In Nice begint maandag de VN-Oceaanconferentie, een soort klimaattop voor de oceaan, zegt Han Dolman van het Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee. ‘Het is verbijsterend om te zien hoe weinig we weten van wat er onder het zeeoppervlak gebeurt.’
is correspondent Frankrijk van de Volkskrant. Ze woont in Parijs.
Meer dan 70 procent van het aardoppervlak bestaat uit water en toch weten we maar weinig van het leven in de oceaan, zegt Han Dolman, directeur van het Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee (NIOZ). Hij is in de Zuid-Franse havenstad Nice voor het wetenschappelijk congres dat aan de VN-top voorafgaat.
Maandag begint in Nice de derde VN-conferentie over de bescherming van oceanen. De bijeenkomst heeft de ambitie om voor oceanen een mijlpaal te worden, vergelijkbaar met de Parijse klimaatafspraken in 2015.
Wat staat er in Nice op het spel?
‘De geloofwaardigheid van politici om daadwerkelijk actie te ondernemen. Dat klinkt pompeus, maar het is nodig. Een gezonde oceaan is heel belangrijk voor het klimaat. De temperaturen van de oceaan bepalen in hoge mate het weer, dat voelen we zeker in Nederland. De oceaan neemt ook veel CO2 op. Dat is prettig, want dat komt niet in de atmosfeer terecht, maar daardoor verzuurt het water ook. Ook zien we op steeds meer plekken een gebrek aan zuurstof, wat een groot deel van het oceaanleven onmogelijk maakt. Er is een waslijst aan dreigingen die bescherming belangrijk maken.’
Hoe kijkt u naar de Franse ambitie om van Nice een soort ‘Parijs’ voor de oceaan te maken?
‘President Macron heeft zich sterk gemaakt voor de oceaan, en voor onderzoek naar oceanen. Dat de conferentie in Frankrijk plaatsvindt, is de kroon op dat werk. De klimaattop in Parijs kwam uit op sterke doelstellingen: opwarming beperken tot 1,5 graad, inclusief een stappenplan om daar te komen. Op dat niveau zijn we nog niet met de oceaan. Over klimaat wordt al dertig jaar vergaderd, dit is pas de derde conferentie over de oceaan. We moeten het eerst eens worden over de grote lijnen, naast het uitgangspunt dat alle landen zich achter bescherming van de oceaan scharen. Het ontbreekt nog aan concrete plannen en geld.
‘Het lastige bij het beschermen van oceanen is dat een groot deel buiten de nationale juridische zones ligt. Op land bestaan er rechtsaanspraken, maar zeker op de diepe oceaan is dat minder duidelijk. Dat maakt bescherming politiek gezien moeilijk: het ontbreekt aan eigenaarschap.’
Ondanks de klimaatafspraken in Parijs liggen de meeste landen niet op koers met de klimaatdoelen. Hebben dit soort toppen wel zin?
‘Die vraag stel ik mezelf ook vaak. Maar de VN is het enige mechanisme waar je met 190 landen gezamenlijk tot afspraken kunt komen. Het is jammer dat het traag gaat en vaak verwaterde compromissen oplevert. Maar andere opties hebben we niet. Zonder Parijs zou er nog minder gebeuren, of soms niets.’
Waarop kan in Nice vooruitgang worden geboekt?
‘De afspraak dat 30 procent van de oceaan in 2030 beschermd moet worden, ligt er al. Dat betekent dat je daar niet op grote schaal mag vissen of andere verstorende activiteiten mag uitvoeren. Dat is vastgelegd in het biodiversiteitsverdrag, kortweg BBNJ. Maar veel landen – inclusief Nederland – moeten het nog ratificeren. Tot dusver is slechts 3 procent van de oceaan beschermd. Ik denk dat we daarin concrete stappen kunnen zetten.
‘Een ander belangrijk onderwerp is diepzeemijnbouw, het delven van metalen en mineralen uit de zeebodem, zoals nikkel en kobalt. Ik hoop dat er naar een verbod wordt gekeken, al verwacht ik daar niet veel van.’
Nederland is bij uitstek gebaat bij een gezond waterleven. Wat houdt ratificatie tegen?
‘Op het ministerie wordt aandacht voor Schiphol belangrijker gevonden. Nederland vaardigt ook geen minister af, dat vind ik wel een gemiste kans. Als een land dat zo afhankelijk is van de oceaan zou je een belangrijke rol willen spelen in die onderhandelingen. Anderzijds waren we wel actief betrokken bij het onderhandelen over het biodiversiteitsverdrag en dringen we actief aan op terughoudendheid bij diepzeemijnbouw.’
Frankrijk gaat een stap verder en pleit voor een moratorium.
‘We balanceren altijd tussen economische en milieubelangen. In Delft zit een bedrijf dat materialen bouwt die nodig zijn voor diepzeemijnbouw. Als wetenschapper zou ik liever een moratorium (opschorting, red.) zien, want over de biodiversiteit in de diepzee is heel weinig bekend. Het zijn ecosystemen die miljoenen jaren met rust zijn gelaten, en de gevolgen van mijnbouw, wat met grof geweld gaat, zijn mogelijk desastreus. Maar ik denk dat Nederland zo ver gaat als het kan, gegeven de omstandigheden.’
Behalve de dreigingen voor de oceaan wordt ook gekeken naar kansen, zoals de opslag van CO2.
‘De oceaan neemt CO2 op uit de atmosfeer, en ook algen nemen CO2 op. Dat zijn natuurlijke processen, maar nu wordt nagedacht of we die kunstmatig kunnen versnellen. Daar zijn chemische trucs voor, die werken in het lab. Klimaattechnisch is dat interessant, maar de gevolgen op lange termijn zijn moeilijk in te schatten. En de vraag is of die trucs op grote schaal te gebruiken zijn.
‘Waar ik soms bang voor ben, is dat dit soort plannen door gebrek aan kennis verkeerd uitpakken en bijvoorbeeld de biodiversiteit snel achteruitgaat. Je kunt het klimaat helpen door CO2 uit de lucht te halen, maar als daardoor complete ecosystemen achteruitgaan, ben je volgens mij verkeerd bezig.
‘Het is soms verbijsterend om te zien hoe weinig we weten van de oceaan. Ik sta nu nog regelmatig met mijn oren te klapperen als collega’s vertellen dat ze elke keer dat ze iets van de diepzeebodem halen er minstens een onbekende soort bij zit.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant