De liefde van een ouder is onvoorwaardelijk. Maar wat als je kind zich schuldig maakt aan een ernstig delict en in de gevangenis belandt, zoals in de Netflix-hitserie Adolescence?
Ineke: ‘Toen Max (een gefingeerde naam) 13 was, ging het slecht met mijn gezondheid. Ik moest een openhartoperatie ondergaan en het was nog maar de vraag of ik daar levend uit zou komen. Anderhalf jaar later kreeg ik opnieuw slecht nieuws: ik had baarmoederhalskanker. Max kon slecht met alle onzekerheid omgaan – hij is een moederskindje en was bang me kwijt te raken.
‘Via een vriendje kwam hij in aanraking met drugs. Wat begon met een onschuldige joint, eindigde in een verslaving aan diverse middelen. Pas toen er jaren later 800 euro miste uit onze spaarpot, bestemd voor de wintersportvakantie, ontdekten we wat er speelde.
‘We hebben er alles aan gedaan om hem te helpen: Max ging in therapie en bezocht afkickklinieken. Zonder succes. Om zijn drugs te bekostigen, deed hij inmiddels klusjes voor zijn dealer. Zo overviel hij tankstations en stal hij diesel uit vrachtwagens.’
Frans: ‘Op een avond stonden er agenten aan de deur omdat Max verdacht werd van betrokkenheid bij een overval op een snackbar. De politie waarschuwde ons dat het de verkeerde kant met hem opging. Dat hadden we zelf ook door, maar ja, wat doe je? We voelden ons machteloos.
‘Nog diezelfde avond hebben we een uitvaartverzekering voor hem afgesloten. Ik was als de dood dat de agenten ons de volgende keer zouden komen vertellen dat Max langs de kant van de weg was gevonden.’
Ineke: ‘Even leek het beter te gaan met Max. Hij kwam weer bij ons wonen en vond werk. Maar toen ik op een ochtend in 2016 ontdekte dat hij niet thuis was geweest, gingen er alarmbellen rinkelen. Op Teletekst zagen we dat er een overval was gepleegd in Schijndel. Waar we voor vreesden bleek te kloppen: Max zat erachter.’
Frans: ‘Met twee handlangers had hij het gemunt op een woning met een Range Rover op de oprit. De overval was amateurisme ten top. Tijdens het verkennen van de buurt zijn ze al gesignaleerd door buurtbewoners, die de politie waarschuwden.
‘Eenmaal binnen hebben ze een bewoner in elkaar geslagen en met een mes bedreigd. Ze hebben maar een euro of vijf buitgemaakt, plus de sleutel van de Range Rover. Die kregen ze niet aan de praat. Uit frustratie hebben ze toen een mes in de voordeur gestoken en zijn ze weggegaan. Bij het verlaten van de straat liepen ze in de armen van de politie.’
Ineke: ‘Ons eerste bezoek aan Max tijdens zijn voorarrest was onwerkelijk. Toen ik hem zag, voelde hij niet eens als mijn kind. Hij zei meteen dat hij spijt had en wilde een kus, maar dat weigerde ik. Het enige wat ik wilde, was een verklaring. Waarom dóé je zoiets? Hij zei dat hij in geldnood zat en niet goed over de consequenties had nagedacht.
‘Tijdens de rechtszaak hoorden we allemaal feiten waarover Max tegen ons had gelogen. Zo bleek hij zelf degene die geweld had gebruikt en het mes in de deur had gezet. Ook wees politieonderzoek uit dat het om een vooropgezet plan ging, terwijl Max beweerde van niet. Ons vertrouwen raakte beschadigd.’
Frans: ‘Max moest een jaar de gevangenis in. Dat vond ik een milde straf voor zo’n delict. Het gaat hier niet om een gestolen pakje kauwgom van de supermarkt.
‘Elke twee weken gingen we bij hem langs. Uitermate vernederend vond ik dat. Mijn leven lang heb ik mijn best gedaan om netjes alle regels te volgen, en dan beland je hier, op bezoek bij je zoon in de gevangenis. Elke keer je schoenen uit, riem af – zelfs het poetsdoekje van je bril wordt gecontroleerd. Alsof je zelf een misdrijf hebt gepleegd.’
Ineke: ‘In ons dorp had ik het gevoel dat iedereen het wist. Iemand hoefde me maar aan te kijken op straat, en ik dacht: oh god, die zal wel denken, daar heb je de moeder van die crimineel. Ik dacht: als dit mijn leven is, laat me dan maar doodgaan.’
Frans: ‘De kunst is om elkaar als partners niet kwijt te raken. Het is heel moeilijk om geen verwijten te maken. Hebben we hem goed genoeg gecontroleerd? Hadden we de teugels strakker aan moeten trekken?’
Ineke: ‘Na zijn vrijlating moest Max verplicht klinisch worden opgenomen bij een GGZ-instelling, waar hij allerlei soorten therapie kreeg. Helaas greep hij weer naar de verboden middelen. Hij manipuleerde drugstests door de urine van zijn buurman in te leveren.
‘Na een maand of zeven is hij onder begeleiding van justitie gaan wonen. Even ging het bergopwaarts, tot hij toch weer werd betrapt op drugsbezit en uit huis werd gezet.’
Frans: ‘Inmiddels is Max op het rechte pad, maar hij heeft ons zo vaak teleurgesteld dat onze relatie permanent is beschadigd. Mijn vader zei altijd: vertrouwen komt te voet, maar gaat te paard. En dat is ook zo. Als we samen zijn, lijkt alles koek en ei, maar er hoeft maar íéts te gebeuren – hij komt te laat, ik noem maar wat – en je denkt automatisch: het zal toch niet?
‘Op een dag belde Max ons omdat hij slachtoffer was geworden van een gewapende overval door jongens die hij kende uit de gevangenis. Onze eerste reactie was: ja ja, het zal allemaal wel jongen. Maar het bleek echt waar. Daaraan merk je het wantrouwen. Bij de andere twee kinderen zouden we direct in de auto zijn gesprongen.’
Ineke: ‘Kijk, het is en blijft je kind. We laten hem echt niet vallen. Maar we zijn wel gereserveerder geworden.’
‘Joep was altijd een sociale en zorgzame jongen. Een hardwerkende schoenmaker met zijn eigen bedrijf. Foute vrienden heeft hij nooit gehad – laat staan dat hij met de politie of het drugswereldje in aanraking kwam.
‘Toen hij op een dag zijn telefoon niet opnam, hadden mijn man en ik dan ook geen idee wat er aan de hand was. We hebben alle ziekenhuizen in de buurt gebeld om te vragen of hij soms een ongeluk had gehad. Pas toen we een mailtje kregen van een Duitse advocaat, dacht ik: dit is foute boel.
‘Joep werkte die periode als chauffeur voor een elektronicaketen. Zijn schoenmakerij was in de coronaperiode ten onder gegaan, en hij was achtergebleven met een restschuld van 20.000 euro.
‘Op zijn nieuwe werkplek kwam hij iemand tegen die hem in korte tijd zou kunnen helpen aan veel geld. Ons vertelde hij dat hij daarvoor dure schoenen en kleding naar Milaan moest rijden. Of dat oorspronkelijk echt het plan is geweest: ik weet het niet. In elk geval leidde het ertoe dat hij in Duitsland werd opgepakt met 33 kilo cocaïne in zijn auto.
‘Joep was op dat moment 31. Hij kon rekenen op 10 tot 15 jaar gevangenisstraf, zei zijn advocaat. Als je dat hoort, zakt de grond onder je voeten weg.
‘In afwachting van zijn proces belandde Joep in een cel en mocht hij geen contact hebben met de buitenwereld. De eerste twee maanden konden we niet met hem communiceren. In de tussentijd hebben mijn man en ik zijn huis leeggehaald. Alles moest worden opgezegd: huur, water, licht, bankrekeningen, abonnementen. Het voelde alsof ons kind was overleden.
‘Mijn man ging aan de situatie onderdoor. Hij kon zich er niet bij neerleggen dat zijn zoon zoiets had gedaan. Huilend ging hij naar bed en huilend stond hij weer op. Waar ik me vooral richtte op de mogelijkheden – hoe kunnen we hem een brief schrijven? – voelde hij alleen maar wanhoop.
‘Toen ik Joep eindelijk aan de telefoon kreeg moest ik hem het vreselijke nieuws vertellen dat zijn vader was overleden aan een hartstilstand. Mijn man had al gezondheidsproblemen, maar de stress heeft zijn aftakeling vast en zeker versneld.
