Home

Faber beweegt na honderden Kamervragen: asielmaatregelen hoeven toch niet ineens uitgevoerd

De asielnoodmaatregelenwet kan gefaseerd worden ingevoerd. Immigratiedienst IND, opvangorganisatie COA en de Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V) krijgen zo meer ruimte voor de uitvoering van de wet.

is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft onder meer over justitie.

Dat schrijft minister Marjolein Faber (Asiel en Migratie, PVV) in antwoord op honderden Kamervragen over het wetsvoorstel. Haar streven blijft dat de wet zo spoedig mogelijk van kracht wordt, maar Faber benadrukt dat het wetsvoorstel het toelaat ‘verschillende artikelen van de wet of onderdelen van die artikelen op verschillende momenten in werking te laten treden’.

Hiermee komt Faber tegemoet aan zorgen bij de uitvoeringsorganisaties over de korte voorbereidingstijd die zij krijgen, voor maatregelen waarvan de effecten nog onvoldoende duidelijk zijn. Zo verwacht de overbelaste IND een verdere toename van het aantal procedures nu de verblijfsvergunning bepaalde tijd voor asiel teruggaat van vijf naar drie jaar en verblijfsvergunningen voor onbepaalde tijd worden afgeschaft.

De aankondiging van mogelijk uitstel is opmerkelijk. De optie was wel opgenomen in de zogenoemde memorie van toelichting bij de wet, maar Faber heeft steeds gezegd dat zij haast heeft. Woensdag nog merkte zij op, voor aanvang van de ministerraad (die vanwege Hemelvaart twee dagen was vervroegd), dat ‘niet iedereen in de meewerkstand staat’. Ze hekelde het aantal schriftelijke vragen over de wet, een gebruikelijke procedure in de Kamer. ‘We moeten tempo maken, maar als ik dan bijna duizend vragen voor de kiezen krijg…’

Trage besluitvorming

Eerder in de week toonde ook PVV-leider Geert Wilders zich met een tienpuntenplan ontevreden over de in zijn ogen te trage besluitvorming. Behalve de asielnoodmaatregelenwet moeten ook het wetsvoorstel over herinvoering van het tweestatusstelsel en de intrekking van de spreidingswet nog door het parlement worden behandeld, bijna een jaar nadat het kabinet-Schoof is aangetreden.

Tegelijkertijd is Faber nog op zoek naar politiek draagvlak. NSC dwong haar in november af te zien van noodwetgeving, buiten het parlement om. In plaats daarvan heeft zij begin dit jaar adviesorganen ofwel overgeslagen of om spoed gevraagd, in een poging vaart te maken met haar plannen.

In de Eerste Kamer heeft de coalitie van PVV, VVD, NSC en BBB geen meerderheid. Hoewel Forum voor Democratie, SGP en JA21 Faber vermoedelijk zullen steunen, levert dat nog niet voldoende zetels op in de senaat: 36 van de 75. NSC heeft geen senaatszetels. Het CDA kan daar met zes senatoren de doorslag geven.

De christendemocraten zijn het in grote lijnen eens met de maatregelen van Faber – het CDA opperde zelf als eerste partij terugkeer naar het tweestatusstelsel – maar willen wel enkele ‘technische en inhoudelijke verbeteringen’, zei CDA-leider Henri Bontenbal deze week in de talkshow van Eva Jinek. Hij bevestigde een apart gesprek met Faber te hebben gevoerd.

Juist op vragen van NSC en CDA toont Faber zich inschikkelijk in haar schriftelijke beantwoording. ‘Er kan op dit moment nog niet worden vooruitgelopen op het daadwerkelijke moment van implementatie’, schrijft Faber. ‘Hierover zal gedurende het wetstraject meer duidelijkheid ontstaan.’

Asiel- en Migratiepact

Parallel aan de wetten van Faber loopt de invoering van het Europese Asiel- en Migratiepact. Die afspraken tussen alle EU-landen kennen een harde deadline: 12 juni 2026. In haar schriftelijke antwoorden zegt Faber dat haar wetgeving zoveel mogelijk in lijn is met het pact, maar dat zij daar niet op wil wachten. Oproepen van experts om haar wetten te bewaren tot volgende zomer heeft zij ‘meegewogen’, maar honoreert zij niet.

In de aanloopfase naar de wetten klaagden de Raad voor de rechtspraak, de Orde van Advocaten, de Adviesraad Migratie en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State over de gebrekkige consultatiefase bij de wetgeving. Zij werden of niet gehoord, of kregen slechts acht dagen de tijd om te reageren. Bovendien stond op de adviesaanvraag ten onrechte het stempel ‘vertrouwelijk’.

Faber wimpelt die kritiek weg. ‘Ik ben van mening dat een zorgvuldige wetgevingsprocedure is en wordt doorlopen.’ Over het woord vertrouwelijk in het briefhoofd schrijft ze: ‘Dit is abusievelijk gebeurd en inhoudelijk ook niet juist, aangezien bij een consultatie-uitnodiging naar haar aard geen sprake is van departementaal vertrouwelijke informatie.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next