Acteurs als Harris Dickinson, Scarlett Johansson en Kristen Stewart debuteren dit jaar op het filmfestival van Cannes als regisseur. Spannend, want bij zulke films zijn de messen van critici net wat extra geslepen. Waarom wagen de sterren zich aan zo’n nieuwe rol?
schrijft voor de Volkskrant over film.
Filmcarrières worden nergens zo nadrukkelijk gemaakt of gebroken als tijdens het filmfestival van Cannes. De 78ste editie voegt daaraan een extra laag toe. Cannes is dit jaar ook de plek waar de carrières van gearriveerde acteurs worden omgedoopt: van filmster naar regiedebutant.
Harris Dickinson, Scarlett Johansson en Kristen Stewart, geliefde acteurs dankzij rollen in films als Babygirl (Dickinson), Lost in Translation (Johansson) en Twilight (Stewart), wagen zich deze dagen op het podium om als regisseur hun eerste speelfilm te presenteren. In het officiële zijprogramma Un certain regard, waar doorgaans de uitdagendere films worden getoond van makers die in het dagelijks leven wél over straat kunnen, vallen namen van dit kaliber op.
De zalen waar Urchin (Dickinson), The Chronology of Water (Stewart) en Eleanor the Great (Johansson) worden vertoond, puilen uit. Er kijken liefst twee festivaljury’s mee, speurend naar het beste regiedebuut (straks goed voor de Caméra d’Or) en de beste films van deze specifieke programmasectie.
Nieuw is deze rebranding van acteurs niet. Regisserende steracteurs als Clint Eastwood (Unforgiven, Million Dollar Baby), Mel Gibson (Braveheart) en Robert Redford (Ordinary People) wonnen decennia geleden zelfs Oscars met hun tweede carrière in de filmwereld.
Spannend is het wel. De acteurs zijn er stuk voor stuk op uit om te laten zien dat ze meer in petto hebben. Het afbreukrisico van een in Cannes vertoonde film is groot – en het afbreukrisico van een filmster met regieambities is nog net wat groter. De messen van de critici in Cannes zijn vaak net wat extra geslepen. Vraag het Sean Penn, wiens oorlogsdrama The Last Face (2016) hier zo’n beetje als misdaad tegen de menselijkheid werd ontvangen. Maar wie slaagt, stapt vanaf dat moment in het beste geval zomaar door het leven als filmauteur, zo’n maker met op elk shot een persoonlijk stempel.
Een paar minuten voor de première van Dickinsons Urchin laat festivaldirecteur Thierry Frémaux de 28-jarige Engelsman nog even wat extra zweten. ‘C’est un film d’un acteur’, zegt hij. Dit is een film van een acteur. Alsof hij er nog even in wil wrijven dat Dickinson zich toch echt eerst moet bewijzen eer hij zich na afloop van de film regisseur mag noemen.
In de dagen voor het festival toont de regisseur in wording zich zelfverzekerd in een van de enthousiasmerende interviews in de dagelijks verschijnende festivaledities van de filmvakbladen. ‘Ik wilde al regisseren voordat ik wilde acteren’, noteert The Hollywood Reporter. Dickinson vertelt dat hij zo’n zes jaar geleden begon met zijn script over de verslaafde dakloze jongen Mike – om te onderstrepen dat er geen sprake is van een regieopwelling.
Wanneer hij de microfoon in zijn hand krijgt gedrukt, oogt Dickinson toch wat nerveus. Tegen de zaal: ‘Mochten jullie de film straks niet zo goed vinden, zeg het dan alsjeblieft voorzichtig.’
De internationale filmpers toont zich na afloop opgetogen. Dickinson is weliswaar ‘te jong, te knap en te hot om te doen alsof zijn debuut in een vacuüm bestaat’, zo omschrijft IndieWire het algemeen heersende gevoel over de filmster met regieambities, maar de filmwebsite is enthousiast over het resultaat. Elders wordt de film ‘indrukwekkend’ genoemd en vergeleken met het sociaal realisme van Mike Leigh en de gebroeders Safdie.
Ook Scarlett Johansson (40) is in de dagen voor haar première een geboren regisseur – volgens de bladen althans. Vanity Fair verneemt het in een ronkend artikel van Sofia Coppola, die haar als tiener regisseerde in Lost in Translation. Op haar 17de zou de actrice al zelfverzekerd over een latere regiecarrière hebben gesproken.
Desondanks laat ze haar wat sentimentele Eleanor the Great, over een New Yorkse vrouw die zich de Holocaustgeschiedenis van haar recent overleden beste vriendin heeft toegeëigend, wel erg nadrukkelijk drijven op het charisma van haar 95-jarige hoofdrolspeelster June Squibb. De actrice was voor het laatst in Cannes met Nebraska, waarvoor ze een Oscarnominatie ontving. Het moment waarop Squibb voor aanvang van de film onder een staande ovatie de zaal binnenschuifelt, kan het hoogtepunt van deze voorstelling worden genoemd.
Nee, dan Kristen Stewart (35). De Amerikaanse geeft van deze debuterende drie met The Chronology of Water veruit de sterkste en meest uitgesproken acte de présence. Ze baseerde haar film op de gelijknamige autobiografie uit 2011 van de Amerikaanse schrijver Lidia Yuknavitch, die in haar jeugd werd misbruikt door haar vader en zich als wedstrijdzwemmende tiener bijna kwalificeerde voor de Olympische Spelen. Trouw aan het boek, met een krachtige rol van Imogen Poots als Yuknavitch, maakt ze er intuïtief door de tijd springende, wilde filmkunst van. Niet alleen een aanklacht tegen misbruik, maar ook een duik in de fragmentarische wijze waarop herinneringen tot ons komen én een lofzang op het vrouwenlichaam.
‘Het is voor vrouwen zó belangrijk dat we op het doek naar onze lichamen kijken’, zegt ze daags na de première tijdens een interview met een aantal journalisten. ‘Mijn favoriete scène in de film is het moment waarop Lidia in haar hand klaarkomt en voor het eerst ontdekt dat vrouwen ook kunnen spuiten. Ze ruikt eraan, raakt doordrongen van haar lichamelijke potentie en er ontwaakt een soort dierlijkheid in haar. Dat is precies waarover mijn film gaat.’
Over haar kersverse regiecarrière is Stewart duidelijk. ‘Als acteur ben ik zo vaak als shit behandeld. Dit is de eerste keer dat ik écht word gezien als iemand die hersens heeft.’
Van de genoemde films wordt in ieder geval Kristen Stewarts The Chronology of Water later in de Nederlandse bioscopen uitgebracht.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant