Home

Van der Poel merkt te laat dat er nog twee renners voor hem rijden en wordt derde

Even dacht Mathieu van der Poel in Toulouse voor de zege te rijden, tot hij merkte dat er nog twee man voor hem reden. Ondanks een furieuze achtervolging kon hij niet aansluiten. De zege ging naar Jonas Abrahamsen.

is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft vooral over schaatsen, atletiek en roeien.

Rustdagje gehad, maar daar is Mathieu van der Poel weer. In de finale zet hij aan op de steile Côte Pech David. Hij rijdt de mannen om hem heen uit zijn wiel en komt met een voorsprong boven op het laatste klimmetje van de dag. Maar ja, er zitten dan nog wel twee man voor hem: Mauro Schmid en Jonas Abrahamsen. Dat weet Van der Poel op dat moment niet. ‘Ik dacht dat het voor de zege was’, zegt hij na afloop bij Eurosport.

Al snel heeft hij wel door dat hij niet de leider in de koers is, maar dat hij voor de zege eerst Schmid en Abrahamsen moet achterhalen. Dat Zwitsers-Noorse duo is al de hele dag in de aanval en begint met een kleine halve minuut aan de laatste acht kilometer.

Het gat slinkt terwijl Van der Poel, bevrijd van zijn eerdere medejagers en in de wetenschap dat hij op plaats drie fietst, alles geeft om vooraan te komen. Het lukt net niet. Op een een meter of dertig voor zich ziet hij hoe Abrahamsen net het sprintje wint van Schmid. De Nederlander houdt de benen stil en volgt met het hoofd gebogen op zeven seconden.

Côte Pech David

Veel van de coureurs zullen op de rustdag een kijkje genomen hebben bij de Côte Pech David. Een naar klimmetje van 800 meter midden in Toulouse, start- en finishplaats van de elfde etappe. Niet alleen het stijgingspercentage van gemiddeld 12,4 procent en maximaal 20 procent boezemt schrik in, maar ook de bochtige aanloop en afzink.

Op papier zou dit een rit zijn waar de sprinters ook een kans maakten. Vooral omdat de laatste acht kilometer echt voor hen gemaakt leken: brede rechte wegen waarop Mark Cavendish (2008) en Caleb Ewen (2019) al eens wisten te winnen. Om weer te sprinten was een beetje geluk en goede plaatsing bij die laatste klim cruciaal.

Maar de sprintploegen kwamen helemaal niet toe aan het gevecht voor de plekken in aanloop naar die meer dan haaks naar rechtsdraaiende bocht aan de voet van de Pech David. De spurters hoeven zich niet vast te bijten in het wiel van hun helpers op de beklimming, de zege is als zij aankomen al lang vergeven.

Valpartij Pogacar

De klassementsrenners roerden zich er nog wel, maar wisten geen grote verschuivingen teweeg te brengen. Zelfs de valpartij van Tadej Pogacar, net na de klim, bleef zonder tijdsverlies. De Sloveense wereldkampioen kon weer aansluiten bij de groep met onder anderen Jonas Vingegaard en Remco Evenepoel.

Na een dagje rust liet niet alleen Van der Poel zien weer over voldoende energie te beschikken. De eerste uren van de elfde etappe was het volop koers. Direct vanuit de start in Toulouse was duidelijk dat er veel renners hoopten op een plekje in de kopgroep. Al snel pakten Schmid, Abrahamsen en Davide Ballerini een klein gaatje.

Daarachter weigerden talloze renners zich bij deze situatie neer te leggen. Aanval volgde op aanval. Het gat van de koplopers bleef daardoor voortdurend klein, meermaals brak het peloton in stukken. Fred Wright en Mathieu Burgaudeau maakten in die fase de oversteek, maar daarna bleek dat ook Van der Poel kan zich kon inhouden en met een viertal kompanen (Wout van Aert, Quinn Simmons, Arnaud De Lie en Axel Laurence) op weg ging naar de kopgroep van vijf.

Geen sprinters

Deze achtervolgende groep ontstond in een onrustige fase waarin zelfs de belangrijkste klassementsrenners zich lieten gelden. Achter het leidende vijftal ontstond even een groep met onder meer Vingegaard, geletruidrager Healy en Kevin Vauquelin. Pogacar moest zich na een plaspauze reppen om ook in die groep te geraken.

Uiteindelijk bonden de klassementsmannen in en kreeg de groep met Van der Poel en Van Aert de ruimte om de oversteek naar de kop te maken. Daar deden ze lang over. Niemand in het achtervolgende groepje wilde de benen te veel belasten in de oversteek naar de vijf vooraan. Pas op de Côte de Vieille-Toulouse was het loeren naar elkaar voorbij en ontplofte de boel op de Pech David.

Schmid en Abrahamsen waren van de kopgroep de enige overblijvers, Van der Poel de enige die zich losmaakte bij de achtervolgers. De Pech David was inderdaad de bepalende factor in de rit, maar niet voor de sprinters. Zij moeten geduld hebben tot de 17de rit, over precies een week. En Van der Poel zal zich met de ritten in het hooggebergte waarschijnlijk ook wel een paar dagen koest houden. Voor de verandering.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next