Home

‘Altijd is Kortjakje ziek’ wordt verdrongen door ‘Olifantje in het bos’: wie zit er achter deze populaire nieuwe versie?

Binnen één generatie lijkt Altijd is Kortjakje ziek te verdwijnen. In plaats daarvan zingen kinderen nu massaal Olifantje in het bos, op dezelfde melodie. Hoe heeft het olifantje zo’n opmars gemaakt? En wie heeft deze nieuwe tekst eigenlijk geschreven?

is redacteur klassieke muziek van de Volkskrant.

Olifantje in het bos
Laat je mama toch niet los
Anders raak je de weg nog kwijt
En dan krijg je later spijt
Olifantje in het bos
Laat je mama toch niet los

Een weergaloze tekst is het niet. Het drama blijft beperkt tot een wat-als-scenario; wat voor ontberingen het olifantje te wachten staan (honger, stropers?), wordt niet vermeld. Toch wordt deze tekst massaal op kinderdagverblijven en basisscholen gezongen.

Dit in tegenstelling tot een eeuwenoude tekst op dezelfde melodie: Altijd is Kortjakje ziek. Kortjakje is dood, vertrapt door een kudde ontheemde olifanten.

Wie de afgelopen jaren niet met kinderen te maken heeft gehad, zal Olifantje in het bos waarschijnlijk niet kennen. Maar binnen één generatie lijkt de tekst ervan die over Kortjakje – met haar boek vol zilverwerk – te hebben vervangen. Hoe is dat zo gekomen? En wie heeft dat lied eigenlijk geschreven?

De opmars van het olifantje blijkt uit opnamen, maar ook steeds meer kinderboeken krijgen de titel mee en zijn gebaseerd op het gegeven van een olifantje dat verdwaalt. Vanaf deze week draait de film Olifantje in het bos in de bioscopen. En ook daarin is de aloude melodie te horen.

Niet gecomponeerd door Mozart

Een groot misverstand over die melodie: dat ze door Mozart zou zijn geschreven. Het liedje dateert mogelijk al uit 1740, zestien jaar voor Mozarts geboorte. De tekst is dan nog een liefdesgedicht. In 1774 verschijnt in Brussel de eerste combinatie met de tekst Ah! Vous dirai-je maman, een parodie waarin een kind zegt dat snoep boven rede gaat.

Toch heeft Mozart wel degelijk bijgedragen aan de overlevering van de melodie. Hij maakte een reeks flitsende variaties voor piano op Ah! Vous dirai-je maman.

De melodie werd populair in heel Europa en ver daarbuiten. Ieder taalgebied plakte er zijn eigen teksten op: contrafacten, in wetenschappelijke terminologie. In Duitsland maakte de grote August Heinrich Hoffmann von Fallersleben er Morgen kommt der Weihnachtsmann van. In Engeland werd het Twinkle, Twinkle, Little Star.

En in Nederland dus een lied over Kortjakje – een prostituee. Toch?

Kortjakje de sekswerker

‘Of het daadwerkelijk over een hoer zou gaan, is niet zo makkelijk te zeggen’, zegt Martine de Bruin. Zij is verbonden aan het Meertens Instituut, het onderzoekscentrum voor Nederlandse taal en cultuur. Ze specialiseert zich onder meer in liedcultuur.

‘De tekst van Kortjakje komt uit de 18de eeuw, maar is sindsdien vaak veranderd’, zegt De Bruin. ‘In de variant die we nu nog kennen, uit de late 19de eeuw, is ze ziek, of nep-ziek, maar heeft ze toch op zondag tijd om naar de kerk te gaan met een dure bijbel. De exegese dat ze een liggend beroep zou hebben, komt echter pas uit de tweede helft van de 20ste eeuw.

‘Uit de oudste varianten doemt een iets ander beeld van Kortjakje op. Daar lijkt ze eerder symbool te staan voor de dronken, slonzige vrouw. Ze is iemand die bij de brug woont, daar waren de publieke toiletten. We vermoeden niet dat ze een historisch persoon is, ze is eerder een stereotype, zoals Jan Klaassen.’

Was Kortjakje een kinderliedje? ‘De tekst is voor een volwassen publiek geweest, maar kinderen zullen het ook hebben gezongen.’

De Bruin kent weinig andere voorbeelden van een tekst die zo snel wordt verdrongen, zegt ze. ‘In Nederland gaan die veranderingen meestal via het onderwijs. Mensen zijn zich er trouwens vaak niet van bewust dat ze meerdere liederen kennen op dezelfde melodie. Het zingen van het alfabet gebeurt ook op de Kortjakje-melodie, maar men ziet dat toch als een heel ander lied.’

Oudste opname van het olifantje

Weet De Bruin dan wanneer het olifantje zijn intrede deed? Ze zoekt het na in de archieven. In een bekend kleuterliedboek voor scholen (Hoy een lied) uit 1974 ontbreekt van het olifantje nog ieder spoor. Het oudste Olifantje in het bos waar De Bruin op stuit, komt pas uit 1996 en is verschenen in een boek met kinderversjes van Jolet Leenhouts.

In het archief van Muziekweb, dat de grootste collectie cd’s en lp’s beheert in Europa, komt de oudste opname van het lied uit 1997. Boem ra ta ka ta heet het album, met als ondertitel ‘kinderen zingen veertig vrolijke peuterliedjes’.

De producent van die cd is te achterhalen: Trude van Waarden. Ze belt vanaf haar vakantieadres in Frankrijk. Weet zij wie de auteur is? ‘Geen idee’, zegt ze. ‘Het bestond allang voor ik het heb laten opnemen. Het werd al gezongen op peuterspeelzalen. Ooit moet iemand dat hebben bedacht en is het een eigen leven gaan leiden.’

We bellen met juffen en meesters die actief waren in de jaren tachtig en negentig. Allen zeggen hetzelfde: dat ze het pas hebben leren kennen in de jaren negentig of zelfs later. Sjef Hermans uit Middelburg, inmiddels 70, weet vrij zeker dat hij Olifantje in 1992 voor het eerst hoorde. ‘Ik heb het van de kinderen geleerd’, zegt hij. ‘Die kwamen dan ook met eigen variaties: ‘Olifantje in de stad, eet toch niet zo veel patat’.’

Wie zou dan de auteur kunnen zijn? We nemen contact op met muziekauteursrechtenorganisatie BumaStemra. Olifantje in het bos staat maar liefst dertig keer in de catalogus. Op verzoek van de Volkskrant loopt BumaStemra alle varianten na. Overal staat ‘Domaine public’ bij, wat betekent dat de oorspronkelijke schrijvers meer dan zeventig jaar geleden zijn overleden. Als bewerker kun je honderd procent auteursrechten claimen op jouw versie, tenzij je een bewerking maakt van een eerdere bewerking.

Schrijnend verhaal

Dat de muziek zich in het publieke domein bevindt: nogal wiedes. Maar de tekst? Het is heel goed mogelijk dat de oorspronkelijke schrijver nog leeft. Maar BumaStemra heeft geen idee wie de auteur is.

Vast staat dat het olifantje in de vroege jaren van deze eeuw begint te rollen. Schrijnend is een verhaal uit 2001 in het Algemeen Dagblad. Dat gaat over het jongetje Huub uit Putten dat in 1998 is overleden aan de gevolgen van leukemie. Als eerbetoon aan hun vriendje zongen de kinderen van zijn kinderdagverblijf een cd vol met de titel: Olifantje in het bos. Van de cd zouden duizenden exemplaren zijn verkocht, schrijft de krant.

Langzamerhand wordt het olifantje bekender. Zo verschijnt er in 2007 een boek van Imme Dros: Olifantje in het bos. In 2009 verwondert columnist Marjan Berk zich in de Provinciale Zeeuwse Courant over de nieuwe tekst, waaraan ze nog steeds niet kan wennen.

