Home

Biodiversiteit holt achteruit, maar we staren ons blind op de zichtbare soorten

is wetenschapsredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over natuur en biodiversiteit.

Burgerwetenschappers voeren op sites en apps miljoenen waarnemingen in van beestjes en plantjes. Toch zijn we blind voor het gros van de biodiversiteit.

U zult onderhand misschien wel moe zijn van die doorlopende polonaise, maar nog even volhouden: de Week van de biodiversiteit duurt nog tot en met zondag 25 mei. Afgelopen feestweek konden deelnemers in het hele land aanhaken bij tweehonderd activiteiten die natuurvereniging KNNV had verzameld. Een workshop bloembommen maken in Utrecht, of gezellig een middagje korren bij het Groene Strand Zandmotor, oftewel met een sleepnet in zee vissen (‘Met wat geluk vissen we krabben, visjes en ander zeeleven. We bekijken de vangsten en zetten ze daarna terug.’)

De feestvreugde is uiteraard goedbedoeld, maar omgeven met een rouwrandje: de activiteiten verbloemen ook een beetje de zwarte werkelijkheid. Die is allang geen nieuws meer: met die biodiversiteit is het droef gesteld. Veel (maar niet alle) soorten hollen of vliegen achteruit.

In deze rubriek geeft Jean-Pierre Geelen, natuurredacteur van de Volkskrant, zijn persoonlijke commentaar op opmerkelijke confrontaties tussen mens en natuur.

Een krant zou dagelijks kunnen berichten over de Living Planet Reports, IUCN Rode Lijsten (dag dunbekwulp) en rapporten van landelijke meetnetten die de achteruitgang in percentages tot achter de komma vatten. Maar een andere ongemakkelijke waarheid is dat zo’n nieuwsstroom (om in de terminologie te blijven) al gauw doodslaat – het medialandschap kampt met volstrekt eigen klimaatproblemen.

Omdat er altijd nog een rapport bij kan, publiceerde Naturalis, het Leidse onderzoeksinstituut inzake biodiversiteit, afgelopen donderdag, op (jottem!) Wereldbiodiversiteitsdag, een opmerkelijk rapport: het eerste Statusrapport Nederlandse Biodiversiteit 2025.

Daar had je het gedonder al weer: ‘De Nederlandse biodiversiteit staat er slecht voor’, concludeert ook dit rapport. Soorten verdwijnen of nemen af, waterkwaliteit gaat achteruit, er is stikstof en gebrek aan ruimte. Er zijn ook lichtpuntjes: zie de herrijzenis van bever, otter, wolf en zeearend. Tot zover geen nieuws.

Opmerkelijker is de diagnose over ons blikveld: wij zijn blind. Er zijn vermoedelijk meer dan 47 duizend soorten in Nederland en slechts een klein deel daarvan wordt genoemd in beleidsdoelen. De overgrote meerderheid ontgaat ons volledig: de kleine beestjes, zoals insecten, algen, schimmels en andere organismen. Niet onlogisch: sommige zeewieren bijvoorbeeld zijn alleen genetisch van elkaar te onderscheiden, maar ze zijn wel van levensbelang voor de biodiversiteit, aldus Naturalis.

De symptomen: de bekende Living Planet Index, die veranderingen in de biodiversiteit weergeeft, richt zich ‘slechts’ op gegevens over 376 soorten, zo’n 6 tot 7 procent van het vermoedelijke totaal in Nederland. De berekeningen voor de zogeheten staat van instandhouding worden gebaseerd op een schamele 500 soorten. Dat betekent dat slechts enkele procenten van het totaal aantal soorten in Nederland wordt vertegenwoordigd in biodiversiteitsbeleid.

Hoe dat komt: verreweg de meeste informatie is er over zoogdieren, vogels, vissen, amfibieën en reptielen, minder dan 1 procent van het aantal soorten in Nederland. Voor de overige 99 procent (insecten, spinnen, schimmels en algen) hebben we geen oog.

‘Biodiversiteit gaat over meer dan soorten alleen’, schrijft Naturalis. ‘Een toename van de hoeveelheid soorten of een groeiende populatie betekent niet automatisch een gezondere natuur.’ Beter is het te kijken naar de netwerken waarin soorten leven, het hele ecosysteem dus. Dat kan dankzij verbeterde hulpmiddelen als wildcamera’s en DNA-technologie, schetst Naturalis het perspectief.

Intussen kijken we massaal naar vogels, ‘burgerwetenschappers’ voeren nijver miljoenen waarnemingen van plantjes en beestjes in op apps als Obsidentify en sites als Waarneming.nl. Leuk, maar ‘ad hoc en onbetrouwbaar’, vindt Naturalis. Kortom: we staren ons blind. Toch weer een heel nieuwe kijk.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next