindeloos gat. 500 meter later nog altijd 30 meter. Arensman stampt en stoempt, worstelt en wringt, maar het gat blijft. Op 500 meter van de finish is het duidelijk: de droom van Arensman verdampt.
Yates wint, voor de derde keer in zijn loopbaan een rit in de Tour.
Erik van Lakerveld
Mariano Martinez werd in de Tour de France van 1978 gehuldigd als bergkoning, nog voor Bernard Hinault die dat jaar de ronde won. Dit jaar is zijn kleinzoon, Lenny Martinez vast van plan om diezelfde maillot à pois te dragen. En dat is niet zomaar uit een soort familie-eer.
Volgens L'Equipe neemt het zicht van grootvader Martinez af en zal hij binnenkort blind zijn. Voor de Tour vertelde hij zijn kleinzoon dat hij hem dolgraag in die bollentrui zou zien.
Dat gaat lukken. Onderweg in de 10de rit verzamelde de Fransman al 25 punten en staat al virtueel aan de leiding in het bergklassement. En voor de nummer twee, Michael Woods, zijn er niet meer genoeg punten te verdienen om de droom van Martinez te verstoren.
Erik van Lakerveld
Halverwege de tiende etappe doemt de eerste col van deze Tour de France op. De Col de Guery, ingeschaald op de tweede categorie, is op 50 kilometer van de finish de vijfde officiële beklimming van de dag.
Onder wielerliefhebbers wordt een flinke beklimming al snel een col genoemd, maar de organisatie van de Tour is heel strikt. Een col is een bergpas, het laagste punt tussen twee toppen. Alle beklimmingen tot nu toe waren côtes: hellingen.
Uitzondering, qua naamgeving, was de Rampe Saint-Hilaire in de vierde door Tadej Pogacar gewonnen rit naar Rouen.
Overigens zegt de benaming col weinig over de moeilijkheidsgraad. Veel van de zwaarste beklimmingen waar in deze editie van de Tour een eindstreep is gelegd zijn geen cols. Mont Ventoux (rit 16) is geen col, ski-oorden La Plagne (rit 19) en Hautacam (rit 12) evenmin.
Erik van Lakerveld
In de openingsfase van de tiende etappe, waarin al na 5 kilometer een steile klim opdoemde, heeft een groep van 28 renners zich weten los te rukken uit de greep van het peloton. In die groep bevinden zich behalve Ben Healy, winnaar van de zesde rit, oud-wereldkampioen Julian Alaphilippe en Giro-winnaar Simon Yates ook Nederlander Thymen Arensman.
Aanvankelijk zat ook Frank van den Broek mee in de aanval, maar hij kon het tempo tijdens de eerste beklimming niet volhouden en viel terug in het peloton. Voor de rit liet hij bij de NOS weten te kampen met een verkoudheid.
Voor de coureurs met minder talent voor het klimwerk was het direct afzien. Jonathan Milan, de drager van de groene puntentrui, werd direct gelost. Hij heeft een plukje ploeggenoten om zich heen die hem moeten helpen vandaag binnen de tijdslimiet te finishen.
Erik van Lakerveld
Op de Franse feestdag, quatorze juillet, is het al vroeg druk langs het parcours van de etappe. Verslaggever Maud Wiersma zag op de flanken van de slotklim, Le Mont-Dore, hoe het publiek al klaar zit voor wat komen gaat.
'Ik zag veel mensen die nog snel even naar boven of beneden fietsen. En de kant van de weg staat al helemaal vol met campers en tenten. Er wordt volop gepicknickt, er staan barbecues. Het heeft wel wat weg van koningsdag, al die families en vriendengroepen met eten en drinken, muziekje erbij.'
Het peloton is net van start gegaan in Ennezat. De finish wordt na 165,3 kilometer rond half zes vanmiddag verwacht.
Erik van Lakerveld
In de eerste tourweek zorgde Trine Marie Vingegaard Hansen voor opschudding vanwege een interview dat ze gaf aan de Deens krant Politiken. Ze is de vrouw van Jonas Vingegaard en eveneens zijn manager en bekritiseerde de planmatige aanpak van Visma-Lease a bike, die botst met het karakter van haar man.
'Je kunt van alles in een Excel-sheet berekenen. Maar ik denk dat soms niet goed wordt nagedacht over de hele persoon, en hoe het beste uit hem gehaald kan worden', zei ze. Daarbij liet ze zich ook horen over de te volgen tactiek in de Tour: wat haar betreft moest alles om Vingegaard draaien.