Juf Roos

Maar de genadeklap voor Kortjakje? Die vindt pas plaats na 2016.

De dader? Juf Roos.

Juf Roos is een kinderprogramma op televisie en internet. In de afleveringen, ook op YouTube te zien, volgen we een kleuterjuf – Roos, dus – die in een molen woont en de hele dag kinderliedjes zingt. Haar sidekick is een ranger met een opvallend Duits accent. De hoofdrol wordt vertolkt door Melissa Drost (40).

‘Toen we in 2014 begonnen met dit programma, dacht ik: wie gaat er naar deze psychedelische trip kijken?’, zegt Drost. ‘Maar het is nogal een succes geworden. Ik ben een soort nieuwe Bassie en Adriaan.’

Haar versie van Olifantje in het bos is op Spotify 13,4 miljoen keer gestreamd. Op YouTube heeft de clip 8,7 miljoen views. Opvallend: in 2023 kwam er ook een Juf Roos-versie van Altijd is Kortjakje ziek. Maar die is op Spotify veel minder beluisterd: 271 duizend keer.

Hoe dan ook volgde op de opname van Juf Roos de ene na de andere versie van Olifantje in het bos. ‘Ik kan me voorstellen dat Olifantje in het bos wat geschikter is voor deze tijd en voor de multiculturele samenleving’, zegt Drost. ‘Mijn dochter, die nu 12 is, vroeg ook een keer aan mij: wat bedoel je nou met dat boek vol zilverwerk? Het is gewoon te ingewikkeld.’

Wanneer leerde zij de nieuwe tekst kennen? ‘Ik heb Olifantje gewoon op school geleerd’, zegt ze. ‘Dus begin jaren negentig, in Schagen. Dat weet ik zeker.’

De liedjes raken op

Drost, die haar acteercarrière combineert met een studie internationaal recht, is niet verantwoordelijk voor de liedkeuze van Juf Roos; daar gaan Blooming Media en Sony over. ‘Anders had ik ook nooit het lied Hokey Pokey opgenomen. Ik háát dat lied, afschuwelijk. Ik dacht: moet dit echt? Laat ik daar nou net thuis een gouden plaat voor hebben. Het is ons meest gedraaide liedje.’

In het repertoire van Juf Roos staan oud-Hollandse kinderliedjes centraal, het liefst nummers die ook met een beroep te maken hebben. ‘Waar we nu tegenaan lopen, is dat de bekende liedjes op beginnen te raken. Nu worden er ook nieuwe liedjes gemaakt.’ Met de nieuwe speelfilm heeft het team achter Juf Roos overigens niets te maken.

De kinderliedjes van nu zijn veel vriendelijker, ziet Drost. ‘Mijn moeder zong vroeger nog Mieke, hou je vast: ‘Als Mieke valt, dan valt ze in de sloot, dan is ze dood’. Dat zou nu niet meer kunnen. Maar in Olifantje in het bos zie je eigenlijk hetzelfde: het is waarschuwend, opvoedkundig. De moraal van het verhaal is dat je niet moet weglopen.’

Vaker over dieren

Drost ziet nog een trend. ‘De liedjes van nu gaan veel vaker over dieren dan over mensen. We gaan van antropocentrisch naar ecocentrisch. En in die oude kinderliedjes kom je veel namen tegen die nu weinig meer voorkomen, daardoor voelen ze gedateerd aan.’

Toch is Kortjakje nog niet verloren, denkt Martine de Bruin van het Meertens Instituut. ‘We kunnen makkelijk zien hoe vaak Olifantje in het bos of Kortjakje wordt opgenomen, maar er zijn ook andere indicatoren. Er zijn ongetwijfeld nog veel opa’s en oma’s die Kortjakje voor hun kleinkinderen zingen.’

Rest de vraag wie de tekstschrijver is van Olifantje in het bos. De auteur kan zich bij de Volkskrant melden. En bij BumaStemra, waar een grote zak geld wacht.

De film Olifantje in het bos (regie Meikeminne Clinckspoor) draait nu in de bioscopen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next