Voordat president Sharaa het leger naar de druzische regio in het zuiden stuurde, koerste zijn land af op een koude vrede met Israël en wilden sommige druzen nog opgaan in een verenigd Syrië. Nu is de situatie in één week precair geworden.
is correspondent Midden-Oosten van de Volkskrant. Hij woont in Amman.
In het Midden-Oosten is een week soms een eeuwigheid. Tot een week geleden koersten de voormalige aartsvijanden Syrië en Israël af op een koude vrede, en leek er onder auspiciën van de Verenigde Staten een non-agressiepact in de maak. Maar na de bloedige gevechten in het druzische zuiden en de Israëlische bombardementen, woensdag op het hoofdkwartier van het Syrische leger in hartje Damascus (drie doden), kunnen alle plannen voor vrede weer in de ijskast.
Ten westen van de druzische stad Suwayda werd vrijdag voor de zesde dag op rij hard gevochten tussen druzische milities en bedoeïenen. Beide groepen leven al eeuwen in het gebied, en terwijl de druzen ijveren voor een vorm van zelfbestuur, zijn de bedoeïenen loyaal aan het bewind van interim-president Ahmad al-Sharaa in Damascus. Het dodental is opgelopen tot bijna zeshonderd, volgens het in Engeland gevestigde Syrische Observatorium voor de Mensenrechten.
Wat begon als een lokaal conflict, dreigt het hele land nu mee te slepen in een pikzwarte spiraal. Meer dan veertig soennitische stammen (loyaal aan Sharaa) uit andere delen van het land kondigden een ‘mobilisatie’ aan om de bedoeïenen te hulp te schieten.
Op hun beurt smeekten de meest vooraanstaande druzische sjeiks de internationale gemeenschap een ‘humanitaire corridor’ te openen, aangezien er tekort is aan voedsel, stroom en brandstof.
Het is een precaire situatie, die Sharaa zichzelf mede kan aanrekenen. Tussen zijn regering en die van de Israëlische premier Benjamin Netanyahu liepen sinds weken directe gesprekken. Er was zelfs sprake van een mogelijke historische handdruk tussen de twee leiders, in september tijdens de opening van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties in New York.
In zijn zoektocht naar erkenning door de internationale gemeenschap suggereerde Sharaa dat hij bereid was de Rubicon over te steken en een vredesverdrag met Israël te tekenen.
Maar terwijl een Syrische diplomatieke delegatie op 13 juli op neutraal terrein (Azerbeidzjan) met de Israëliërs sprak, braken er in Zuid-Syrië gevechten uit tussen druzische milities en bedoeïenen. Sharaa besloot te interveniëren.
Een misrekening, zo bleek, waarmee hij zijn glazen ingooide. Immers: datzelfde zuiden wordt sinds maanden min of meer gegijzeld door Israël, deels over de hoofden van de lokale, druzische bevolking heen. De boodschap aan Sharaa: ‘Waag het niet je daar te begeven met zware wapens.’
Sharaa deed dat toch, en stuurde drie divisies. Daarop gooide Israël alle remmen los. Er volgden bombardementen op strategische stellingen van het Syrische leger en op Damascus.
Het grenshek met de bezette Golanhoogten, waar eveneens druzen wonen, werd opengezet, waarna duizenden van hen Syrië binnenliepen, klaar om hun geloofsgenoten te hulp te schieten. ‘Het was als een droom’, aldus een druzische Syriër die het zag gebeuren tegen persbureau AFP. Sharaas troepen moesten de aftocht blazen.
Had de Syrische president Israëls ‘rode lijn’ onderschat? Of – een andere mogelijkheid – had hij zich rijk gerekend vanwege de royale steun, de voorbije weken, van de Amerikaanse regering-Trump? Gezien het feit dat Washington en Tel Aviv bij bijna alles samen optrekken, is het denkbaar dat hij dacht weg te komen met een machtsgreep in het zuiden.
In plaats daarvan openbaart zich iets heel anders, namelijk een groeiende kloof tussen Israëls modus operandi en die van de Amerikanen. Trump, gezamenlijk optrekkend met Saoedi-Arabië en Turkije, wil Syrië stabiliseren, terwijl Israël het land koste wat kost zwak en verdeeld wil houden.
Aan de gemeenschappelijke grens duldt Netanyahu geen enkele Syrische regeringssoldaat. Het is geen geheim dat zich binnen Sharaas leger (ooit opererend als het jihadistische Jabhat al-Nusra) veel extremisten bevinden, en in het getraumatiseerde Israël van na 7 oktober 2023 geldt er aan alle grenzen een zero-riskbeleid.
Voor die veronderstelde veiligheid gaat men tot het uiterste: in iets meer dan honderd dagen heeft Israël in de regio vier hoofdsteden (Beiroet, Sana’a, Teheran, Damascus) gebombardeerd, nog afgezien van de voortgaande bommencampagne op Gaza. Twee van Netanyahu’s ministers riepen deze week op Sharaa uit de weg te ruimen.
Ondanks dit alles is de weg naar de onderhandelingstafel voor Sharaa en Netanyahu niet helemaal afgesloten. Amerikaanse bemiddeling kan het verschil maken. Als gevolg daarvan gaf Israël vrijdag groen licht aan Syrische troepen om in maximaal 48 uur orde op zaken te stellen in het zuiden.
Of de druzen daar zelf bij gebaat zijn, is maar zeer de vraag. Ook in hen heeft Sharaa zich vergist. In het druzische kamp waren vóór deze week nog vooraanstaande figuren die in een verenigd Syrië wilden opgaan, maar na de sektarische moordpartijen van deze week hangt die droom aan een draadje. Bij andere minderheden zoals de christenen en de Koerden groeit nu de vrees dat zij een vergelijkbare behandelingen zullen ondergaan.
Voor gewone Syriërs is het een ware nachtmerrie. In Damascus kondigden activisten donderdagavond een dagelijkse sit-in aan, pal naast het Syrische parlement, met de oproep het bloedvergieten te stoppen. Wat hen betreft komt er zo snel mogelijk een wapenstilstand. Onmiddellijk én overal in het land.
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant