Bijna een kwart miljoen Russische soldaten zijn gesneuveld sinds de grootschalige invasie van Oekraïne in 2022. 750 duizend militairen zijn ernstig gewond geraakt. Tegelijkertijd boeken de Russen nauwelijks terreinwinst.
is datajournalist van de Volkskrant en analyseert en schrijft over het nieuws in cijfers.
De Russische opmars aan het front verloopt zeer traag. De Russische president Vladimir Poetin zei in maart dit jaar dat Rusland binnenkort Oekraïne kan uitschakelen, maar op het slagveld is dat lang niet vanzelfsprekend, concludeert de Amerikaanse denktank CSIS in een nieuw rapport.
Sinds begin 2024 heeft Rusland zo’n 5.000 vierkante kilometer aan Oekraïens grondgebied veroverd. Dat is slechts 1 procent van Oekraïne, berekenden de analisten van CSIS, het Center for Strategic and International Studies. Een groot contrast met de situatie direct na de inval in februari 2022. Toen kon Rusland in vijf weken 120 duizend vierkante kilometer bezetten.
De frontlinies verschuiven nauwelijks meer en elke kilometer terreinwinst kost veel tijd, materieel en mensenlevens. Rusland zet alles op alles om de stad Koepjansk opnieuw in te nemen, die Oekraïne in het najaar van 2022 heroverde.
In november vorig jaar begon Rusland een groot offensief, maar in vijf maanden tijd is de frontlinie slechts 8 kilometer verschoven. Dat komt neer op 50 meter per dag. Het tempo waarmee de Russen optrekken is daarmee langzamer dan de snelheid van de Fransen en de Britten in de loopgravenhel bij de Somme in 1916: de terreinwinst van de geallieerden was toen 80 meter per dag.
Dit is een groot contrast met de eerste jaren van de oorlog, toen de frontlinie geregeld meerdere kilometers per dag verschoof, beide kanten op. Het Oekraïense leger boekte bij het tegenoffensief in Charkiv kilometers terreinwinst per dag. Nu is de strijd volgens het CSIS een klassieke uitputtingsoorlog geworden, met de bijbehorende hoge tol aan mensenlevens.
De onderzoekers schrijven dat het aantal Russische doden en zwaargewonden deze zomer zal oplopen tot een miljoen. Naar schatting zijn 200 duizend tot 250 duizend soldaten aan Russische zijde gesneuveld. Dit is vijf keer zoveel als in alle conflicten van Rusland en de Sovjet-Unie sinds de Tweede Wereldoorlog.
Oekraïne en Rusland zijn beide erg zwijgzaam over het aantal slachtoffers in de oorlog. Oekraïne heeft al jaren geen sterftecijfers bekendgemaakt, de getallen die Rusland incidenteel bekendmaakt, worden door alle experts als grove onderschattingen gezien.
Wel is duidelijk dat de verliezen aan Russische zijde in absolute zin groter zijn dan die van Oekraïne. Het dodental aan Oekraïense kant wordt geschat op 60 duizend tot 100 duizend. Dat is dan wel op een veel kleinere bevolking.
Bovendien komt een relatief groot deel van de Russische soldaten uit armere regio’s, ver weg van grote steden als Moskou en Sint-Petersburg, waar de publieke opinie wordt gevormd. De onderzoekers zien hier een risico voor Poetin. Als er meer rekruten uit de grote steden nodig zijn op het slagveld, kan dat het draagvlak voor de oorlog aantasten.
Een ander zwak punt is de Russische economie. Die lijdt onder inflatie, arbeidsmarktkrapte en sterk verminderde groei door sancties. Het CSIS betoogt dat het westen niet moet opgeven. Hoewel Rusland geen tekenen van terugtrekken toont, is de Oekraïense strijd nog niet verloren, maar het grootste risico is dat de bondgenoten zich terugtrekken. Door voortdurende wapensteun en meer economische sancties zou volgens de analisten de oorlog ook Rusland kunnen uitputten.
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant