Vijf dagen geleden zegevierde Marco Bezzecchi op Silverstone, waarmee hij voor een onverwachte plottwist zorgde in de soap rond Jorge Martín en Aprilia. Massimo Rivola, de CEO van de race-afdeling van het Italiaanse merk, greep de gelegenheid meteen maar aan om te benadrukken hoeveel potentie de RS-GP heeft, maar ook om Martín aan te sporen terug te komen op zijn uitgesproken intentie om na 2025 alweer te vertrekken bij Aprilia. De manager wilde hem erop wijzen dat hij op twee fronten verkeerd zit: qua inschatting van de competitiviteit van de motorfiets, maar ook met zijn interpretatie van de prestatieclausule die hij wil inzetten om te kunnen vertrekken.
In de aanloop naar de Britse GP bracht Aprilia al een statement naar buiten waarin het verlengen van de evaluatieperiode (van zes Grands Prix) werd uitgesloten. Martín kreeg op deze wijze te horen dat hij aan zijn contractuele verplichtingen wordt gehouden. Nadat de fabrikant uit Noale op zondag zegevierde, koos Rivola voor een meer empathische toon. "De mededeling die we Jorge willen doen, is dat de motor er klaar voor is om ook met hem races te winnen", zei de voormalig sportief directeur van Ferrari's F1-team, die ongetwijfeld had verwacht dat Martín donderdag met een totaal andere reactie zou komen dan uiteindelijk het geval was.
"Toen we tekenden, kwam ik met Aprilia overeen dat ik het recht zou behouden om over mijn toekomst voor 2026 te beslissen als niet aan bepaalde voorwaarden voldaan zou zijn. Dit was destijds een essentiële voorwaarde om hun contract te accepteren", liet Martín donderdag optekenen via zijn social media-kanalen. Daar voegde hij nog aan toe: "Aangezien ik voor een contractueel vastgestelde deadline een beslissing moet nemen, heb ik besloten om me te beroepen op mijn recht om vrij te zijn voor het 2026-seizoen."
Zijn reactie laat weinig ruimte voor twijfel. De woorden van Martín kunnen in ieder geval niet gezien worden als een stap terug, al staan ze ook niet bepaald gelijk aan een oorlogsverklaring aan het adres van Aprilia. Wel weet Motorsport.com dat de strategie van de regerend wereldkampioen, die wordt bijgestaan door een van de meest prestigieuze advocatenkantoren van Spanje, leunt op geloofwaardigheid. Martín wil er geen twijfel over laten bestaan dat de controversiële clausule daadwerkelijk bestaat én dat die een doorslaggevende voorwaarde was om de deal af te kunnen ronden.
Jorge Martín, Aprilia Racing Team
Foto door: Mirco Lazzari GP - Getty Images
Op dit moment lijkt het ver weg dat beide partijen elkaar tegemoet gaan komen. Aprilia denkt niet alleen dat de clausule ongeldig is doordat Martín vijf van de eerste zes Grands Prix - de beoordelingsperiode die in de clausule staat - miste wegens blessureleed, de fabrikant heeft het bestaan van deze clausule zelfs nog niet bevestigd. Op zijn beurt voelt Martín zich bedrogen door het bedrijf dat hem een jaar geleden nog overtuigde om de overstap te maken, juist door in eerste instantie akkoord te gaan met de clausule.
Nu beide partijen duidelijk stelling hebben genomen, is de meest logische verwachting dat de onderlinge spanningen tot bedaren komen - in ieder geval totdat de Moto3- en MotoGP-kampioen klaar is om terug te keren van zijn blessures, die hij tijdens zijn enige racedeelname in Qatar opliep. Komende zondag belooft echter ook een zeer interessante dag te worden, want Aprilia organiseert dan in Misano het jaarlijkse All Star-evenement. Alle rijders van het merk zijn daarbij aanwezig en dat geldt in principe ook voor Martín, die contractueel verplicht is om daar te verschijnen.
Aprilia heeft in ieder geval al heel duidelijk laten weten dat ze tot het bittere einde willen strijden om ervoor te zorgen dat Martín niet voor 2027 al op de motor van een ander merk te bewonderen is. Zo had Rivola in Le Mans al een ontmoeting met Honda HRC-baas Hikaru Tsukamoto om hem te waarschuwen voor de gerechtelijke stappen die kunnen volgen als ze de rijder uit Madrid een aanbieding zouden doen, terwijl hij nog onder contract staat. Desondanks sprak teammanager Alberto Puig in Silverstone duidelijk uit dat Honda zeker geïnteresseerd is in Martín, mits hij de situatie met Aprilia weet op te lossen. Een officiële aanbieding heeft de Japanse fabrikant echter nog niet gedaan.
Mocht Aprilia vasthouden aan het contract of een gang naar de rechter als enige opties zien, dan ligt het in de lijn der verwachting dat Martín dat laatste in ieder geval wil voorkomen. Niet omdat hij twijfels heeft of zijn argumenten standhouden in de rechtbank, maar vanwege praktische redenen. Allereerst zou de kwestie door een rechtbank in Italië behandeld worden, waar Aprilia's moederbedrijf Piaggio Group de nodige invloed heeft. Bovendien zou hij door een rechtszaak, die mogelijk maanden voortsleept, minder interessant kunnen worden voor potentiële werkgevers. In deze lastige situatie lijkt onderhandelen over een schikking de beste oplossing, waarbij vermoedelijk compensatie betaald moet worden. Op die manier kan de schade voor zowel Aprilia als Martín beperkt worden.
Source: Motorsport