Drie Iraniërs in Nederland delen hun zorgen over de chaotische situatie in Iran en denken na over de mogelijke val van het regime. Ze spreken over uitputting, onzekerheid, verdeeldheid en het onvermogen om rust te vinden, zelfs op afstand.
‘We zijn allemaal zo moe.’ Sinds vrijdagochtend is het voor Pejman Akbarzadeh (45) geen moment rustig meer geweest. Akbarzadeh, muzikant, documentairemaker en voorzitter van het Persian Dutch Network, heeft intensief contact met de Iraanse gemeenschap in Nederland. ‘Elke dag is er nieuw stressvol nieuws: sancties, militaire conflicten, politieke repressie, economische problemen voor gewone mensen. Zeker in Iran zelf is het frustrerend: mensen willen een normaal leven, maar worden constant geconfronteerd met slecht nieuws.’
Zelfs voor Iraniërs in Nederland, zegt Akbarzadeh, ‘in een van de meest liberale landen ter wereld’, is het niet mogelijk om van rust te genieten. ‘Onze hoofden en harten blijven in Perzië.’ Zijn familie in Teheran durft amper de deur nog uit.
De grote aanval van Israël noemt Akbarzadeh een nachtmerriescenario. ‘We dachten wel dat er iets kon gebeuren, maar niet zo snel en grootschalig. Het regime doet zich voor als machtig, maar kan niet eens zijn eigen hooggeplaatste militairen of het luchtruim boven Teheran beschermen. We krijgen steeds meer berichten over burgerslachtoffers. Dat maakt het nóg tragischer.’
De Iraanse gemeenschap in het Westen is nu erg gepolariseerd. ‘Er is verdeeldheid over hoe de oppositie tegen het regime eruit moet zien. Sommigen steunen buitenlandse interventie, anderen vrezen dat het de situatie verergert. Er is geen gezamenlijke stem. Veel mensen houden van hun land, maar haten het regime. De belangrijkste vraag is hoe het land bevrijd kan worden zonder het schade toe te brengen.
‘De situatie is vooral verwarrend en complex. Schok en angst voor familie en vrienden overheersen. Sommigen zien een kans om van het regime af te komen, maar de oppositie is te verdeeld om die mogelijkheid echt te benutten. Anderen vrezen juist dat verdere chaos het leven in Iran alleen maar moeilijker maakt.’
Demonstraties of bijeenkomsten zijn nog niet aangekondigd. ‘Het is moeilijk om hoopvol of optimistisch te blijven nu het aantal burgerdoden blijft stijgen. Je zit eigenlijk 24/7 aan je telefoon gekluisterd, steeds beelden te bekijken. Dat vergroot de frustratie, zeker omdat we hier het gevoel hebben niets te kunnen doen. We zijn kleine eilandjes over de hele wereld, waardoor steun zoeken lastig is.’
Akbarzadeh hoopt dat de internationale gemeenschap niet blijft hangen in oordelen, maar de-escalatie probeert te bereiken. ‘Dit is niet alleen een conflict tussen Iran en Israël. Deze situatie kan het hele Midden-Oosten in vuur en vlam zetten, en dan krijgt ook het Westen te maken met de gevolgen.’
‘Het is een soort bloedig optimisme.’ Bij Beri Shalmashi (41) schieten de gedachten alle kanten op. De filmmaker met Iraans-Koerdische roots volgt elk fragment uit Iran op de voet.
Hoewel de regering ‘met het internet speelt’ heeft Shalmashi appcontact met vrienden en familie in Iran. ‘Maar het blijft onwerkelijk. Wat je ziet rijmt niet met het Iran dat ik ken. En toch is het heel echt voor iedereen die ik daar liefheb.’
Ze voelt tegenstrijdige emoties. ‘Ik dacht altijd al: misschien moet dit maar een keer gebeuren. Tegelijkertijd is vanuit heimwee hopen dat je land in oorlog komt, zodat je daarna weer terug kan naar je familie, de smerigste gedachte die je vanuit het buitenland kunt hebben.’
Shalmashi vergelijkt ayatollah Ali Khamenei, de hoogste leider van Iran, met iemand die al heel lang op een dun koord balanceert. ‘Ik heb het idee dat meneer van zijn koord valt wanneer er nog een keer tegen wordt geblazen. Als je duwt, dan valt hij.’
De vraag die haar al dagenlang bezighoudt: wat komt hierna? ‘Dat geldt voor de mensen uit Iran die ik spreek, maar ook hier in Nederland. In het gunstigste geval biedt het een opening naar verandering. Maar raakt Iran dan niet van de regen in de drup, als Israël nota bene die verandering brengt?’
In 2012 gaf Shalmashi les aan de Salahaddin Universiteit in het Iraaks-Koerdische Erbil. Daar zag ze van dichtbij dat Irak na buitenlandse inmenging van de VS met een machtsvacuüm achterbleef, waar Islamitische Staat (IS) in 2015 indook. ‘Wat is vrijheid als een ander het brengt, en hoe kan het Iraanse volk zich die dan ooit toe-eigenen?’
De verdeeldheid binnen de Iraanse diaspora in Nederland vormt een van de redenen dat Shalmashi nog niet de drang voelt om, net als tijdens de ‘Vrouw, Leven, Vrijheid’-opstanden in 2023, op straat de stem van het Iraanse volk te doen echoën. ‘We zijn allemaal voor verandering, maar ik ben niet voor deze weg. Maar ik wil ook niet dat het lijkt alsof ik instem met de zittende macht.’
Toch voorziet ze bij een wisseling van de wacht, misschien tegen beter weten in, een hoopvolle toekomst als de Koerden, Perzen en de andere volkeren in Iran inzien dat ze elkaar nodig hebben. ‘Zodat je straks weer met de rechte rug door je eigen stad mag lopen en jezelf mag zijn in het land waar je woont. Dat zou voor iedereen het beste zijn.’
‘Ik heb er geen woorden voor.’ Nilou Yekta (31) werd vrijdagochtend wakker geschud door een zwarte Instagram-post met een gebroken hart. De Canadees-Iraanse onderzoeker sociologie richt zich vooral op gendergebaseerde sociale bewegingen in Iran. Ze woont bijna negen jaar in Nederland, maar werd geboren in Teheran. Haar eerste reactie was paniek: ‘Dan ga je gelijk in kaart brengen waar je familie woont, om er zeker van te zijn dat zij niet geraakt zijn.’
Hoewel haar familie ongedeerd bleek, bleef de onrust. ‘Er is zo veel gebeurd. Mijn oudere oom zegt dat we ons geen zorgen hoeven te maken, maar dat voelt wrang – alsof ze verdoofd zijn geraakt.’ Volgens Nilou is dit een generatiekwestie. ‘De ouderen zijn moegestreden, maar mijn jongere neefjes en nichtjes klinken angstig.’
Sinds het nieuws slaapt Nilou slecht. ‘Je gaat uit van het ergste, want je zit ver weg en ziet alleen afschuwelijke beelden, maar mijn gedachten zijn bij Iran.’ Ze weet dat het stadsdeel waar haar familie woont, misschien ook getroffen zal worden. ‘Ze hoorden zelf geen explosies, maar een vriendin vertelde dat haar familie constant drones en raketten ziet.’
Nilou vindt de verslaggeving in traditionele media stressvol. ‘De meeste koppen framen het als een oorlog tussen Israël en Iran, maar ze missen het menselijke aspect. De grootste slachtoffers zijn toch de gewone Iraniërs.’ Ze volgt het nieuws vooral via sociale media en haar eigen netwerken in Iran.
Via haar familie in Teheran hoort ze hoe verwarrend de situatie is: sommige mensen proberen te vluchten, anderen moeten verplicht naar hun werk. ‘Alsof er niets aan de hand is. De regering heeft nooit gezegd: blijf thuis of zoek bescherming. De bevolking staat er alleen voor.’
Over een mogelijke omwenteling van het regime wil Nilou niet speculeren. ‘Hoop is moeilijk te voelen als je ziet dat je stad wordt gebombardeerd. Sommige Iraniërs zijn enthousiast over de ontwikkelingen, maar dat doet mij enorm pijn.’
Ze gelooft niet dat de oorlog vanzelf leidt tot een vrij Iran. ‘Dat weten we niet. We zijn het erover eens dat we een vrij Iran willen, maar waarom zouden westerse landen over ons lot beslissen? Zelfs zonder het regime zal de nasleep allesbehalve normaal zijn. Nu is het belangrijkste dat we elkaar steunen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant