De Amerikaanse acteur Michael Madsen viel vooral op in films van regisseur Quentin Tarantino. Met zijn imposante gestalte en broeierige blik was hij ideaal voor het misdaadgenre.
is filmredacteur van de Volkskrant.
De scène met het afgesneden oor, zo bepalend voor de reputatie van de donderdag aan een hartstilstand overleden Amerikaanse acteur Michael Madsen (67), stond nog even ter discussie. Miramax-studiobaas Harvey Weinstein eiste dat het moment verwijderd zou worden uit de culthit in spe Reservoir Dogs: te gruwelijk voor het publiek. Maar debuterend regisseur Quentin Tarantino hield voet bij stuk.
En zo stal Mr. Blonde de show, meer nog dan zijn collega’s Mr. White, Mr. Orange en Mr. Pink, in de non-lineair vertelde film noir uit 1992 over een mislukte juwelenroof. Een van de meest sadistische en toch ook humoristische momenten in de filmgeschiedenis: Madsen met dat uitgeklapte scheermes, koddig en cool dansend op Stuck in the Middle With You van Stealers Wheel voor de aan een stoel vastgebonden agent.
Iets later zegt hij tegen de losse oorschelp: ‘Kun je me horen?’ Juist als Madsen glimlachte, en er iets charmantkinderlijks zichtbaar werd in zijn half dichtgeknepen filmsterrenblik, maakte hij de meest verontrustende indruk.
Reservoir Dogs, de doorbraak van de acteur in Hollywood, kende een vertraagd effect. De brede waardering voor die film ontstond pas in het kielzog van Pulp Fiction, waarmee Tarantino in 1994 de koers van de Amerikaanse cinema verlegde. Madsen was de eerste gegadigde voor de rol als gangster Vincent Vega, maar koos voor een bijrol in de geflopte western Wyatt Earp. Tweede keus John Travolta beleefde dankzij de film een grandioze comeback, inclusief Oscarnominatie.
Tarantino, gekwetst door Madsens afwijzing, haalde de acteur later toch weer bij zijn gezelschap. Eerst als de verlepte broer van Bill, in Kill Bill (Volume I en Volume II), daarna als cowboy en bendelid in het herbergkammerspiel The Hateful Eight (2015). Ook was er nog een minirolletje als sheriff in Bounty Law: de westernpastiche in de film Once Upon a Time in… Hollywood (2019).
Michael Søren Madsen groeide op in Chicago, waar hij in zijn jonge jaren meermaals in aanraking kwam met de politie. Vader was brandweerman. Moeder (Elaine Madsen) werd na hun vroege scheiding documentairemaker en schrijver.
Het was acteur John Malkovich die Madsen een eerste duwtje gaf richting het podium, door de ‘voor de meiden’ in het theater rondhangende knul kortstondig onder zijn hoede te nemen bij het lokale toneelgezelschap Steppenwolf. Acteerles bleek niks voor Madsen, die audities haatte. Iets voorspelen was aanstellerig.
Na een rolletje in de hackershit War Games (1983) vertrok Madsen naar Los Angeles, waar hij aanvankelijk werkte als pompbediende in Beverly Hills. Daar viel hij op, met zijn imposante gestalte en koele broeierige blik: ideaal voor het misdaadgenre.
Bang om te worden getypecast, haalde Madsen alles uit de kast om regisseur Ridley Scott ervan te overtuigen dat hij niet de verkrachter moest spelen in Thelma & Louise (1992), maar juist het sympathieke muzikantenvriendje van Susan Sarandons Louise.
Ze zijn op een hand te tellen in Madsen loopbaan: de meer invoelende personages. Privé viel de acteur enigszins samen met zijn robuuste filmimago: een man die motor reed en optrok met de New Yorkse Hells Angels-president Chuck Zito.
De ontzagwekkende hoeveelheid films op filmwebsite IMDB, meer dan driehonderd sterk in kwaliteit uiteenlopende titels, kwam voort uit die omstandigheden. Madsen, tweemaal gescheiden en vader van een sliert kinderen, acteerde ook om de alimentatie, rechtszaken en schoolgelden te betalen. Hij was beschikbaar voor iedere B-filmer die een grote naam kon gebruiken op de filmposter. Hij begon ook een eigen sauzenlijn: American Badass.
Madsen trad op in grote titels als Free Willy (1993), Species (1995) en Die Another Day (2002), als de chef van agent en Bond-girl Halle Berry. En hij was voortreffelijk als joviale en argwanende gangster in Mike Newells maffia-drama Donnie Brasco, naast Al Pacino en Johnny Depp.
De hoofdrol bleef een schaars goed voor Madsen: zo werd hij niet gezien in Hollywood. Zo knikkerde Oliver Stone hem doodleuk uit Natural Born Killers toen de studio de regisseur meer salaris en budget beloofde als hij voor Woody Harrelson ging.
Maar altijd, ook als Madsen diep wegzonk in de onderste regionen van de filmindustrie, was er weer Tarantino die inzag hoezeer zijn oeuvre floreerde bij een dosis Madsen. Lange tijd klampte de acteur zich vast aan Tarantino’s voornemen om hem en Travolta samen te brengen als de misdaadbroers Vincent en Vic Vega, maar dat plan verjaarde.
In interviews toonde Madsen zich een man met twee gezichten. Aan de ene kant wat miskend: hoe kon het dat topregisseur Martin Scorsese hem nooit voor iets vroeg? En waarom zat iedereen in The Sopranos, behalve hij? Maar zulk gemopper ging gepaard met een berustende grijns: zo slecht had hij het niet getroffen.
‘Hij was donder en fluweel’, reageerde Virginia Madsen, de acterende zus van Michael na de bekendmaking van het overlijden van haar broer in vakblad Variety. ‘Een dichter vermomd als outlaw.’
Luister hieronder naar onze podcast Culturele bagage. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant