Home

Dat ik het ooit nièt zag: het essentiële verschil tussen water dat wel of niet van nature bruist

Correspondent Rosa van Gool neemt afscheid van Italië. De afgelopen vijf jaar heeft ze de Italiaanse taal in vele nuances leren kennen: als het gaat om de vele ‘prikwaterschakeringen’ bijvoorbeeld.

In bijna vijf jaar Italië heb ik veel geleerd. In de eerste plaats: woorden. Vertalingen van concepten die ik al kende, maar ook woorden om nuances mee te beschrijven die het Nederlands niet kent. Zo leerde ik van het bestaan van van nature licht bruisend water uit vulkanische grond (effervescente), en het fundamentele verschil met kunstmatig toegevoegd koolzuur (frizzante).

Ik leerde dat er mensen zijn die in een restaurant als eerste vragen welk van de tientallen merken prikwater er wordt geserveerd. Als ze bij het horen van de merknaam concluderen dat het hier om barbaarse kunstmatige prik gaat (véél te grote belletjes), vragen ze teleurgesteld om plat water.

Er is trouwens nog een derde soort, het equivalent van Spa Groen, dat het licht bruisende water uit vulkanische bronnen probeert te imiteren, waar de échte connaisseur natuurlijk niet in trapt. De vele prikwaterschakeringen zijn als woorden voor subtiele kleurverschillen, waarvan ik me inmiddels niet meer kan voorstellen dat ik ze ooit niet zag.

In de loop der jaren heb ik ook vocabulaire opgedaan voor zaken die ik liever definitief in mijn moedertaal had achtergelaten (uitstrijkje, elektriciteitsstoring, tekenbeet), en kwam ik erachter dat het geen goed nieuws is als een taal meerdere woorden kent om kakkerlakken mee aan te duiden.

Minstens zo belangrijk als de woorden die ik leerde, is mijn gegroeide begrip van wat er niet wordt gezegd. In de Italiaanse cultuur betekent dat niet per se het interpreteren van stiltes, want die vallen er zelden, maar eerder het lezen tussen bloemrijke, vlot aan elkaar geregen zinnen door.

Een regelrecht ‘nee’ krijg ik, of het nu gaat om een interviewverzoek of vraag naar de weg, zelden te horen. In plaats daarvan volgt eindeloos uitstel van de afspraak, of een goedbedoeld wijzen in de verkeerde richting.

De beroemde Nederlandse botheid blijkt een nuttige disclaimer die vooral van pas komt om een directe vraag mee in te leiden, waarvan ik weet dat hij gaat contrasteren met de omfloerste en eerbiedige aanpak van de meeste Italiaanse journalisten.

Als buitenlander kun je je die botheid, in het werk van een journalist soms onvermijdelijk, iets makkelijker permitteren, omdat je per definitie al buiten de orde valt. Je bent als een fietser in de op auto’s ingerichte verkeersjungle van Rome: raar en vaak hinderlijk, maar ook zodanig verrassend en kwetsbaar dat automobilisten zelden echt boos op je durven te worden.

Enige mate van buitenstaanderschap is voor een correspondent essentieel. ‘Om bevlogen over een regio te kunnen schrijven, moet je je er volledig in onderdompelen’, schreef oud-Latijns Amerikacorrespondent Marjolein van de Water bij haar afscheid. ‘Tegelijkertijd is het zaak de wereld om je heen te beschouwen als een onuitputtelijke bron van personages en verhaalwendingen.’

De correspondent zoekt een plaats op genoeg afstand van de cultuur om verbazing te blijven voelen en de vragen te stellen die u, de lezer, heeft. Tegelijkertijd moet die plek nabij genoeg zijn om de antwoorden tot in detail te begrijpen en terug naar uw belevingswereld te vertalen. Noem me naïef, maar ik geloof niet dat een groot taalmodel, hoe kunstmatig intelligent ook, die vaardigheid ooit zal beheersen.

Over kunstmatig gesproken: sinds een paar jaar staat er in mijn buurt een waterfontein met twee kranen, één voor plat water, één met koolzuur. Het is een collectieve sodastream, het apparaat dat mijn Nederlandse vrienden ieder in hun eigen keuken hebben staan.

Fijnproevers vullen er hun flessen afwisselend onder beide kranen, om zo precies hun gewenste gepersonaliseerde bubbelgraad te verkrijgen. Terwijl ik in de rij sta te wachten, bij 35 graden onder de brandende zon, duw ik mijn ongeduld weg achter mijn verwondering.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next