De timing van het interview, in het openingsweekend van de Ronde van Frankrijk, zette de toon. En de kritiek die Hansen vervolgens te verwerken kreeg riep de vraag op wat de rol van de rennersvrouw precies is.
Manon Colson probeerde voor de Volkskrant het antwoord te vinden. Lees haar stuk hier.
Marijn van den Berg stapt maandag niet meer op de fiets voor de tiende etappe in de Tour. Hij heeft te veel last van de verwondingen die hij opliep in de openingsrit in Lille. Van den Berg viel toen in de slotkilometers. 'Marijn gaat naar huis om te rusten en te herstellen', zegt zijn ploeg EF Education op X.
Twitter bericht wordt geladen...
Van den Berg is de eerste Nederlandse uitvaller deze Tour. Er blijven twaalf Nederlanders in koers over.
Erik van Lakerveld
Vandaag staat volgens het routeboek van de Tour de eerste bergrit op het programma. Daarmee wordt gebroken met de traditie van een rustdag op de tweede maandag van de Ronde. We bellen met Maud Wiersma, die onderweg is naar de finish op Le Mont-Dore.
Maud, het peloton gaat vandaag het Centraal Massief in. Wat verwacht je van de rit?
'Ik denk dat het spektakel gaat worden. Het is direct vanuit de start klimmen geblazen. De renners krijgen zeven beklimmingen van de tweede categorie en nog eentje van de derde. Het is hier echt geen meter vlak.'
Wie kunnen we hier vooraan verwachten?
'Het is echt terrein voor Tadej Pogacar, maar het zal iets lastiger voor hem zijn nu zijn beste helper João Almeida is uitgevallen. En ik verwacht dat Visma-Lease a bike de koers heel zwaar wil maken.'
Dat doen ze eigenlijk al de hele Tour. Waarom is dat?
'Hun vermoeden is denk ik dat hun kopman Jonas Vingegaard elke dag veel kan geven en tegelijkertijd iets minder vermoeid raakt dan Pogacar. Het is de opstapeling van inspanningen waar ze kansen zien. Daarom zou het ook gek zijn als ze vandaag ineens denken: we wachten af. Dat past niet bij de aanvallende manier waarop ze tot nu toe steeds koersen.'
Wie moeten we buiten Pogacar en Vingegaard nog in de gaten houden?
'Ik ben heel benieuwd hoe de andere klassementsrenners het vandaag gaan doen. Kan Kevin Vauqelin, die nu derde staat, mee in dit geweld? En hoe doet Remco Evenepoel het? Dat is heel interessant.'
En voor de niet-klimmers is dit een dag om te overleven?
'Voor de sprinters is dit echt een spannende rit. De tijdslimiet zou vandaag best eens een rol kunnen gaan spelen. Ze hebben al negen dagen gekoerst, de vermoeidheid neemt toe en ze moeten direct vanuit de start al klimmen. Als de favorieten de etappe in vier uur afleggen, dan hebben de achterblijvers maar driekwartier om binnen te komen. Dat kan best lastig worden.'
Erik van Lakerveld
Normaal is de tweede maandag van de Tour de France een rustdag. Na negen ritten kunnen de coureurs dan even op adem komen, de benen lostrappen op een recreatief tempo of luieren. Vandaag niet. Deze maandag biedt geen rust, maar de eerste officiële bergrit in het routeboek.
Het Centraal Massief, waar het peloton vandaag doorheen trekt, is niet zo hoog als de Alpen of de Pyreneeën, maar evengoed zwaar zat. Zeven beklimmingen moeten de renners over, op eentje van de derde categorie na allemaal ingeschaald als tweede categorie. Dan volgt de slotklim, naar Le Mont-Dore: 3,5 kilometer lang met een stijgingspercentage van gemiddeld 8 procent.
Een klassieke bergrit is het misschien niet, maar alle samen beklimmingen tellen op. En de slotbeklimming is lang en zwaar genoeg om een indruk te geven van de klimcapaciteiten van de favorieten voor het klassement. Niemand zal zich sparen: morgen is er tijd genoeg om bij te komen. Dan is het eindelijk rustdag.
Erik van Lakerveld
Met een gemiddelde van 50,0 kilometer per uur precies legden de renners vandaag de 174,1 kilometer tussen startplaats Chinon en finishplaats Chateauroux af. Een extreem hoge snelheid, zeker in de wetenschap dat op een paar honderd meter na dit tempo door slechts twee renners werd volgehouden: vluchters Mathieu van der Poel en Jonas Rickaert.
Slechts eenmaal werd er, bij een rit in lijn, sneller gekoerst in de Tour. Dat was in 1999, toen Mario Cipollini de snelste was in Blois na een rit van 194,5 kilometer. Dat ging met een gemiddelde van 50,36 kilometer per uur gemiddeld.
De rit van vandaag komt dus met stip binnen op plaats twee in de ranglijst met snelste touretappes.
Erik van Lakerveld
De reden dat Mathieu van der Poel op avontuur ging was geen teken van zijn onstilbare honger naar zeges, maar om iets terug te doen voor een trouwe teammaat. Hij deed het voor Jonas Rickaert, al zes jaar lang bij de ploeg van Van der Poel.
‘Jonas had een droom om op het Tourpdium te staan’, zei Van der Poel nog nahijgend van de inspanning voor de camera van de NOS. ‘Daar ging ik hem mee helpen vandaag. We kwamen uiteindelijk heel dichtbij.’
Uiteindelijk, met 6 kilometer te gaan kon Rickaert zijn ploegmaat niet meer volgen. ‘Jonas zat op de limiet en bij mij was het beste er ook wel af. Die laatste baan nekte ons.’
In zijn eentje hield Van der Poel het nog lang vol. ‘Tot op het einde had ik de hoop dat het tot iets zou leiden, dat ik niet zou worden teruggepakt met de finish in zicht.’
Als winnaar van de prijs voor de strijdlust was er voor Rickaert ondertussen wel één troost. Hij mocht aan het eind van de dag toch nog het podium op.
Erik van Lakerveld
Wat op papier een doodsaaie etappe leek, groeide uit tot een ware thriller. Met in de hoofdrol, hoe kan het deze Tour ook anders: Mathieu van der Poel. Maar boven aan de uitslagenlijst toch zoals verwacht een sprinter: Tim Merlier.
De ruim 170 kilometer tussen Chinon en Chateauroux werd in razende vaart afgewikkeld. Met 50 kilometer per uur gemiddeld is het de op een na snelste rit in de Tourgeschiedenis. Die snelheid is opvallend omdat het tempo bijna de gehele dag door twee koplopers werd gemaakt: Mathieu van der Poel en Jonas Rickaert.
Van de start tot zes kilometer voor de finish zaten de mannen van Alpecin-Deceuninck samen vooraan. In het achtervolgende peloton probeerden ploeggenoten de achtervolging te ontregelen terwijl Rickaert niet langer mee kon met Van der Poel.
Met 5 kilometer te gaan verdedigde de Nederlander 29 seconden voorsprong. Op papier te weinig. En in de praktijk ook. Op 777 meter voor de finish werd Van der Poel dan toch gegrepen en buigt het hoofd. Zelfs hij kon de sprint niet voorkomen. En Merlier profiteerde, voor Jonathan Milan.
Erik van Lakerveld
Lees hier het hele verslag van de negende etappe.
João Almeida is halverwege de negende etappe afgestapt. De Portugees, die als belangrijkste helper van Tadej Pogacar naar de Tour was gekomen, was tijdens de zevende rit hard ten val gekomen. Hij liep in die rit naar Mûr-de-Bretagne onder anderen een gebroken rib op.
Almeida, die dit jaar de Ronde van Zwitserland, de Ronde van Romandië en de Ronde van het Baskenland won, had de etappe van gisteren nog wel voltooid. Maar vandaag bleken zijn verwondingen te hinderlijk om nog verder te koersen.
In het hooggebergte zal Pogacar terug moeten vallen op de hulp van andere ploeggenoten.
Erik van Lakerveld
Er is altijd een mogelijkheid op succes dat vluchters het halen. Dat weten Mathieu van der Poel en Jonas Rickaert natuurlijk. Maar hoe groot is de kans van slagen van een kopgroep in de Tour eigenlijk?
Precies die vraag probeerde Frontier Economics, een economisch consultancy-bureau, in 2019 te beantwoorden. Ze deden het rekenwerk op basis van de zes edities daarvoor, dus van de Tours van 2013 tot en met 2018.
En hun antwoord? ‘Gekeken naar de 114 etappes (tijdritten en prologen uitgezonderd) waren er in elke rit vluchtpogingen, met cumulatief 1230 coureurs in de aanval. Slechts 31 ritten (27%) werden vanuit de kopgroep gewonnen, wat betekent dat gemiddeld genomen de kans op een overwinning voor een vluchter slechts 2,5 % is.’
Erik van Lakerveld
Hoewel een massasprint onontkoombaar lijkt vandaag, is er toch een duo dat de vlucht naar voren heeft genomen vanuit startplaats Chinon. Het zijn niet de minsten: Mathieu van der Poel en zijn teammakker Jonas Rickaert.
Aanvankelijk leek de intentie om voor Van der Poel punten voor de groene trui te pakken bij de (enige) tussensprint na 25 kilometer – de Nederlander staat in het puntenklassement vierde. Toch lijkt het duo iets anders van plan, want na de sprint, waar Van der Poel de 20 punten pakte, trappen ze nog stevig door. Hun voorsprong nam toe tot ruim 5 minuten. Wellicht denken ze het peloton te kunnen foppen.
Eén voordeel hebben ze al ten opzichte van de meeste kopgroepen. Ze weten van elkaar dat ze als ploegmaten elkaar niet zullen bedotten en niet stiekem hun benen zullen proberen te sparen. Kortom: geen gelinkebal. Dat vergroot de kans dat ze het redden.
Toch blijft de kans op succes bijzonder klein. Gisteren probeerden Mathieu Bourgaudeau en Matteo Vercher (beiden van Total Energies) het ook. Het enige dat ze eraan overhielden, was de prijs voor de strijdlust. Die mochten ze delen.
Erik van Lakerveld
Driemaal won Mark Cavendish in de finishplaats van vandaag, Chateauroux. De vlakke, strakke aanloop was de Manx Missile op het lijf geschreven. De finishstraat werd door Tour-baas Christian Prudhomme al eens Avenue Cavendish gedoopt.
Nu blijkt het eerbetoon aan de vorig jaar gestopte sprinter verder te reiken dan de weg waarover de sprinters elkaar zullen bevechten. De hele stad draagt nu voor een dag zijn naam, zag verslaggever Maud Wiersma vanuit de auto.
Wout van Aert, die in aanloop naar de Tour de France ziek was, begint steeds meer in vorm te komen. Gisteren eindigde de renner van Visma-Lease A Bike in de massasprint als tweede achter Jonathan Milan. En dat terwijl de Belg die ochtend had gezegd niet mee te zullen sprinten.
Om nieuwe verwarring te voorkomen, grapte Van Aert om voortaan op Twitter te zetten of hij mee zou doen. Wat hij ook deed.
Twitter bericht wordt geladen...
We kunnen de Belg dus ook vandaag in de massasprint verwachten.
Maud Wiersma
Vorig jaar beëindigde Mark Cavendish zijn wielercarrière door nog één keer de Tour de France te rijden. Hij won voor de 35ste keer in zijn loopbaan een rit, één keer vaker dan Eddy Merckx.
Drie van die overwinningen behaalde hij in Chateauroux, de finishplaats van vandaag. Alles wijst erop dat het opnieuw een sprinter zal zijn die daar de ritwinst zal pakken. Vanuit startplaats Chinon is er maar weinig bergop te beleven. De wind kan een spelbreker of koersmaker zijn, dat ligt aan het perspectief.
In elk geval zullen de spurters hun positie op de eerste rijen van het peloton bewaken. De kans om Cavendish op te volgen, laten zij niet graag schieten.
Erik van Lakerveld
De Italiaan Jonathan Milan (Lidl-Trek) is naar de winst gesprint de achtste etappe van de Tour de France. De etappe eindigde na 171 kilometer in Laval zoals verwacht in een massasprint, nadat een ontsnapping op 80 kilometer van de finish ongedaan werd gemaakt. Meerdere renners reden lek in de slotfase.
Mathieu van der Poel reed zeer attent in de slotfase. Hij leek zijn teamgenoot Kaden Groves goed af te zetten voor de eindspurt, maar Milan bleek een stuk sterker was de duidelijke winnaar van de sprint. Wout van Aert van Visma - Lease a Bike werd tweede, Groves eindigde uiteindelijk als derde. De gele leiderstrui van Tadej Pogacar (UAE Team Emirates) kwam niet in gevaar.
Redactie
Het is de vraag of zich überhaupt renners zullen melden voor een vroege vlucht. Deze rit is helemaal ontworpen om uit te monden in een massasprint. Bijna de hele route van 171 kilometer tussen Saint-Meen-Le-Grand en Laval zal het peloton beschut van de wind rijden.
Er is slechts één officieel klimmetje in het parcours opgenomen. Maar de Côte du Nuillé-sur-Vicoin (4de categorie) zal met zijn 900 meter en 3,8 procent stijgingspercentage zelfs de grootste anti-klimmers onder de coureurs geen schrik aanjagen.
De massasprint zelf wordt lastig zat, met alle treintjes die vechten om hun plek, maar ook omdat de finishstrook licht omhoog loopt. Het komt dan aan op de juiste timing, want wie te vroeg zijn sprint aangaat haalt het niet. En wie te laat is, die is, nou ja, te laat.
Erik van Lakerveld
João Almeida, ploeggenoot van geletruidrager Tadej Pogacar, kan de Tour de France vervolgen. Bij een val in de slotfase van de zevende etappe brak Almeida een rib en liep hij een aantal flinke schaafwonden op, meldt zijn team UAE Team Emirates. ‘Hij zal het moeilijk krijgen, maar op dit moment zeggen we dat hij door kan,’ aldus ploegarts Adriano Rotunno.
De Portugees kon vrijdag de rit naar Mûr-de-Bretagne wel uitrijden, maar verloor ruim 10 minuten. Almeida is een belangrijke renner in de ploeg van Pogacar. Hij moet de Sloveen, die aast op zijn vierde eindzege in de Tour, vooral bijstaan in de bergetappes. Vorig jaar wist Almeida zijn werk als meesterknecht van Tourwinnaar Pogacar te combineren met een vierde plek in het algemeen klassement. (ANP/Redactie)
Even slingert Tadej Pogacar over de steil oplopende weg richting de finish in Mûr-de-Bretagne. Hij monstert de gezichten van de mannen achter hem. Het is nog een kilometer te rijden. Zij weten allemaal wat de Sloveen van plan is en willen hem van de zege afhouden. Maar hoe?
Niemand heeft het antwoord. Als één bewegen ze naar de eindstreep, gegangmaakt door Pogacars teammaat Jhonatan Narváez. De weg vlakt af en dan, met nog zo’n 200 meter te gaan, zet Pogacar aan. De enige die kan meekomen in zijn razende eindsprint is Jonas Vingegaard, maar eroverheen komt de Deen niet.
Pogacar neemt met zijn overwinning de gele trui terug van Mathieu van der Poel, die op 1 minuut en 20 seconden na de winnaar binnenkomt.
Erik van Lakerveld
Het heeft zeven dagen geduurd, maar vandaag verschijnt de wereldkampioen voor het eerst in een volledig wit pak. Tadej Pogacar heeft niet alleen het witte shirt aangetrokken, maar ook de witte broek.
In de eerste, tweede en vierde etappe verscheen Pogacar nog met zijn zwarte broek. De reden was wellicht het weer. Het is een ongeschreven regel dat de wereldkampioen bij kans op slecht een zwarte broek draagt. Je wilt immers niet dat je witte broek vies of nat wordt en dan doorschijnt.
Hoewel het weer in de eerste Tourweek steeds beter werd, zagen we de Sloveen nog steeds niet in zijn complete witte pak. In de derde en vijfde etappe droeg hij namelijk de bollentrui en daarom ook een bollenbroek. En in de zesde etappe moest Pogacar een andere trui aantrekken: de gele.
En dus is het pas in de zevende etappe dat de wereldkampioen in zijn volledige witte outfit van start gaat. De eerste keer dat hij dat deed, was tijdens de Ronde van Lombardije. ‘Ik denk wel dat het je alleen goed staat als je echt scherp bent’, zei hij destijds tegen het Belgische Nieuwsblad. ‘Wit maakt je wat dikker.’
Lang gold een witte broek als een faux-pas voor renners met een kampioenstrui. In 2019 maakte Mathieu van der Poel, toen nationaal kampioen, korte metten met dat taboe. In een rood-wit-blauw tricot en een helderwitte broek won hij dat jaar op fenomenale wijze de Amstel Gold Race.
Maud Wiersma
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant