is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
De trainer huilt. Goed, je kunt zeggen, hij is een Italiaan, uit het land van commedia dell’arte, maar zijn tranen zijn bitter en echt. Francesco Farioli, de huilende filosoof. Volgens de Duitse filosoof Helmuth Plessner (1892-1985) is huilen, net als lachen overigens, een reactie waarbij ons lichaam even de regie van ons overneemt.
Dat gebeurde in Amsterdam, nadat Ajax als tweede was geëindigd in de eredivisie. Waar Wout Weghorst uithaalde naar een camera, als een ordinaire straatvechter in zijn eigen theater, liet Farioli tranen voor het grote publiek, als signaal van ontwapening. Hij zal wel vertrekken. Er is zo veel gebeurd dit seizoen, hij is zo moe, en hij huilt om wat hij mist: de titel. ‘Huilen is het claimen van onze menselijkheid, van het leven zelf’, is ook terug te vinden in de filosofie van het huilen.
Over de auteur
Willem Vissers is voetbalverslaggever van de Volkskrant en schrijft elke week een sportcolumn. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Farioli gaf bij wijze van spreken zijn leven voor Ajax. Al die uren, al dat denkwerk, het overtuigen van spelers en stafleden. Het optimisme. De lach. De charme. De stijl. De harde, intern gevoerde strijd met de directie over beloofde, niet altijd gekomen versterkingen. De club waar flankspelers tot de identiteit behoren, had niet genoeg fatsoenlijke buitenspelers.
Hij bleef bij Ajax toen zijn vrouw lag te bevallen in Italië. Hij deed normaal. Aardig. Welbespraakt. Hij was geen schreeuwer, al liep hij dan weleens het veld op, emotioneel als hij is. Hij begon de persconferentie van zondag met het feliciteren van PSV, met de mededeling dat PSV de betere was geweest in waar het om draait in de eredivisie: voetbal. Natuurlijk was PSV de betere, als kampioen van het ware voetbal, ondanks een beschamende periode van verval waarin het de titel officieus overdeed aan Ajax. Vlak voordat officieus een officieel karakter kreeg, volgde de implosie van Ajax.
Farioli probeert aan journalisten uit te leggen dat het kan in de sport, dat je negen punten voorstaat en toch geen kampioen wordt. Ja, het is zeldzaam, maar het kan. Bij veel volgers is zo’n omkering onmogelijk. Als je negen punten voorstaat, met nog vijf duels te spelen, moet je kampioen worden. Zo niet, dan ben je een flapdrol.
Natuurlijk moet Ajax thuis van NEC winnen, maar het kan dus anders lopen, als je zelf niet zo goed bent, als je onverwacht een doelpunt tegen krijgt en daar niet zoveel tegenover kunt stellen. Alle muren op de Toekomst waren saai wit, constateerde Farioli bij zijn entree in Amsterdam. Overal hangen nu foto’s, als schilderij van het seizoen. Alleen de foto’s van de catharsis zullen blijven ontbreken.
Jazeker, het voetbal van Ajax was soms om te huilen, omdat het totaal atypisch was voor waar de club voor staat. Maar het was mooi en interessant om een ander gezicht te zien van het normaliter arrogante, grote Ajax. Ajax loopt meestal in smoking over de rode loper van de eredivisie. Farioli keek naar de acteurs, trok ze een werkoverall aan, met een helm en stuurde ze de steigers op.
Alles gegeven, met liefde, stamelde Farioli tussen de tranen door. De tank is leeg. ‘Soms is alles niet genoeg’, zei hij. C’est la vie, zong Claude tijdens het Songfestival. Die won trouwens ook niet.
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns