In aanloop naar de Grand Prix van Spanje ging het in de paddock vooral over de FIA-ingreep om flexi-wings tegen te gaan. Bij statische tests van 100 kilogram mag de speelruimte van het doorbuigen nu nog maar 10 mm zijn, waar dat voorheen 15 mm bedroeg. Het moet voorkomen dat voorvleugels op rechte stukken al te zeer doorbuigen, waarmee teams het beste van beide werelden willen combineren: de benodigde hoeveelheid downforce in de bochten en minder luchtweerstand op de rechte stukken. Bovendien bestaat het vermoeden dat meerdere teams flexibele vleugels gebruikten als trucje voor de balans van de auto, bijvoorbeeld om een betere balans tussen snelle en langzame bochten te vinden - waar je normaliter meer voor een compromis zou moeten kiezen.
Het maakte dat race negen (die in Barcelona) door velen met rood was omcirkeld, al werden de verwachtingen in Monaco al getemperd. Christian Horner liet aan deze website weten dat het zomaar 'nul impact' kon hebben, oftewel geen invloed op de pikorde. Die opmerking kwam niet uit de lucht gegrepen. Ook Max Verstappen en McLaren - dat in Imola al een training met de verstevigde voorvleugel had gereden - voorspelden dat. Het raceweekend in Barcelona heeft deze lezing bevestigd. McLaren stond iedere training bovenaan en heeft in de kwalificatie de volledige eerste startrij gepakt. Kleine noot is nog wel dat het in Barcelona behoorlijk warm is en dat McLaren in die omstandigheden vaak extra sterk voor de dag komt. Voor een compleet beeld moet er daardoor naar verschillende races worden gekeken.
Wat betreft de kwalificatie in Barcelona heeft Oscar Piastri het hoofd zoals zo vaak koel gehouden. De Australiër stond na de eerste runs mede door een 'cheeky' slipstream nog op de tweede plek, maar sloeg toe toen Lando Norris bij de tweede poging foutjes maakte. De Brit was een beetje aan het overdriven en moest toezien hoe zijn teamgenoot ijskoud bleef en met tweede tienden marge pole voor zich opeiste.
Verstappen moest het met een derde plek doen, waarbij hij exact dezelfde rondetijd noteerde als George Russell. De Nederlander bracht die tijd echter eerder op de klokken, waardoor hij P3 kreeg toebedeeld. Als we Verstappens snelste poging vergelijken met de ronden van McLaren, dan valt op dat het gat is geslagen tussen de bochten 1 en 5. Op het langzaamste punt van de eerste chicane gaf Verstappen 0.032 seconde toe op Piastri, waarbij moet opgemerkt dat Norris er een tiende onder zat. De topsnelheden waren met 326 kilometer per uur identiek. Nadien liep de achterstand van Verstappen snel op tot ruim vier tienden bij het langzaamste punt van bocht 5, waar in de afbeelding hieronder een marker te zien is. Dat is de hele kloof (zelfs meer dan dat), hetgeen onderstreept dat Verstappen in die eerste bochten veel terrein heeft verloren, maar ook dat hij daarna behoorlijk gelijke tred met de McLarens kon houden.
Dat laatste hangt in Barcelona overigens voor een groot gedeelte met de banden samen. Wie in sector 1 hard pusht, kan in de laatste, snelle bochten in de problemen komen door oververhitte softs. Verstappens banden waren in het laatste gedeelte nog redelijk in orde, wat overeenkomt met zijn eigen uitspraken in de Nederlandse mediasessie: "Ik denk dat mijn laatste sector wel goed was, dus dat was niet eens het probleem. Maar we komen in algemene zin gewoon grip tekort. De performance is er gewoon niet en dat weten we ook. Dat moet je accepteren." De derde plek en een achterstand van drie tienden was het hoogst haalbare, waarbij Verstappen aangeeft dat hij een nog grotere marge had verwacht. "Ik had wel een idee in mijn hoofd en ik had meer verwacht, ja."
Foto door: F1-Tempo
Foto door: F1-Tempo
Minstens zo interessant voor de race op zondag zijn natuurlijk de long runs. Waar het circuit in Barcelona jarenlang gold als een baan waarop inhalen bijzonder lastig was, tonen de cijfers dat het in de afgelopen jaren is veranderd. Mede door het weghalen van de laatste chicane (waardoor volgen beter gaat) en de bandenslijtage die altijd hoog ligt, is inhalen op het circuit bij Montmeló tegenwoordig wel mogelijk.
Het maakt dat coureurs en teams met een goede race pace in principe het verschil kunnen maken, nog los van de tweestopper die Pirelli verwacht en die tactisch mogelijkheden kan bieden. Een andere variabele is natuurlijk de lange run naar bocht 1, waarover Verstappen tijdens de persconferentie grapte: "Gewoon drie dik naar bocht 1, dat is mooi voor de foto's!" Het was met een knipoog, aangezien hij in de Nederlandse sessie duidelijk maakte niet alle risico's van de wereld te willen nemen. "Dat hebben we ook niet nodig. Ik probeer er gewoon het beste van te maken. Het heeft geen zin om alles te riskeren als je toch al weet dat je tekortkomt."
Dat 'tekortkomen' baseert Verstappen naast de kwalificatie ook op de long runs. Doordat de vrijdagse trainingen zonder noemenswaardige onderbrekingen zijn verlopen, hebben de teams voldoende data kunnen verzamelen. Na de vrijdagse baanactie concludeerde Helmut Marko: "Piastri lijkt de snellere over één ronde, maar interessant genoeg was Norris het snelst in de long runs. Dat kan ons helpen als we tussen die twee komen." De woorden van Marko komen overeen met de data. Zo toonde Norris zich inderdaad de snelste man in de long runs, zoals die zijn doorberekend door onze datapartner PACETEQ. Norris was gemiddeld gezien 0.24 seconde per ronde sneller dan naaste belager Verstappen. Maar daar hoort nog wel een kanttekening bij.
Zo begon Norris zijn stint sneller, maar was het verval daarna ook groter. De Brit verloor 0.136 seconde per ronde, terwijl het verval bij Verstappen 0.051 seconde bedroeg. Het maakt dat PACETEQ nog een slag om de arm houdt: de stints in een race zijn doorgaans langer dan tijdens de vrije trainingen, waardoor het eventuele voor- of nadeel van dit aspect pas over een langere stint zichtbaar wordt. Interessant is trouwens dat de motorstanden op vrijdag vergelijkbaar leken. Waar Red Bull in sommige raceweekenden meer dan tien kilometer per uur langzamer liep op rechte stukken, bedroeg het verschil tijdens de vrije trainingen ditmaal slechts 2.8 kilometer per uur bij de speed trap.
Ondanks dat Sauber vrijdag bij rivaliserende teams voor gefronste wenkbrauwen zorgde met een opvallend goede long run pace, is het natuurlijk totaal niet reëel om Nico Hülkenberg zover naar voren te verwachten als dat hij hieronder staat. Ja, Sauber is hier in de voorgaande jaren gemiddeld gezien zeven tienden beter gebleken dan op andere plekken, maar dat gaat natuurlijk niet om de plekken vooraan. De naam van Hülkenberg kan worden weggestreept, net zoals die van Liam Lawson en Pierre Gasly. Het betekent dat Lewis Hamilton 'best of the rest' was op vrijdag, hetgeen verrassend is doordat de zevenvoudig wereldkampioen de auto 'onbestuurbaar' noemde. Het past echter wel bij een trend: Ferrari worstelt in kwalificaties, maar qua race pace is de SF-25 zo slecht nog niet. Zo erkennen teamleden dat de Scuderia in delen van de races in Imola en Jeddah zelfs het snelst van iedereen is geweest. Ferrari benadrukt dat 'één aspect' het team hindert. Alhoewel dat nooit wordt gespecificeerd, lijkt het erom te gaan de banden in het juiste window te krijgen voor één vliegende ronde - een kwalificatieronde dus.
In de vergelijking tussen Ferrari en Mercedes moet overigens nog wel één ding worden opgemerkt: de lange runs van het Mercedes-duo waren aanmerkelijk langer (17 en 19 ronden) dan die van Ferrari, waardoor die van Mercedes representatiever zijn. Het is geen wonder dat Mercedes vrijdag veel aandacht aan de long runs heeft besteed, aangezien het team van Toto Wolff in de voorgaande races worstelde in de hitte en daar een beter beeld van wilde krijgen. Alhoewel Ferrari sneller was, bleek het verval bij Mercedes kleiner dan bij de rode bolides. Yuki Tsunoda worstelde vrijdag trouwens ook aanzienlijk tijdens de long runs - met een verval van ruim twee tienden per ronde - waardoor een grandioze wederopstanding van hem in de stad van Gaudí niet aannemelijk lijkt.
Source: Motorsport