Nu de PKK heeft aangekondigd zichzelf op te heffen, is er hoop voor ‘de Moeders van Diyarbakir’, die al jaren demonstreren omdat hun (jonge) kinderen door de Koerdische verzetsbeweging werden gerekruteerd. De grote vraag: zijn ze nog in leven?
schrijft vanuit Istanbul over Turkije, Iran, Israël en de Palestijnse gebieden.
Propaganda van de Turkse staat of oprechte getuigenissen van verdrietige moeders? Er kan geen twijfel over bestaan dat óók van het eerste sprake is, in de tent voor het voormalige kantoor van de politieke partij HDP in Diyarbakir, de grootste Koerdische stad van Turkije.
In de tent verzamelen zich al ruim vijf jaar vrouwen: moeders van kinderen die zich hebben aangesloten bij de guerrilla van de Koerdische PKK. Hun weeklacht past helemaal in het straatje van de Turkse regering.
De ook in Europa als terroristisch te boek staande beweging zou jongeren, niet zelden minderjarig, hersenspoelen om ze klaar te stomen voor de gewapende strijd.
Vandaar dat de tent elke dag wordt bewaakt door de Turkse politie: gewoonlijk wordt protest in Turkije door de autoriteiten verboden of gezwind beëindigd. De regeringsgezinde krant Daily Sabah brengt om de paar maanden een reportage over de ‘Moeders van Diyarbakir’, en ook op de internationale zender TRT World komen de vrouwen geregeld in beeld.
Maar zijn de moeders dus ongeloofwaardig? Dat is een ander verhaal. Feit is dat de afgelopen decennia talloze jonge mensen in het zuidoosten van Turkije, kinderen soms nog, van de ene dag op de andere verdwenen.
Naderhand kregen de ouders te horen dat hun zoon of dochter in de bergen zat, bij de PKK. Soms ging zo’n bericht vergezeld van een foto van een jeugdige strijder in groen guerrillauniform, kalasjnikov over de schouder.
Hatice Levent (60) kreeg zelfs een video te zien. Daarin vertelt haar dochter Fadime over het ‘prachtige leven’ in de bergen. ‘Door de ideologische training begreep ik dat de waarheid altijd verdoezeld was’, zegt Fadime in de video. Vol verering heeft ze het over ‘önderlik’ (leiderschap), waarmee PKK-leider Abdullah Öcalan wordt bedoeld. Ook de bijnaam ‘Zon van de vrijheid’ valt. Zelf heeft Fadime, zoals bij de PKK gebruikelijk, een strijdersnaam aangenomen, ‘Avasin Kütahya’.
Treurig feit: voor moeder Hatice was de video het tegendeel van een levensteken. Haar dochter is een van de ‘martelaren’ op de website hpgsehit.com. Daarop eert de PKK strijders die zouden zijn omgekomen. Of dat echt zo is weet Hatice niet, zegt ze in tranen. Ze houdt hoop. ‘Om ons te laten stoppen met zoeken, plaatst de PKK soms foto’s of video’s op die site, terwijl de kinderen in werkelijkheid nog in leven zijn.’
Op deze doordeweekse dag zitten zo’n tien vrouwen in de tent, elk achter een foto van zoon of dochter. In totaal staan er 75 foto’s, onder wie twaalf van meisjes. Wat de moeders vertellen valt niet te controleren, maar ze lijken oprecht en hun verhalen klinken niet opgeklopt, zitten vol vraagtekens. Veel jongeren lijken op de foto tegen de twintig, zoals Fadime, maar sommigen zijn beduidend jonger.
De tent werd in september 2019 opgeslagen bij het kantoor van de Koerdisch gezinde HDP (tegenwoordig DEM geheten), omdat de partij banden heeft met de PKK. Een DEM-delegatie sprak eind februari dit jaar met Öcalan in diens cel en maakte daarna de brief openbaar waarin de PKK-leider zijn beweging oproept de wapens neer te leggen en zich te ontbinden.
Half mei maakte de PKK bekend de oproep te zullen volgen. Als dat gebeurt , zullen de Moeders van Diyarbakir hun kinderen mogelijk terugzien.
Het woord ‘kinderen’ betreft de familieband, maar in sommige gevallen ook de leeftijd. De PKK is er in het verleden vaak van beschuldigd kindsoldaten in te zetten. In een rapport van Human Rights Watch (HRW) uit 2016 wordt beschreven hoe de beweging in het Qandilgebergte in Irak, waar ze is neergestreken, minderjarigen rekruteert, soms na een ontvoering.
‘Kinderen onder de 15 jaar vertelden dat ze aan gevechten hebben deelgenomen’, aldus het rapport, ‘terwijl anderen zeiden controleposten te hebben bemand of wapens schoongemaakt. Zelfs als de gewapende groepen kinderen niet rechtstreeks naar gevechten sturen, brengen ze hen in gevaar door ze te trainen in gebieden waar Turkije luchtaanvallen uitvoert.’
In één geval werd een meisje van 13 ernstig gewond door PKK-strijders toen ze probeerde te ontsnappen, aldus HRW. Rekrutering van minderjarigen is een oorlogsmisdaad. De mensenrechtenorganisatie benadrukt dat van ‘vrijwilligheid’ per definitie geen sprake kan zijn. Verslagen van journalisten doen vermoeden dat de praktijk in Qandil niet is gestopt.
Recente bewijzen van het inzetten van kindsoldaten komen vooral uit het noordoosten van Syrië, waar de aan de PKK gelieerde militie SDF een autonome regio bestuurt. Virginia Gamba, VN-rapporteur voor Kinderen en Gewapend Conflict, schreef in juni vorig jaar bezorgd te zijn ‘over de toename van rekrutering en gebruik van kinderen door de SDF’.
In een rapport uit oktober beschrijft Human Rights Watch hoe de TCS, een groep volgelingen van PKK-leider Öcalan, kinderen rekruteert voor de SDF. ‘De TCS heeft meisjes en jongens van 12 jaar en ouder gerekruteerd, hen van school en huis verwijderd en hun families het contact met hen ontzegd’, aldus HRW.
Met de jongeren wordt contact gelegd bij scholen. Met vleierij en beloften van avontuur en heldendom worden ze verleid deel te nemen aan een intensieve ideologische training. ‘Ze dwingen niemand, maar doen aan hersenspoelen’, zegt de HRW-onderzoeker, die anoniem moet blijven, telefonisch vanuit Irak. ‘Als je je eenmaal hebt aangesloten, kun je niet meer terug.’
In 2019 sloot de SDF met de VN een pact tegen het gebruik van kindsoldaten, maar volgens HRW bereikte de rekrutering in 2023 een piek met 637 geverifieerde gevallen. Sommige minderjarigen komen na verdere militaire training terecht bij de PKK in Qandil.
Ook TCS heeft een website voor ‘martelaren’. Een van hen is een meisje dat lid werd op haar 14de en op haar 17de stierf tijdens een gevecht – net als wellicht Fadime Levent.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant