Vergrijzing zet Nederland onder grote druk, zowel in de zorg als op de woningmarkt. Nederland wil daarom 290.000 seniorenwoningen bouwen, maar experts merken op dat dat moeilijk gaat. De aandacht ligt bij starters. Begrijpelijk, maar niet verstandig.
De komende decennia verdriedubbelt het aantal 85-plussers. Niet alleen wordt de groep ouderen groter, maar ook de gemiddelde leeftijd van de groep stijgt, blijkt uit een rapport van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Door deze 'dubbele vergrijzing' neemt de vraag naar zorg sterk toe.
"We kunnen de druk op de zorg verlichten door meer seniorenwoningen te bouwen", zegt Heleen Stigter, secretaris van het Aanjaagteam Wonen Welzijn Zorg voor Ouderen. Samen met gemeenten, beleggers, zorgorganisaties, marktpartijen en woningcorporaties werken ze aan oplossingen.
"Neem bijvoorbeeld het toenemende aantal mensen met dementie", zegt Stigter. Door vergrijzing verdubbelt het aantal mensen met dementie in de komende vijftien jaar waarschijnlijk, tot 520.000. "Als je dat afzet tegen de huidige 130.000 verpleeghuisplaatsen, en dat aantal gaat niet toenemen, dan is duidelijk dat voor veel mensen geen plaats zal zijn. Dan heb ik het nog niet eens over de mensen met andere mentale of fysieke problemen."
Stigter verwijst naar een onderzoek van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) uit 2021. Daaruit blijkt dat, als er niets verandert, over veertig jaar een op de drie mensen in de zorg moet werken om aan de vraag te voldoen. Nederland moet dan bijna de hele welvaartsgroei inzetten om de stijgende zorgkosten te kunnen betalen.
Zorgzame woongemeenschappen bieden uitkomst. "Natuurlijk is dat niet hetzelfde als professionele zorg", zegt Stigter. "Maar het helpt als mensen naar elkaar omzien. Geen stevige sociale controle, maar oog voor elkaar." Het Aanjaagteam wil zulke oplossingen stimuleren, door nieuw te bouwen en de bestaande woningvoorraad aan te passen.
Voorlopig komt er weinig terecht van de bouw van seniorenwoningen, constateerde ABN AMRO medio 2024. De bouwplannen voor dat jaar schoten met zo'n 2.800 woningen "ernstig tekort". Voor 2025 waren er plannen voor 3.000 woningen.
Overheden, brancheorganisaties en de bouwsector zijn het erover eens dat er wat moet gebeuren. Op de woontop in december spraken ze af tot en met 2030 290.000 seniorenwoningen te gaan bouwen. Geen makkelijke opgave.
Behalve het betaalbaar houden van zorg heeft het bouwen van seniorenwoningen nog een belangrijk voordeel. "Het verhuizen van een senior brengt de meeste verplaatsingen op gang", zegt Stigter. "Als een senior verhuist, komt een woning vrij. Een gezin kan naar dat vrijgekomen huis verhuizen. Iemand in een betaalbare woning kan doorverhuizen naar de gezinswoning en een starter kan naar de betaalbare woning."
Daarom zijn geschikte seniorenwoningen "dé strategische sleutel om de woningmarkt los te trekken", schrijft de Nederlandse Vereniging van Makelaars (NVM) half juni. De focus bij bouwen ligt nu te veel op starters. Begrijpelijk, aangezien die alsmaar meer moeite moeten doen om een kans te hebben op de woningmarkt.
Maar bouwen voor starters lost alleen de problemen aan de oppervlakte op, stelt de NVM. Omdat er te weinig geschikte woningen zijn voor ouderen, steken zij hun geld liever in het verbeteren van hun woning. Niet voor niets heeft verbouwen steeds vaker de voorkeur boven verhuizen. Daardoor blijven meerdere woningen bezet. "Bouwen voor ouderen doorbreekt deze impasse."
Een belangrijk misverstand is dat de vergrijzing zichzelf zou oplossen na 2040, als de babyboomgeneratie er niet meer is. Dat zou bouwen voor ouderen financieel minder interessant maken. Dat het een misverstand is, blijkt ook uit het PBL-rapport. In 2021 waren er 400.000 85-plussers, maar in 2060 zullen dit er minstens 1,1 miljoen zijn. Misschien zelfs 1,4 miljoen.
"Seniorenwoningen bouwen is dus ook op de lange termijn financieel interessant", zegt Stigter. Toch merkt ze dat het langzaam gaat. "De nieuwbouw blijft duidelijk achter. Woningcorporaties investeren wel steeds meer, maar private partijen zijn voorzichtig. Sommige ontwikkelaars zijn bijvoorbeeld gewend aan overleg met gemeenten en woningcorporaties, maar vinden overleggen met zorgorganisaties lastiger."
"Gezien de vergrijzing die op ons afkomt, is de situatie onhoudbaar", zegt hoogleraar woningmarkt Peter Boelhouwer van de TU Delft. "Het was een verkeerde beslissing om de verzorgingshuizen in 2014 af te schaffen en in te zetten op levensloopwoningen. Mensen kunnen daar lang blijven wonen, maar ze worden eenzaam en zorg is moeilijk te organiseren. De stap tussen een eigen woning en een verpleeghuis ontbreekt."
Boelhouwer zit in de adviesraad van Stichting Knarrenhof, die werkt aan een oplossing voor de woonbehoefte van mensen boven de vijftig. Het concept "geeft een antwoord op het verschralen van pensioen, de vergrijzing, de toename van eenpersoonshuishoudens en het risico op vereenzaming", schrijft de stichting.
Gemeenschappelijke ruimtes zijn een belangrijk onderdeel van de oplossing. Maar ervoor zorgen dat zulke ruimtes er komen is niet makkelijk, zegt Boelhouwer. "Gemeenschappelijke ruimtes kosten geld. Sommige corporaties investeren wel, maar met name in de private sector is dat lastig. Er is een financieringsprobleem."
De Rijksoverheid heeft een subsidie ingesteld om te zorgen dat er geschikte seniorenwoningen komen. Die subsidie is goed, vindt Boelhouwer, maar zij moet krachtiger. "Het kabinet kan meer doen."
"De doelstelling van 290.000 woningen is er wel degelijk, maar marktpartijen pakken het onvoldoende op. Zorg voor beschikbare grond. Zorg dat er meer geld komt voor gemeenschappelijke ruimtes. Zorg dat investeringen aantrekkelijk zijn voor private verhuurders. De behoefte is er echt - vergrijzing is dé opgave van de toekomst."
Source: Nu.nl economisch