‘Joep is veroordeeld tot 6 jaar en zes maanden gevangenisstraf – een meevaller vergeleken met de inschatting van de advocaat. Het Duitse gevangeniswezen steekt heel anders in elkaar dan het Nederlandse. Joep zit op dit moment in een open instelling waar hij zijn tijd besteedt aan het leren van een vak, in zijn geval tuinbouw. Inmiddels krijgt hij zelfs weekendverlof en snipperdagen.
‘Bellen kan zo vaak als we willen. Eens in de twee maanden gaan we met zijn vriendin erbij een weekendje weg. Dan boek ik een huisje in Duitsland en zijn we van vrijdag tot en met maandag met z’n drieën. We koken, kijken tv en gaan buiten wandelen. Net of we ‘gewoon samen thuis’ zijn.
‘Ik ben nooit boos geweest op Joep. Het is vreselijk wat hij heeft gedaan, maar ik houd nog evenveel van hem als van mijn andere kinderen. Helaas hebben de andere twee geen contact meer met hem. Zij nemen hem het overlijden van hun vader kwalijk.
‘Het valt me zwaar dat ons gezin uit elkaar is gevallen. Voordat dit gebeurde zagen we elkaar vijf dagen per week. De kinderen waren een drie-eenheid. De twee in Nederland hebben zelfs een tattoo met alle drie hun initialen, ontworpen door Joep.
‘Een tijdje verweet ik mezelf dat ik steken had laten vallen in de opvoeding. Was ik wel genoeg thuis geweest? Had ik te veel gewerkt? Waren we te vaak verhuisd? Maar mijn twee kinderen thuis hebben dat uit m’n hoofd gepraat. Zij zeggen: Mam, jullie waren er altijd. We hebben jullie nooit dronken of stoned gezien. Jullie gaven juist het goede voorbeeld.’
‘Ik heb ook veel steun gehad aan Aandacht voor Achterblijvers, een afdeling van Gevangenenzorg Nederland die hulp biedt aan familie van gedetineerden. Zij hebben anderhalf jaar geleden een vrijwilliger aan me gekoppeld die hier nog steeds geregeld over de vloer komt. Ik praat met haar over Joep, maar op sommige dagen kletsen we ook een uur over andere dingen. Zo’n luisterend oor is heel waardevol.
‘Al met al ben ik opgelucht dat Joep in Duitsland en niet in Nederland vastzit. Zolang hij geen overplaatsing aanvraagt, heeft hij hier geen strafblad en kan hij gewoon een VOG (Verklaring Omtrent het Gedrag, red.) krijgen. Toch vrees ik voor zijn toekomst. Hij mag dan ‘pas’ 37 zijn als hij vrijkomt: hij heeft wel jaren gemist die essentieel zijn voor het ontwikkelen van jezelf en je carrière.
‘Bovendien hoor ik van ex-gedetineerden dat het moeilijk is om na gevangenschap weer vrijheid te hebben. Ineens is er niemand die je uit bed trekt, vertelt wanneer je moet ontbijten en zegt dat je naar je werk moet. Ik hoop dat het Joep lukt om de regie over zijn leven weer in eigen handen te nemen.’
Dave: ‘Het was 2021 toen mijn vrouw en ik ’s ochtends vroeg sirenes in de straat hoorden. We renden naar buiten en troffen Roy (niet zijn echte naam) aan in een politiebusje. Hij bleek de dader van een dodelijke steekpartij.
‘Op dat moment voelde ik heel veel tegelijk. Woede, verdriet, machteloosheid. Het ging zo snel dat ik het niet in detail kan omschrijven. Ineens zat ik op het politiebureau, waar ik een verklaring moest afleggen, terwijl ik geen idee had wat ik moest zeggen.
‘De periode die volgt, word je geleefd. Het justitieel apparaat bepaalt wanneer je waar moet opdagen voor verhoren – zo kreeg ik om 16.45 uur te horen dat ik de volgende ochtend op het politiebureau werd verwacht. Hoe je dat regelt met werk moet je zelf maar uitzoeken.
‘De rechtszaak voelde afstandelijk. Roy zat al in de zaal toen ik aankwam, met zijn rug naar me toe. Ik mocht hem niet eens omhelzen om mijn kind succes te wensen. Omkijken durfde hij niet, want hij had geen idee waar de nabestaanden zaten. Ik kon met geen mogelijkheid mijn kind een hart onder de riem steken op een van de moeilijkste momenten uit zijn leven.
‘Mijn zoon heeft een gevangenisstraf gekregen van 21 maanden met daarbovenop jeugd-tbs voor minimaal twee en maximaal zeven jaar. Over zijn motieven wil ik in verband met zijn privacy en dat van de nabestaanden niet uitweiden.
‘In ons dorp ging het nieuws snel rond via de tamtam. Mensen die we al 35 jaar kenden en met wie we twee weken eerder nog uit eten waren, lieten ineens niks meer horen. Het is bizar hoe snel je lucht bent voor mensen van wie je dacht dat het vrienden waren. Dat is de grootste klap in je gezicht die je kan krijgen. Op sociale media las ik hoe mensen Roy doodwensten.
‘Mijn andere twee zoons zijn ook in een hel beland. De oudste is achterna gezeten door een automobilist die hem van de weg af wilde rijden. De jongste werd tijdens een busritje met de dood bedreigd om wat zijn broer heeft gedaan. Ik heb hem anderhalf jaar lang naar school moeten brengen en op moeten halen.
‘Ook thuis hebben we ons lang onveilig gevoeld. Mensen schreeuwden ‘moordenaar’ vanuit langsrijdende auto’s en morrelden aan de voordeur. De politie raadde ons aan om de poort dicht te timmeren: er waren indicaties dat mensen ons iets aan wilden doen. Ik heb die periode met een knuppel op de bank geslapen.
‘Een jaar na het incident zijn we verhuisd. Er was te veel gebeurd in die woning. Het was de plek waar we te horen kregen dat onze zoon een zwaar delict had gepleegd. De plek die de politie zes uur lang overhoop had gehaald, tot het eraf schroeven van stopcontacten aan toe. We konden niet langer in ons eigen trauma blijven zitten.
‘De waas van de eerste maanden is voorbij, maar ik sta nog steeds elke ochtend een half uur eerder op om mijn shit onder ogen te komen voordat ik de dag begin. Ik gebruik dat moment om aan mezelf toe te geven dat deze situatie niet makkelijk is en dat ik er verdriet van heb.
‘Maar het heeft me ook gemaakt tot wie ik ben. Ik haal veel steun uit het helpen van anderen die dit doormaken. In 2022 heb ik met andere naasten van gedetineerden Stichting Sang (Steun- en Adviespunt voor Naasten van Gedetineerden) opgericht. We bieden een luisterend oor aan mensen die in hetzelfde schuitje zitten. Of ze nu op zoek zijn naar advies of alleen hun ei kwijt willen.
‘Daarnaast hopen we meer zichtbaarheid te geven aan deze groep mensen, want er is ontzettend weinig professionele ondersteuning voor hen. Ik weet zelf hoe erg het is om verward in een hoekje te zitten en het gevoel te hebben dat niemand je begrijpt.
‘Toen mijn vrouw en ik naar de praktijkondersteuner van de huisarts gingen, werd ons gevraagd of we pillen wilden. Terwijl je op zo’n moment gewoon even iemand nodig hebt die onbevooroordeeld naar je luistert.
‘Het voelt als een verschrikkelijk eenzame weg die je aflegt. De term ‘slachtoffer’ is toebedeeld aan de andere partij en daar wil ik beslist niet aan tornen, maar in zekere zin zijn naasten van gedetineerden ook slachtoffers. Zij verdienen ook begeleiding en aandacht.
‘Mijn band met Roy is goed, dat is altijd zo geweest. Ik ga minimaal een keer per week bij hem langs, maar intieme gesprekken zijn lastig te voeren. Je zit tegenover elkaar in een kil en kaal lokaaltje, met bewakers en ander bezoek eromheen. Dus spreek je maar een beetje naar elkaar uit dat het goed gaat.
‘Wat hij heeft gedaan is natuurlijk verschrikkelijk, maar ik voel nog steeds onvoorwaardelijke liefde voor hem. Voor mij is dat niet meer dan vanzelfsprekend. Ik heb hem voor de helft gemaakt en gevormd. Dan moet ik er nu ook voor hem zijn.’
De werkelijke namen van de (ex)gedetineerden zijn bekend bij de redactie.
Familieleden van gedetineerden kunnen hulp en steun krijgen door de Landelijke Hulplijn voor Achterblijvers (079-3310568) te bellen.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant