Home

De zelfverkozen zijlijnpoliticus 
met de beste politieke neus van allen

Hans Wiegel (1941 – 2025)

Hij verliet het Binnenhof op een moment dat hij nog had kunnen excelleren. Voor raspoliticus Hans Wiegel (VVD) werd de zijlijn zijn strijdperk. Hij opereerde vanaf daar even subliem als grillig. De Telegraaf meldt dat hij maandag op 83-jarige leeftijd is overleden.

Door Jan Joost Lindner en Raoul du Pré

VVD-leider en vicepremier Hans Wiegel, die maandag is overleden, was in 1967 het jongste Tweede Kamerlid (25) tot dan toe en in 1971 de jongste partijleider. Hij was een geboren politicus, die zijn briljante carrière te vroeg afbrak en daarna geen terugweg meer vond. Hij had de beste politieke neus van allen, de beste presentatie. Niemand kon tv, radio en kranten beter bespelen. Hij was een goed, zij het inhoudelijk ietwat oppervlakkig bestuurder en een indrukwekkend oppositieleider tegen het kabinet-Den Uyl in de ­jaren zeventig.

Sinterklaas bestaat. Daar zit-ie, achter de tafel

Hans Wiegel

In een televisiedebat, wijzend op PvdA-voorman Joop den Uyl

Wiegel wilde van de elitaire VVD ‘een grote ondogmatische volkspartij’ ­maken en slaagde daar met twee grote verkiezingsoverwinningen voortreffelijk in. Met zijn schalkse blik en zijn kwinkslagen, soms direct via de camera de huiskamers in, sprak hij conservatieve massa’s aan.

De jaren van een stormachtige opkomst

Als jong Kamerlid kreeg hij soms van wijze partijgenoten op zijn donder omdat hij zijn studie niet afmaakte. Maar als vrijgezel zat Wiegel, ­Nederlands eerste echte mediapoliticus, liever in perscentrum Nieuwspoort, waar hij grappend en verbaal strijdend vriendschap sloot met journalisten van alle soorten en richtingen. Hij was verlegen, maar ook een gezelligheidsmens. Zijn idealen waren globaal behoudend, maar hij hoefde inhoudelijke gevechten niet zo nodig te ­winnen. Hij zag als zijn hoofdtaak ‘mensen bijeenbrengen en enthousiasmeren’. Vermoedelijk had hij ­hogere toppen bereikt met meer beleidsmatige interesse en studiezin.

Hans Wiegel in de Tweede Kamer tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen, oktober 1971.

ANP

Wiegel feliciteert Piet Engels, minister van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk (CRM), met de goede afloop van het debat, juni 1972. Bij felle discussies viel het woord kabinetscrisis.

ANP

Zijn leiderschap in 1971 was een gok, en in 1972 overleefde hij een ‘coup’ van het VVD-bestuur ternauwernood dankzij een tip van een Telegraaf-journalist. Wiegel groeide uit tot een gevierd fractieleider. ‘Hij was volwassen ondanks zijn jeugd’, schreef partijgenoot Theo Joekes. En: ‘Onder leiding van Wiegel vergaderen was nooit saai en meestal een feest.’

PvdA-fractieleider Ed van Thijn, die jarenlang met hem streed, vond Wiegel ‘de beste oppositieleider van na de oorlog’ en was aanvankelijk bang van hem. De VVD-leider voerde een Engels-harde oppositie tegen het kabinet-Den Uyl, de meest linkse ploeg die Nederland ooit had. PvdA-voorman Joop den Uyl en hij vermaalden de confessionelen in wat ‘de polarisatie’ werd genoemd, waarbij de Katholieke Volkspartij (KVP) in drie verkiezingen halveerde.

Wiegel was nooit té sarcastisch, want hij wist dat hij het wordende CDA nog nodig had. In 1972 en in 1980 weigerde hij met de confessionelen te breken, hoewel de politiek minder begaafde VVD-subtop dat wél wilde. De PvdA had het CDA en vooral diens leider Dries van Agt meer van zich vervreemd dan Wiegel. Het resulteerde in 1977, ondanks een klinkende verkiezingsoverwinning voor de PvdA, in het kabinet-Van Agt-Wiegel, een verrassende centrumrechtse coalitie met minimale steun in het parlement.

Dries van Agt (CDA) en Hans Wiegel (VVD) in restaurant Le Bistroquet te Den Haag. Bij dit overleg in het schemerduister van het restaurant aan de Lange Voorhout in Den Haag spraken de twee over een nieuw kabinet, november 1977.

ANP

Wiegel was blij een nog langere oppositie te ontlopen. Zijn samenwerking met Dries van Agt was vriendschappelijk, zelfs zodanig dat de rest van het kabinet erbij hing. Overigens was Wiegel onzeker of hij het wel aankon, en hij kreeg rugklachten. Maar als handig bestuurder en coalitiepartner slaagde hij zeker. Het kabinet zat de rit uit, al maakte het weinig indruk en liet het grote financiële tekorten achter.

In 1981 opponeerde Wiegel niet graag tegen zijn vriend Van Agt. Maar dat was ook nauwelijks nodig, want diens kortstondige kabinet met Den Uyl was een rampzalige ruzieclub.

Het jaar van de ommekeer

In het voorjaar van 1982 keerde Wiegel plotseling het Binnenhof de rug toe. Hij stemde erin toe commissaris van de koningin in Friesland te worden in de verwachting dat het kabinet-Van Agt/Den Uyl nog wel een tijd zou zitten. Het werd al snel daarna gezien als een curieuze inschattingsfout, want kort daarop viel dat kabinet toch. Maar toen was Ed Nijpels al de nieuwe VVD-leider. Diens snelle opkomst zou achteraf ook een taxatiefout van Wiegel blijken. Nijpels boekte wel een goede verkiezingsuitslag, maar bleek niet de volwassenheid en de veelzijdigheid te hebben van de jonge leider Wiegel.

Je moet jezelf kunnen relativeren; een grapje maken ten koste van jezelf is de grootste kunst

Hans Wiegel

Over zijn tegenstrevers Jan Terlouw (D66) en Joop den Uyl (PvdA)

Hoewel die zijn privéleven liefst ver van de politiek hield, liet hij later doorschemeren dat zijn vertrek van het Binnenhof wel degelijk ook te maken had met de klap die hij in 1980 persoonlijk te verwerken kreeg toen zijn vrouw Jacqueline overleed bij een verkeersongeluk. Hij stond er thuis opeens alleen voor, met twee kinderen van 5 en 3 jaar. Later hertrouwde hij met Jacquelines zus ­Marianne – een huwelijk dat 23 jaar standhield, totdat ook zij in 2005 bij een verkeersongeluk om het leven kwam.

Hij had het zwaar, maar de buitenwereld zag hem twee keer wonderbaarlijk snel opkrabbelen. Het was zijn vermogen om de zonkant te zoeken, analyseerde hij zelf in de Volkskrant: ‘Ik heb meer meegemaakt dan de gemiddelde Nederlander, dat is waar. Dit wens je niemand toe. Maar ik ben met Jacqueline bijna acht jaar en met Marianne zelfs 23 jaar erg gelukkig geweest. Dat kan ik toch niet over het hoofd zien? Ik koester al die prachtige herinneringen zorgvuldig. Dat schrijf ik ook weleens in een condoleancebrief: ik hoop dat je dit verschrikkelijke verlies kunt verwerken. Zorg alsjeblieft ook dat je je geluk niet vergeet.’

Het orakel aan de zijlijn

Zijn verblijf in Friesland was ook het begin van zijn leven als politiek commentator, wiens mogelijke rentree decennialang boven de VVD en het Binnenhof zou blijven hangen. Hij groeide in Friesland uit tot een geslaagd provinciaal bestuurder, maar tevens tot het kristallisatiepunt van ontevredenen in de VVD. Met allerlei kritische uitspraken en halfslachtige pogingen om terug te komen, verzwakte Wiegel het leiderschap van zijn opvolgers in een onrustige ­periode. Als ‘orakel van Ljouwert’ ofwel ‘de Grote IJsmeester’ bleef hij zich, bij voorkeur via De Telegraaf, publiekelijk met de gang van zaken in de partij bemoeien.

Videpremier en minister Hans Wiegel neemt minzaam maar triomfantelijk zwaaiend de toejuichingen in ontvangst tijdens het VVD-congres van 24 januari 1981. Rechts partijvoorzitter Jan Kamminga.

Bert Verhoeff

Na de dood van minister Koos Rietkerk in 1986 was even sprake van een terugkeer. Maar Wiegel weigerde en Nijpels deed ook niet erg zijn best om hem over te halen. In de publiciteit nam Wiegel daarna geen gas terug. In 1989 droeg hij met populistische uitspraken zeker bij aan de voor de VVD onvoordelige ‘autocrisis’ die het kabinet-Lubbers II fataal werd.

Vier jaar later, toen hij vertrok uit Leeuwarden, was het te laat voor een comeback. De nieuwe leider Frits Bolkestein had de VVD eindelijk op orde, bleek inhoudelijk scherpzinnig en een stemmentrekker. Het partij­bestuur weerde Wiegel af.

Een naar hem vernoemde politieke nacht

Een senaatszetel zat er wel in, en hij bleef een gevierd man en veelgevraagd spreker. Onverminderd populair bij de kiezers, ook buiten de VVD: in 1999, in de hoogtijjaren van de voortkabbelende paarse consensuspolitiek, kwam Wiegel uit kiezers­onderzoek plots weer naar voren als de populairste kandidaat om premier Wim Kok (PvdA) op te volgen – alle zittende politici legden het tegen hem af. Het bleek een eerste voorbode van de revolte tegen het paarse politieke establishment, die twee jaar later door Pim Fortuyn in gang werd gezet.

Nog eenmaal stal Wiegel rond die tijd als actief politicus de nationale show, zij het op een omstreden manier. In mei 1999 was hij de enige VVD-senator (daar had hij wel voor gezorgd) die ­tegen het opnemen van het referendum in de Grondwet stemde. Het voorstel sneuvelde en D66 was zo woedend dat het tot een kabinetscrisis kwam.

Wiegels actie was niet zonder persoonlijke ijdelheid. ‘Ik heb de volgende dag nog wel Norbert Schmelzer gebeld en gezegd dat er nu behalve de Nacht van Schmelzer ook mooi een Nacht van Wiegel was’, vertelde hij later in de Volkskrant.

Wiegel staat de pers te woord op de avond die de geschiedenis zou ingaan als de Nacht van Wiegel, 18 mei 1999.

Gerhard van Roon / ANP

Wiegel schudt premier Wim Kok (PvdA) de hand, vlak voor de stemming in de Eerste Kamer over het wetsvoorstel over het correctief referendum.

Gerhard van Roon / ANP

Het avontuur liep ternauwernood goed voor hem af. Zijn ‘nacht’ had de VVD zelfs in de oppositie kunnen brengen, en dan zou de aanhang er heel wat donkerder tegenaan hebben gekeken. Maar het paarse kabinet-Kok II werd gelijmd, en het VVD-erelid werd de schande van een lijvige misgok bespaard. Het was een curieus optreden voor iemand die altijd het ­tegendeel van een breker was geweest. In de toenmalige VVD-top verspeelde hij al zijn krediet. Eendrachtig werd besloten dat Wiegels commentaar van de zijlijn voorlopig totaal genegeerd zou worden, in een ­poging de ‘egocentrische ijdeltuit’ als politieke factor uit te schakelen.

Ik ben de beste premier die Nederland nooit gehad heeft

Hans Wiegel

In een uitzending van De Wereld Draait Door

‘De manier waarop Wiegel zich na 1982 tot de media heeft gericht, is schadelijk geweest voor de VVD’, analyseerde een ander VVD-erelid, Henk Vonhoff, in het boek Hans Wiegel en het spel om de macht van toenmalig ­Elsevier-verslaggever Jan Hoedeman. ‘Wat Wiegel deed was van de bok afstappen, doorlopend suggereren dat hij er misschien op terug zou komen en tegelijkertijd een beetje doen alsof hij er weer op zat.’

Oud-minister Frank de Grave beschreef in hetzelfde boek hoe de irritaties al kort na Wiegels vertrek opliepen in de VVD-fractie. De Grave: ‘Zijn media-interventies versterkten niet alleen zijn eigen positie, maar ook het beeld van de VVD-malaise.’

Vrijage met het populisme

Het effect van het voornemen om Wiegel te negeren werkte hooguit tijdelijk, want de voormalige partijleider bleek zijn partij inmiddels in veel opzichten te zijn vooruitgesneld in een andere richting. Pim Fortuyn had in de winter voor zijn dood het plan om Wiegel na de verkiezingen van 2002 naar voren te schuiven als de premier van een kabinet van de fortuynisten met CDA en VVD. Hij zag in Wiegel de ideale compromiskandidaat. De gesprekken waren geopend.

Hans Wiegel werkt zaterdagmiddag in alle rust aan zijn spreekbeurt voor de landelijke voorzittersdag van de VVD in Ermelo in 2005. Wiegel vindt niet dat de Nederlandse burger in de toekomst zijn eigen burgemeester moet kiezen. Hij roept de Eerste Kamer op de kabinetsplannen tegen te houden.

Koen Suyk / ANP

Veldhoven, 15 september 2007. Op de weg terug naar zijn plek nadat hij op het VVD-congres een pleidooi heeft gehouden om Rita Verdonk via een bemiddelingspoging toch in de fractie te houden. Daarmee de beslissing van partijleider Mark Rutte negerend. Frits Bolkestein loopt naar het spreekgestoelte om het besluit van Rutte juist te verdedigen.

Martijn Beekman

Door de moord op Fortuyn liep het anders, maar het bleek wel het begin van Wiegels vrijage met de nieuwe populistische stroming die sindsdien zo dominant werd op het Binnenhof. Hij treurde openlijk over het vertrek van Geert Wilders uit de VVD, sympathiseerde daarna met ­hemelbestormer Rita Verdonk en pleitte in 2007 uiteindelijk voor opheffing van de partij. Die zou in zijn ogen moeten opgaan in een brede ­liberale beweging waarin ook plaats gemaakt diende te worden voor D66, de inmiddels uitgerangeerde Verdonk en de PVV van Wilders. In de potentie van de nieuwe partijleider, Mark Rutte, zag hij aanvankelijk weinig.

Mark Rutte, de misrekening

Het werd een van de zeldzame ­keren dat zijn politieke gevoel hem in steek liet. Juist onder Rutte groeide de VVD gedurende veertien jaar uit tot de centrale machtsfactor in de Nederlandse politiek. Rutte zelf was slim genoeg om Wiegel vanaf het begin van zijn premierschap stevig aan de borst te drukken. Hij ontving hem in de eerste jaren met grote regelmaat in het Torentje.

Dat kon niet voorkomen dat Wiegel zich in 2012 aan het hoofd zette van het massale protest van de VVD-achterban tegen de invoering van de inkomensafhankelijke zorgpremie (‘nivellerender dan Den Uyl!’), maar in de jaren daarna toonde hij zich doorgaans mild.

Thierry Baudet en Hans Wiegel tafelen in Le Petit Bistro in Sneek, maart 2019.

Al zal het ook Rutte niet zijn ontgaan dat Wiegel begin 2019 nog openlijk flirtte met Thierry Baudets snel opkomende ­Forum voor Democratie. Zijn poging als informateur om Forum in Zuid-Holland in het provinciebestuur te manoeuvreren, strandde op gebrek aan draagvlak onder de volksvertegenwoordigers. Duidelijk geërgerd over die tegenwerking trok hij de deur van het provinciehuis in de zomer van 2019 achter zich dicht.

Het afscheid van zijn publiek

Twee maanden later werd hij getroffen door een hersenbloeding. Tot 2022 koesterde hij zijn column in De Telegraaf, maar zijn drang om zich met alles te bemoeien, smolt langzaam maar zeker weg. Met een interview nam hij afscheid van de lezers: ‘De laatste tijd dacht ik steeds vaker: ja, waar zal ik het eigenlijk eens over hebben?’

VVD-coryfee Hans Wiegel vertrekt bij de Tweede Kamer na een rondetafelgesprek over de Wet inkomstenbelasting, 16 november 2017.

Freek van den Bergh

Wiegel was een zeer aimabel mens en een trouwe en hartelijke vriend, ook voor velen buiten de VVD. Hij was gevat en scherp, maar wist ook de simpele woorden en sterke leuzen te vinden die mensen aanspraken die de politiek slechts van een afstandje volgden. Een politiek natuurtalent dat voor de VVD van grote betekenis werd. Met wat meer geluk en doorzettingsvermogen had hij zijn partij en het land veel langer hoogwaardig kunnen dienen.

Alles komt aan de orde in de biografie van Hans Wiegel – soms iets te uitvoerig ★★★☆☆

Biograaf Pieter Sijpersma schrijft met gevoel over oud-politicus Hans Wiegel. Ontroerend zijn de passages over de grote tragedies in zijn bestaan. Maar dikwijls zit de auteur zijn verhaal in de weg: hij wil te veel vertellen.

Als populistisch rechts belt, zegt stokebrand Wiegel onmiddellijk ‘ja’

In het politieke spel rechts Nederland op koers te houden, is Hans Wiegel al decennia de zelfverkozen stuurman. Dankzij zijn netwerk, zijn column in De Telegraaf maar vooral ook door zijn politieke smeedwerk. Zoals nu in Zuid-Holland, op verzoek van Thierry Baudet.

Source: Volkskrant

Previous

Next