Het laatste thuisduel van Feyenoord stond in het teken van een afscheid: na bijna dertig jaar nam de kopsterke oud-spits Peter Houtman (67) afscheid als stadionspeaker. Vanwege beginnende dementie.
is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
Er was geen Sinas en 7 Up meer voor Feyenoords stadionspeaker Peter Houtman, afgelopen zondag tijdens de rust van Feyenoord-PSV in het stampvolle, broeierige perscafé van De Kuip. Allemaal opgedronken door veel jongere voetbaljournalisten dan Houtman, die buiten enkele supporters te woord had gestaan.
Dus kreeg Houtman (67) een cola in handen gedrukt. Vriendelijk lachend: ‘Oh colaatje, ook prima hoor.’
Een voorkeursbehandeling heeft Houtman nooit gewild, zelfs niet nu het einde van zijn werkzame tijd bij Feyenoord is gekomen. Woensdagavond na Feyenoord-RKC klonk voor het laatst de vaste afscheidsgroet ‘doeidoei’ door De Kuip, waar hij sinds 1998 stadionspeaker was.
Daarna volgde een uitgebreid eerbetoon aan de spreekstalmeester die zelf zoveel eerbetonen uitsprak, immer voorafgegaan door: ‘Ja lieve mensen, dan is het nu tijd voor…’ Houtman stopt vanwege beginnende dementie en de zorg voor zijn zieke vrouw.
Timing is Houtmans grootste talent. Hij was vooral een kopsterke spits. Hij maakte 91 goals voor Feyenoord, waarvan dertig stuks in het seizoen 1982-1983. Dat leverde hem de Europese zilveren schoen op uit handen van Eusebio.
Ook als speaker wist hij precies hoe en wanneer hij zijn warme, doorgaans opgewekte stem met licht Rotterdamse tongval moest inzetten. Zijn enthousiasmerende interviewtjes met de mascotte van de week voor de wedstrijd op het veld zijn fameus: ‘Gaan we winnen, jochie? Ja echt? Met hoeveel? 3-0?! Nou geweldig!’
Maar Houtman is precies even voorkomend en vriendelijk als voetbalfans hem staande houden in het centrum van zijn woonplaats Spijkenisse. Ook al gebeurt dat zo vaak dat boodschappen doen voor hem een tijdrovende onderneming is.
Houtman zong door zijn microfoon liedjes voor spelers, exact op het moment dat die dat verdienden. Voor Feyenoord-PSV vroeg hij om een minuut applaus voor de overleden oud-Feyenoorder Joop van Daele, die doorgaans reserve was, maar door Houtman aangekondigd werd als ‘de man die ons de wereldbeker heeft bezorgd’. Volume, klankkleur en dictie spraken kennelijk zo aan dat ook de PSV-supporters uit alle macht meeklapten.
Toen Feyenoord begin dit jaar Houtmans afscheid aankondigde, kreeg hij 55 duizend berichten, vertelde hij zondag lurkend aan zijn cola met verbazing in zijn stem. ‘Die wil je allemaal beantwoorden natuurlijk. Maar dat was niet te doen. Jammer.’
Houtman stelde niet graag mensen teleur, hij streek ze liever ook niet tegen de haren in. Voorspellen dat Feyenoord met 3-1 wint, deed hij liever niet. ‘Dan moet ik me meteen op social media verantwoorden voor die tegentreffer.’
Hij had er ook hoorbaar moeite mee echt boos te worden bij ongeregeldheden in De Kuip. Zijn vaderlijk uitgesproken vermaning (‘Kom jongens, laten we dit alsjeblieft niet meer doen, want anders krijgen we weer een boete’) werkte vaak als de ideale blusdeken. Een streng en kil uitgesproken standje geeft de opgelaaide emoties juist zuurstof, zo leerde hij als jongetje.
Oom Gerard Huijser nam de jonge Peter mee naar Feyenoord. Huijser had een havenbedrijf waar Houtman als semiprof bijbeunde. Houtmans vader werkte eveneens in de haven. Zijn oudste zoon later ook. ‘Ook daarom snap ik de fans zo goed, denk ik.’ Huijser leende Feyenoord ooit zes ton om zijn neef terug te halen van FC Groningen en vroeg dat geld nooit terug. ‘Ome Geer is ook zo’n lieverd.’
Met zijn matje, kettinkje en stevige dijen in een nauw broekje viel hij in de jaren tachtig niet echt op. Het enige verschil met andere spitsen was dat Houtman bovengemiddeld vaak glimlachte. Ook informeerde hij bovengemiddeld vaak bij tegenstanders hoe het ging, zeker als ze een blessure hadden.
Zelf liep hij overal mee door. Zijn koptalent (‘Veel op getraind, maar ook aangeboren, denk ik’) leverde hem ladingen doelpunten op, maar ook zeven hersenschuddingen en een dubbele kaakbreuk, want hij botste in de lucht nogal eens tegen iemand aan. ‘Bij die kaakbreuk vlogen de tanden uit mijn mond. Hup, spons erover en door.’
Koppen doet de kans op dementie toenemen, zo tonen studies aan. Houtman: ‘Mensen zeggen: had je zoveel gekopt als je dat toen wist? Ik weet het niet zeker, maar ik denk dat ik het toch had gedaan.’
Niet zozeer omdat hij mede vanwege al die kopgoals international werd en kampioen met Feyenoord. Maar omdat hij vindt dat een kopsterke spits als hij dat gewoon behoort te doen.
Hij verwijt niemand iets. ‘Zelfs met een bloedende wenkbrauw wilde ik nooit gewisseld worden. Soms was ik zo groggy dat ik puur op de automatische piloot speelde en amper wist waar het doel was. Achteraf denk ik wel eens: Peet, soms was het gekkenwerk.’
Na zijn profloopbaan kopte hij vrolijk door bij de amateurs. Toen hij in 2018 een hartinfarct kreeg was het eerste wat hij aan de dokter vroeg: ik mag toch nog wel voetballen? Pas een paar jaar geleden stopte hij. ‘Ik heb echt van het voetballen genoten. En dan mag je daarna ook nog speaker zijn.’
Hij grinnikt als hij het begin van die tweede carrière memoreert. ‘Feyenoord werd direct kampioen, voor het eerst in zes jaar. Ik dacht dat ik geluk bracht. Moesten we daarna achttien jaar wachten, hè.’
Als Feyenoord de bal er niet in krijgt, hoort hij nog vaak achter zich roepen: ‘Peet, trek jij je schoenen maar weer aan.’ Dan doet Houtman net of hij zijn schouders en nek vast losgooit. ‘Vinden ze mooi, joh.’
• Houtman werd bij Feyenoord opgeleid en door de club ook driemaal teruggehaald van andere clubs, een record. Hij speelde voor alle Rotterdamse profclubs, maar was het langst actief bij FC Groningen. Supporters van die club eerden dit seizoen Houtman al met een enorm spandoek.
• Houtman gaf Nederland hoop op het WK’86 in Mexico. Hij opende de score tijdens barragewedstrijden tegen België in De Kuip, maar door een Belgisch doelpunt vlak voor tijd bleef Nederland thuis. Het was Houtmans achtste en laatste interland (zeven goals).
• Toen Houtman in Spijkenisse ging wonen, werd hij gevraagd als lijstduwer voor O.N.S. Spijkenisse. Hij werd met voorkeursstemmen gekozen in de gemeenteraad, zei na vier jaar ‘echt geen tijd’ meer te hebben, maar bleek bij de volgende verkiezingen nog steeds een stemmenkanon.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant