Woensdag debatteert de Tweede Kamer over de vraag hoe de zorg voor complexe psychiatrische patiënten beter kan. Hulpverleners voelen zich inmiddels moedeloos, en hebben moeite te geloven dat de politiek dít probleem kan oplossen.
is regioverslaggever van de Volkskrant in Amsterdam en omstreken. Ze maakte de podcastserie Niemandsland over hoe kwetsbare mensen met complexe psychische problemen door de mazen van het zorgstelsel kunnen glippen – met soms fatale gevolgen.
Agenten hebben er hun handen vol aan, hulpverleners hebben het gevoel dat ze telkens tegen een dichte deur aanlopen en ook bij burgemeesters groeit de frustratie. Waarom is het zo lastig om goede zorg te regelen voor mensen met verward of onbegrepen gedrag?
Woensdag debatteert de Tweede Kamer hierover. Aanleiding is de parlementaire verkenning die vorig jaar verscheen. Belangrijkste conclusies: de huidige aanpak is te gefragmenteerd, overkoepelend beleid ontbreekt en er zijn te weinig plekken waar deze groep kwetsbare, soms gevaarlijke, patiënten geholpen kan worden.
Het onderzoek van de Tweede Kamer is er één in een lange reeks. ‘Dus ik hoop dat de Kamer woensdag niet besluit om wéér een nieuw onderzoek aan te kondigen, of dat ze besluiten wéér een pilot te proberen’, zegt Elsa Doze, directeur netwerksamenwerking van ggz-instelling Fivoor. ‘Dat is nu al zo vaak gebeurd.’
Sterker nog: er zijn nog twee onderzoeken in de maak. Zo kijkt de Onderzoeksraad voor de Veiligheid (OVV) onder meer naar de vraag waarom er zo weinig is gebeurd met hun eerdere onderzoek uit 2019 naar dit onderwerp. En het Toezicht Sociaal Domein doet een ‘breed onderzoek’ naar geweldsincidenten waarbij personen met verward gedrag betrokken waren. Aanleiding is de dood van de 11-jarige Sohani. Zij werd in februari in Nieuwegein doodgestoken door een psychiatrisch patiënt.
Aan onderzoeken geen gebrek, wil Doze maar zeggen. Waar wél een gebrek aan is, zijn maatregelen om de zorg daadwerkelijk te verbeteren. Dagelijks ziet ze hoe moedeloos, en zelfs cynisch, zorgverleners, maar ook agenten hierdoor worden. Het vertrouwen dat de politiek dít probleem op kan lossen, lijkt verdampt, constateert ze.
Tien jaar geleden, na de moord op D66-politicus Els Borst door een man met paranoïde schizofrenie, werden al beloftes gedaan. ‘Maar nog steeds vallen juist deze complexe, psychiatrische patiënten tussen wal en schip.’
Ook Elsa Doze zelf vindt het moeilijk optimistisch te blijven. ‘Want vanuit de politiek en het ministerie van Volksgezondheid wordt al snel gezegd: het is te complex, dus we beginnen er maar niet aan om echt iets te veranderen. Maar voor zorgverleners is de huidige situatie onhoudbaar.’
Waarom is het zo complex?
‘Het hoeft niet ingewikkeld te zijn. Focus je op de groep complexe, psychiatrische patiënten die, als het niet goed met ze gaat, gevaarlijk kunnen worden, dan gaat het naar schatting ‘maar’ om zo’n 1.500 mensen. Ons doel is om deze patiënten continu in beeld te hebben, ze zorg te bieden en een plek waar ze kunnen blijven. Zo hopen we de kans dat het misgaat te verkleinen.
‘Alleen: het lukt ons nu onvoldoende om deze groep patiënten die zorg te geven. Dat komt onder meer door de complexiteit van ons zorgstelsel. Afgelopen vijftien jaar zijn er allerlei aparte zorgwetten gekomen: de Zorgverzekeringswet, Wet maatschappelijke ondersteuning, de Wet forensische zorg, ga zo maar door. Hierdoor zijn er allemaal schotten gekomen.
‘Deze patiënten kampen vaak met veel problemen en vallen daardoor in meerdere wetten tegelijk, met elk zijn eigen loket, regels en financieringsstromen. In de praktijk merken wij dat zo’n loket snel zegt: nee, deze patiënt valt onder een andere wet, ga maar naar een ander loket. Iedereen wijst naar elkaar, want niemand zit op deze ingewikkelde groep te wachten.’
Kunt u een voorbeeld geven?
‘Ik hoor verhalen van hulpverleners dat patiënten hierdoor soms wel bij 58 instellingen worden afgewezen. En als ze wel worden geaccepteerd, staan ze soms jarenlang op een wachtlijst.
‘Het gevolg is dat een groot deel op straat leeft en we alleen echt iets kunnen doen als het bijna, of helemaal, misgaat. Dan kunnen we zo’n patiënt bijvoorbeeld met een crisismaatregel opnemen in een kliniek. Daar stabiliseren we hem weer. Maar als de behandeling erop zit, belandt hij weer op de straat. Dan is het wachten totdat hij weer aftakelt.
‘Met deze manier van werken verspillen we veel geld, want zo’n plek in een kliniek kost 2 ton per jaar. Bovendien levert het risico’s op voor de maatschappij, omdat deze mensen gevaarlijk kunnen worden als het niet goed met ze gaat.’
Is er dan niets veranderd in het afgelopen decennium?
‘Onder regie van de zogenoemde regionale Zorg- en Veiligheidshuizen zijn onder meer de politie, ggz en gemeente veel beter gaan samenwerken. Natuurlijk kan de samenwerking altijd nog beter, maar we hebben grote stappen gezet.
‘En we hebben de Levensloop-aanpak opgezet. Met deze aanpak hebben we nu 600 van de 1.500 potentieel gevaarlijke psychiatrisch patiënten ‘in beeld’. Samen met onder meer de politie en gemeente proberen we te bedenken wat zo’n patiënt nodig heeft en maken we een mooi plan. Maar daarna loopt een hulpverlener vaak vast, en kan de juiste zorg toch lastig of niet geregeld worden.’
Vanuit de politie en de ggz zijn er al verschillende ideeën aangedragen voor verbetering. Zo wordt er gepleit voor meer geld voor ‘bemoeizorg’ zodat tijdig gesignaleerd kan worden als het niet goed gaat met een patiënt en voor meer woonplekken voor deze groep. Wat moet er volgens u veranderen?
‘Uiteindelijk begint het ermee dat één bewindspersoon verantwoordelijk moet worden voor dit onderwerp.
‘Want juist in Den Haag is er nu nog sprake van versnippering. Bij het ministerie van Volksgezondheid houdt de ene staatssecretaris zich bijvoorbeeld bezig met curatieve ggz-zorg, en de andere met langdurige ggz-zorg. En als er een heftig incident is, wordt het ministerie van Justitie het aanspreekpunt. Bovendien heb je sinds vorig jaar ook nog de minister van Binnenlandse Zaken die een ‘gezamenlijke aanpak’ moet coördineren.
‘Ik hoop dat het ministerie van Volksgezondheid zegt: het begint met de zorg, dus wij zijn ervan en gaan voor deze groep een sluitend stelsel maken waarin hulpverleners niet continu van het kastje naar de muur gestuurd worden, maar waarin ze deze kwetsbare patiënten echt kunnen helpen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant