is eindredacteur, zomercolumnist en televisierecensent van de Volkskrant.
Er zit iets neerbuigends in het idee dat het verfrissend is om met mensen om te gaan met een totaal andere mening dan de jouwe. Zo van: kijk hoe ruimdenkend ik ben, hoe nobel door me open te stellen voor hen die het niet zo goed weten als ik. Ik kom er gewoon voor uit, ik wil bevestigd worden in mijn denken, vrienden moeten dienen voor ‘Ja, precies!’ en niet voor ‘Denk je dat echt?’ Want als dat niet het geval is, bleek dit weekend maar weer, dan ga ik huilen.
De treinreis naar het festival begon met dingen waarover we het wel eens waren. Mijn drie vrienden en ik hadden een vierzits gevonden, we konden onze tenten en slaapzakken kwijt op de stoelen aan de andere kant van het gangpad. Een sfeer van opluchting, van ontspannen schouders na het afdoen van een zware tas, van zo, nu even een slokje water. We boften.
De trein had al zo’n driekwart van de route opgeslokt toen het gesprek op de liefde kwam. Mijn goede vriend heeft twee jaar verkering, dat moest gevierd. Ik vroeg hoe hij dat van plan was te doen, hoe hij haar zou laten zien dat hij van haar hield.
‘Ik heb ChatGPT om wat cadeau-ideeën gevraagd’, zei hij.
Een van de dingen die de omgang met bèta’s zo zwaar maakt, is hun heilige geloof in efficiëntie, zelfs als het op gevoelskwesties aankomt. Handig staat gelijk aan goed, aan vooruitgang. Ik sputterde tegen, had hij dan niet zelf de moeite kunnen nemen, een geslaagd cadeau is toch vooral de gedachte die eraan voorafgaat, en meer van dat soort kleuterjufwijsheden.
Tevergeefs, want: ‘Wat maakt het nou uit, als ze maar blij is met wat ik haar geef. Daar draait het toch om.’
Ik werk voor de Volkskrant als eindredacteur. Ik verander gedachtestreepjes in komma’s, ik schrijf intro’s en koppen, ik check of de geboortedatum van een obscure auteur klopt, trek aan de bel bij onjuistheden. Ik strijk glad. Het is werk waarover mensen zeggen: ben je niet bang dat kunstmatige intelligentie dat overneemt?
En dus reageerde mijn andere vriend: je ziet jezelf gewoon bedreigd. Probeer toch eens de realiteit te zien, de werkelijkheid niet te ontkennen. AI is een technologische revolutie.
En weer viel dat woord: handig.
Eind juni bleek uit onderzoek van de VRT dat de Vlaamse Elle op haar website fictieve lifestylejournalistes opvoerde, Marta Peeters en Sophie Vermeulen, compleet met portretjes en auteursbio’s (Sophies ‘passie voor mode en beauty wordt aangevuld door een liefde voor reizen en literatuur’, wat een vrouw). De 403 artikelen die Sophie sinds begin 2025 schreef voor Elle, waren eigenlijk door AI gegenereerd. Of mijn vrienden dat niet kwalijk vonden, zielloos.
‘Als het de mensen nu pas opvalt, is het toch niet zo’n punt?’
Er is veel rationeels tegen AI in te brengen en dat is al door velen heel goed gedaan, dus ik zal het laten. Wat voor mij, zelfs als professioneel gladstrijker, ontbreekt: het gevoelsargument. Waarschijnlijk omdat op gevoelsargumenten altijd wordt gezegd: dat is een gevoelsargument! Daarop zeg ik nu: nou en. Want wanneer zijn we opgehouden te hechten aan júíst dat gevoelsargument, aan rafeligheid, eigenheid, aan wat het leven het leven maakt in plaats van een model? Aan lullige cadeaus die achter in de kast mogen eindigen. Aan verdwalen, missers maken, de moeite doen iets te begrijpen en onthouden in plaats van op te zoeken. Aan mens-zijn.
Slim uitgekiend van die chatbots, ons laten geloven dat wat ons eigen maakt, ons gevoel, eigenlijk maar inefficiënt is.
‘Want eigenheid, dat is toch waar leven om draait?’, besluit ik mijn betoog.
Ergens in een treincoupé ter hoogte van Nijmegen wordt een jonge vrouw door haar vrienden voor naïeve romanticus uitgemaakt.
Een echt cadeau, een echt artikel, ik besefte dat het mijn gezelschap om het even was.
We waren op weg naar een festival, juist om die menselijke ervaringen op te doen. Ik begreep ze niet, en ja, toen huilde ik, want ik had geen argumenten meer. Alleen gevoel, zoals het een romanticus betaamt.
Deze zomer schrijven Lotte Krakers en Haro Kraak om en om de wisselcolumn Kraak & Krakers. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant