De tweede halve finale van het Eurovisie Songfestival verliep rustiger dan verwacht. Na een wat roerige generale repetitie was er tijdens de liveshow donderdagavond weinig reuring tijdens het optreden van omstreden deelnemer Israël. Het spektakel kwam aan het eind van de Finse zangeres.
is popredacteur van de Volkskrant. Verslag vanuit Bazel.
Het is maar goed dat de Israëlische zangeres Yuval Raphael heeft geoefend om dwars door gejoel en gefluit heen te zingen, ter voorbereiding op het Eurovisie Songfestival. Haar optreden tijdens de generale repetitie op donderdagmiddag werd verstoord door demonstranten in het publiek, die met meegebrachte fluitjes goed te horen waren door haar ballade New day will rise heen.
De deelname van Israël aan het liedfestijn is controversieel. Tegenstanders vinden dat organisator EBU een dubbele standaard hanteert door Rusland wel uit te sluiten na de invasie in Oekraïne, maar Israël niet, ondanks de belegering van Gaza. De beveiliging bij de St. Jakobshalle in het Zwitserse Bazel was donderdagavond dan ook iets strenger dan bij de eerste halve finale op dinsdagavond. Bezoekers meldden dat de controles bij de ingang een stuk grondiger waren dan dinsdag.
Het had effect: tijdens de liveshow werd het optreden van Raphael nauwelijks verstoord. Er was wat boegeroep, en een paar toeschouwers draaiden het podium de rug toe. Maar op televisie was daar weinig van te merken, de zangeres kon haar gevoelige lied kraakhelder overbrengen. Ze overtuigde daarmee, zoals verwacht, het publiek en is door naar de finale. Bij zo’n controversiële act is het boffen voor de artiest dat je alleen vóór een deelnemer kan stemmen, en niet tegen. Israël staat deels daarom al weken hoog bij de bookmakers.
Favoriet Oostenrijk is ook door. De indrukwekkende contratenor JJ staat met zijn Wasted Love in de peilingen al geruime tijd op de tweede plaats, net onder Zweden. Hij wist donderdagavond alle onmenselijk hoge noten te halen, na de climax met technosausje beklijft het sterke gevoel dat hier een knappe prestatie werd geleverd.
De opvallendste momenten kwamen deze tweede halve finale van twee nummers die maar net door de EBU-kuisheidscontrole kwamen.
De Maltese zangeres Miriana Conte moest haar originele inzending iets aanpassen. De titel, Serving Kant, was een weinig subtiele knipoog naar de drag-term serving cunt. Die term is in de mainstream terechtgekomen en betekent inmiddels zoiets als je zelfverzekerd gedragen. Maar voor het familievriendelijke Songfestival is de term te grof, dus zuchtte Conte nu na ‘serving’, terwijl het publiek alsnog de originele titel zong.
Haar roodfluwelen sexy act trok hoe dan ook de aandacht, mede door het pure plezier dat Conte uitstraalde. Het kwam haar op genoeg stemmen te staan voor een plekje in de finale.
Het hoogtepunt qua energie zat op het einde, bij de spectaculaire act van Erika Vikman. De Finse zangeres bracht een bombastische en fenomenale ode aan het vrouwelijk orgasme: Ich Komme. Iedere repetitie zong ze krachtiger en donderdagavond was haar stem krachtig genoeg om het bombast te dragen. Haar lied heeft een fantastische opbouw en Vikman kreeg Bazel helemaal mee - en de stemmers thuis. Ook zij plaatste zich voor de finale, het is te hopen dat ze ook die mag afsluiten.
Litouwen, Armenië, Denemarken, Luxemburg, Letland en Griekenland.
Het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Duitsland traden ook op en staan ook in de finale. Als lid van de ‘big five’, de grootste geldschieters van de organisatie EBU, staan zij standaard in de finale.
Luister hieronder naar onze podcast Culturele bagage. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant