Home

Het riool levert ‘big brown data’ over de volksgezondheid – iets om diep respect voor te hebben, dus

Wat hebben frituurvet en Voltaren Emulgel met rust, reinheid en regelmaat te maken? Nou, alles. Vooral met reinheid dan, en met het schitterende, onmisbare en geplaagde riool.

is chef Boeken bij de Volkskrant.

Mijn collega Gijs veerde verheugd op toen ik zei dat ik over het riool ging schrijven. Hij vroeg zich al enige tijd af waar zijn drol bleef na het doortrekken. Ja, in het riool, zoveel wist hij ook nog wel; maar dan? Wat gebeurt daar zoal met de dingen? Die worden uit het water gevist, zei ik, en daarna gaat dat water weer naar de leidingen. Gijs keek naar de warme chocola die hij zojuist uit de automaat had getapt en huiverde.

Het lijkt misschien een beetje merkwaardig tijdens een zoektocht naar reinheid een riool te bezoeken. Riolen zijn donker, er drijven enge dingen in en het wemelt er van de ratten. Maar reinheid en riolen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. De uitvinding van de moderne riolering is de grootste zegen aller tijden voor de mensheid, althans voor de volksgezondheid.

Strontkar en beerput

Onze jagende en verzamelende voorouders hadden geen riool nodig, ze kakten net als alle andere dieren gewoon in de vrije natuur, die de mest dankbaar gebruikte om bomen en planten te laten groeien. Maar vanaf het moment dat mensen in steeds grotere hoeveelheden op elkaars lip gingen zitten, werkte dat prachtige circulaire systeem niet meer.

In sommige culturen werden vernuftige manieren bedacht om uitwerpselen af te voeren (het oude Rome had zijn beroemde Cloaca Maxima, Nederland de strontkar en de beerput) maar lang gooiden mensen de boel op straat, of in de grachten waaruit ze óók hun drinkwater haalden. Voor infectieziekten, veroorzaakt door micro-organismen zoals virussen en bacteriën, waren dat mooie tijden. Berucht zijn de cholera-epidemieën van de 19de eeuw, veroorzaakt door besmet water.

Stad onder de stad

Een leuke plek om de geschiedenis van de riolering te bestuderen is het Musée des Égouts in Parijs, dit jaar een halve eeuw oud. Feitelijk is het gewoon een deel van het 2442 kilometer lange Parijse riool, gehelmde égoutiers zijn er druk aan het werk. Voor 9 euro mag iedereen via een roestbruin gebouwtje aan de linkeroever van de Seine afdalen naar de Parijse onderwereld.

Het is een complete stad onder de stad, waar stille gangen de naambordjes dragen van de bedrijvige boulevards en straten erboven. In deze donkere gewelven tref je de keerzijde van alle lichtheid en schoonheid die Parijs zo aantrekkelijk maken, het ‘geweten’ van de stad, zoals Victor Hugo het riool in Les Misérables (1862) omschreef: ‘Hier geen valse schijn meer, het afval trekt zijn hemd uit, absolute naaktheid, aftocht van illusies en zinsbedrog.’

Alcohol- en drugsgebruik meetbaar

Over het Nederlandse riool is nog niet zo mooi geschreven, maar dat maakt het niet minder indrukwekkend. Onder onze steden en dorpen ligt ongeveer 126 duizend kilometer aan buizen, putten en pompen waarin afvalwater (van de wc, douche, vaatwasser en wasmachine, maar ook hemelwater) wordt afgevoerd naar rioolwaterzuiveringsinstallaties. Als het is schoongemaakt gaat het naar grachten, rivieren en kanalen, om uiteindelijk gezuiverd en wel weer uit je eigen kraan te stromen.

‘Water is een kringloop’, zegt microbioloog Imke Leenen, adviseur op het gebied van water en gezondheid. Het riool speelt in die kringloop een vitale rol, óók als bron van informatie over de volksgezondheid. Big brown data, wordt het wel genoemd. Tijdens de coronaperiode hield Leenen als projectcoördinator voor de Unie van Waterschappen bij hoe het Sars-Cov-2-virus onder de bevolking rondwaarde. In het riool zijn ziektes en alcohol-, drugs- en medicijngebruik meetbaar. Het riool is de spiegel van de samenleving, zegt Leenen. En overal waar riolering wordt aangelegd (in Nederland vanaf eind 19de eeuw) stijgt de levensverwachting.

Wanstaltige ‘vochtige doekjes’

Het riool is dus iets om diep respect voor te hebben. In plaats daarvan smijten we het vol met troep, niet alleen via lozingen door de industrie maar ook in onze huishoudens. ‘Als mensen niet weten wat ze ergens mee moeten, spoelen ze het door de wc’, verzucht Leenen. ‘Vroeger ook verf, dat gebeurt gelukkig nauwelijks meer, en steeds meer mensen leveren hun frituurvet netjes in; maar toch wordt er nog altijd olie en vet in de wc gegooid. Dat gaat klonteren, waardoor onze zuiveringen in de problemen komen.’

Ook bestaan er mensen die denken dat je ‘vochtige doekjes’ gerust in de wc kunt werpen. Het ‘vochtige doekje’ is een wanstaltig product, een volstrekt overbodige uitvinding vol plastic en andere chemische rommel, slecht voor de huid en funest voor het riool. Dit voorjaar pleitte PVV-staatssecretaris Jansen van Milieu voor een verbod op vochtige doekjes met plastic erin, maar hij kreeg daar in de Tweede Kamer geen steun voor van zijn partijgenoten en die van de VVD. Tot verbijstering van Imke Leenen: ‘Het kost miljoenen om vochtige doekjes uit het riool te halen. Maar achter dat soort producten zit een machtige industrie.’

Geen vuilnisvat

Dat geldt ook voor bijvoorbeeld gels ter bestrijding van gewrichtspijn, zoals Voltaren Emulgel, een spulletje dat je zonder recept kunt krijgen. Imke Leenen: ‘Er is best veel aandacht voor medicijnresten die in het riool terechtkomen omdat mensen ze uitpoepen en -plassen, maar we smeren ook medicijnen op ons lichaam die via de douche in het riool terechtkomen. In die gels zit vrij veel diclofenac, een ontstekingsremmer. Het is slecht voor ons aquatisch ecosysteem, we halen het er met de zuiveringen niet uit en uiteindelijk belandt het ook in het drinkwater.’

Wees lief voor het riool. Het is geen vuilnisvat, gooi er niets in dat niet uit je eigen lijf komt. Vroeg of laat krijg je het allemaal terug.

Over deze serie
Hoe krijgen we meer rust, reinheid en regelmaat in ons leven? Volkskrant-verslaggever Wilma de Rek gaat om de week op zoek naar antwoorden.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next