De kans om kinderen te krijgen, hangt ermee samen of iemand in een koophuis woont of in een huurwoning. Met name bewoners van dure huurhuizen kiezen minder vaak voor kinderen dan mensen die relatief goedkoop wonen.
is economieredacteur voor de Volkskrant en sinds 2021 specialist op het gebied van de energietransitie.
Eigenaren van een koopwoning in een duurdere buurt krijgen juist vaker kinderen, zeker als de waarde van hun woning de afgelopen jaren is gestegen. Dit blijkt uit een onderzoek dat voor het eerst is uitgevoerd door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI).
Dat leefomstandigheden van invloed zijn op de keuze voor kinderen is al langer bekend, maar niet eerder is gekeken naar het onderscheid tussen huurders en kopers, zegt hoofdsocioloog Tanja Traag van het CBS.
‘Zeker voor vrouwen die al langer in een koophuis wonen, geldt dat de waardevermeerdering van de afgelopen jaren hun meer mogelijkheden biedt. Bijvoorbeeld om maandlasten te verlagen of de woning te verbouwen zodat ze geschikter is voor gezinsuitbreiding’, aldus Traag.
Huurders hebben deze mogelijkheden veel minder. Bovendien zijn hun woonlasten gemiddeld vaak hoger dan die van mensen in een vergelijkbare koopwoning. ‘Huurders zeggen vaker dan kopers echt te willen verhuizen, maar niets te kunnen vinden’, aldus de onderzoeker. ‘Huurders wonen dus minder vaak in goede omstandigheden om een gezin te beginnen. Of uit te breiden.’
Deels heeft dit te maken met het aanbod. Ruime eengezinswoningen met een tuin worden als gezinsvriendelijk gezien, en dit zijn meestal koopwoningen. Door de prijsstijgingen van de afgelopen jaren is het voor veel Nederlanders moeilijker geworden zo’n woning te bemachtigen. Voor huurders is het daarnaast steeds lastiger geworden een huis te kopen.
Maar niet alleen de woningmarkt bepaalt of mensen besluiten kinderen te nemen, benadrukt Traag. ‘Er zit veel meer achter, blijkt uit diverse andere onderzoeken.’
Zo speelt ook verschil in opleiding een rol. Hoger opgeleide vrouwen kiezen eerder voor het krijgen van kinderen dan vrouwen zonder diploma. Deze groep Nederlanders heeft bijvoorbeeld vaker te maken met flexcontracten, waardoor zij minder zeker zijn over hun inkomsten, aldus de CBS-onderzoeker.
‘Over het algemeen kun je zeggen dat vrouwen met een lagere bestaanszekerheid minder kans hebben op het krijgen van een kind. En deze kloof is de laatste jaren gegroeid’, zegt Traag.
Overigens kiezen vrouwen met een hbo-opleiding of hoger vaak later voor het krijgen van kinderen, omdat zij volgens Traag langer een opleiding volgen en ook meer tijd nodig hebben om carrière te maken. ‘Dit heeft deels dus ook te maken met wat je emancipatie kunt noemen. Het is een complex geheel van factoren.’
Maar als de woonmarkt niet verandert, is er volgens haar geen kans dat het nu waargenomen ‘huurderseffect’ snel verdwijnt.
Jonge Nederlandse huurders zijn een steeds groter deel van hun inkomen kwijt aan woonlasten, bleek vrijdag uit een publicatie van ING. Volgens de bank besteden huurders onder de 35 gemiddeld 46 procent van hun besteedbare inkomen aan wonen en betalen ze gemiddeld bijna 1.200 euro per maand. Een decennium geleden ging 39 procent van het totale inkomen naar huur, energie, water en heffingen. Huurders van corporatiewoningen betalen overigens wel flink minder: gemiddeld 680 euro.
Luister hieronder naar onze nieuwspodcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant