Oppositiepartijen D66, CDA, ChristenUnie, SGP en JA21 keren zich opnieuw gezamenlijk tegen de bezuinigingen op de onderwijsbegroting. Het liberaal-christelijke monsterverbond eist vandaag in het debat over de voorjaarsnota ingrijpende aanpassingen, ter hoogte van 81 miljoen euro dit jaar, oplopend tot 407 miljoen in 2030.
is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft onder meer over onderwijs.
Afgelopen najaar onderhandelden de oppositiepartijen langdurig met de toenmalige coalitie van PVV, VVD, NSC en BBB over bijstellingen van de onderwijsbegroting. Hoewel D66 die besprekingen tussentijds verliet, leidden ze onder meer tot het afschaffen van de voorgenomen langstudeerboete en het behoud van de maatschappelijke diensttijd. De voormalige coalitiepartijen zouden anders in de Eerste Kamer geen meerderheid voor hun begroting (een wet) hebben gekregen, omdat NSC daar niet vertegenwoordigd is.
Nog voor de val van het kabinet stelden PVV, VVD, NSC en BBB de voorjaarsnota op, de gebruikelijke update van de lopende begroting en die van de volgende jaren. Daarin bleken opnieuw bezuinigingen op onderwijs te zijn opgenomen. Het eerdere monsterverbond komt nu andermaal met een tegenvoorstel. De overige oppositiepartijen, onder aanvoering van GroenLinks-PvdA, hebben van meet af aan geen enkele bezuiniging op onderwijs willen accepteren.
D66-fractieleider Rob Jetten: ‘Afgelopen najaar stond het Malieveld vol demonstranten tegen alle bezuinigingen op onderwijs. Voor ons lag de lat niet hoog genoeg, daarom zijn we toen uit de onderhandelingen gestapt. Zonder hard feelings tegen de resterende partijen, die wel hebben getekend. Maar de inkt was nog niet droog, of het kabinet pleegde verraad door met nieuwe bezuinigingen te komen. Vandaar dat deze samenwerking nieuw leven is ingeblazen.’
Onderwijskansen
In het voorstel van de oppositiepartijen staan vier maatregelen centraal. De bezuiniging op de ‘Regeling onderwijskansen voortgezet onderwijs’, die met 168 miljoen euro in 2024 in werking trad, moet ongedaan worden gemaakt. Deze regeling biedt scholen de mogelijkheid leerlingen extra te ondersteunen, bijvoorbeeld als ouders laag zijn opgeleid of gebrekkig Nederlands spreken.
Door in deze post te schrappen, verliezen met name vmbo-scholen budget voor extra leerkrachten. Meer bijles, kleinere klassen en persoonlijke begeleiding staan dan op de tocht, met mogelijk een toename van het aantal schoolverlaters tot gevolg. Dat kan weer leiden tot werkloosheid op latere leeftijd, terwijl juist aan vakmensen veel behoefte is.
Voorts moet de bekostiging van het vervolgonderwijs op orde blijven. Het demissionaire kabinet stelt daar een bezuiniging van 21 miljoen euro in het mbo voor, en 59 miljoen euro in het hoger- en wetenschappelijk onderwijs. Ook het praktijkleren zou 20 miljoen euro moeten inleveren, terwijl daar eerder juist 12 miljoen in is geïnvesteerd.
‘Oer-, oer-, oerdom’
Als het aan de oppositie ligt, komt het kabinet bovendien terug op de bezuiniging op basisvaardigheden, ter hoogte van 48 miljoen euro. ‘Echt oer-, oer-, oerdom om te beknibbelen op lezen, schrijven en rekenen’, zegt Jetten, ‘juist nu we weten hoezeer deze vaardigheden onder druk staan.’
Het monsterverbond denkt de aanpassingen te bekostigen door de AOW-leeftijd met maximaal drie jaar te flexibiliseren. Met die maatregel kunnen mensen ervoor kiezen om na de AOW-leeftijd door te werken en hun wettelijke uitkering uit te stellen. Wie dat doet, krijgt later een hogere AOW-uitkering. Zo spaart de overheid ongeveer 200 miljoen euro uit, is de verwachting. Het verhogen van de boetes op kartelvorming levert nog eens 200 miljoen op.
‘Daar kan niemand tegen zijn’, aldus Jetten. ‘Ik hoop dat partijen als VVD en NSC bereid zijn hun fout uit de nacht waarin werd onderhandeld over de voorjaarsnota, te herstellen. Uit chaos kunnen soms mooie dingen ontstaan.’
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant