Home

Opinie: Voor een vapevrije generatie in 2040, moet de overheid niet alleen naar ouders kijken

De populariteit van vapen, ook onder jongere pubers, is alarmerend. Maar de recente overheidscampagne die ouders bewust moet maken van de gevaren van e-sigaretten, slaat de plank mis. Leeftijdsgenoten spelen namelijk een veel grotere rol.

Als kind rookte ik dagelijks mee. Mijn vader rookte twee pakjes per dag, ook in de auto. Met het raampje open probeerde hij te voorkomen dat ik misselijk werd, maar de geur en rook waren onvermijdelijk. Op de middelbare school werd roken als stoer gezien. Voor de ingang stonden groepjes jongens en meiden te roken, en in de kelder van de school mocht je zelfs roken en blowen. Ik vond het een fascinerende plek, maar heb zelf nooit gerookt.

Over de auteur

René Veenstra is hoogleraar sociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen en lid van de KNAW.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Tot 2019 waren we op de goede weg naar een rookvrije generatie. Roken werd steeds minder geaccepteerd. Tijdens mijn stage rond 1990 werd er nog volop gerookt op het werk. Ik herinner me dat ik toetsenborden moest uitkloppen omdat collega’s erboven rookten. Dat is nu ondenkbaar.
Cijfers van het Trimbos-instituut laten zien dat de daling in roken onder jongeren is gestagneerd met de komst van vapes. In 2003 had 44 procent van de scholieren van 12 tot 16 jaar ooit gerookt, in 2017 was dat nog maar 17 procent. In 2023 bleef dat percentage vrijwel gelijk op 16 procent.

Instapmodel

De droom van een rookvrije generatie wordt bedreigd door de populariteit van vapes. Een populariteit die onder meer wordt aangejaagd doordat influencers, muzikanten en filmsterren vapen promoten en aantrekkelijker maken.

Hoe kunnen we jongeren ervan weerhouden te gaan vapen? Wat doet vapen met hun gezondheid? Kunnen we dezelfde mechanismen die hen aanzetten tot vapen, gebruiken om gezond gedrag te stimuleren? Deze week startte een voorlichtingscampagne om ouders bewust te maken van de gevaren van vapen. Maar hoe groot is hun invloed nog? Leeftijdsgenoten spelen een veel grotere rol.

Steeds meer jongeren beginnen al in de onderbouw met vapen. Veel vapende jongeren stappen in de bovenbouw over op sigaretten. Roken wordt namelijk weer als stoer gezien. Vapen fungeert als instapmodel voor nicotineverslaving en ondermijnt het antirookbeleid.

De overheid investeert drie miljoen euro in de strijd tegen illegale e-sigaretten, maar de impact blijft beperkt. Hoewel smaakjes sinds januari 2024 verboden zijn, blijven ze via buitenlandse webshops en sociale media eenvoudig verkrijgbaar. Ondertussen groeit het aantal jongeren dat verslaafd raakt aan nicotine.

Nicotine kaapt het beloningssysteem van het tienerbrein. Binnen zeven seconden na inhalatie bereikt het de hersenen en stimuleert het een golf van dopamine, waardoor het brein steeds meer wil. Jongeren hebben een sterk gaspedaal – hun dopaminesysteem – maar nog geen goed werkende rem op impulsief gedrag. Geef een 13-jarige een vape en de verslavingsmechanismen slaan op hol.

Vapen is schadelijker dan vaak gedacht. Vapers ademen zware metalen in – zoals lood en tin – die gaten in de longen kunnen veroorzaken. Daarnaast verhoogt vapen het risico op slaapproblemen, longontstekingen, blijvende hersenschade en epileptische aanvallen door de enorme hoeveelheid nicotine: één vape staat gelijk aan twee pakjes sigaretten.

In de brugklas ingrijpen

Het doel van een rookvrije generatie in 2040 raakt steeds verder uit zicht. Om die ontwikkeling te keren is strengere wetgeving cruciaal. Oftewel, accijnzen moeten omhoog, smaakjes ook in buurlanden verboden en het aantal verkooppunten drastisch omlaag.

Sociale invloed binnen vriendengroepen speelt een grote rol bij het vapen. Onderzoek laat zien dat adolescenten sneller beginnen als er vapers in hun netwerk zitten, maar deze invloed is vooral sterk bij jongeren onder de vijftien. Vaak zijn het de populaire leerlingen die vapen, en meedoen kan een manier zijn om status te verwerven. Om vapen te voorkomen, is ingrijpen in de brugklas cruciaal. Niet beginnen is veel makkelijker dan stoppen. Eerder onderzoek naar sociale invloed op roken toonde dit ook aan.

Steeds vaker richten interventies in de adolescentie zich op invloedrijke jongeren binnen een vriendengroep. Ongeveer 10 tot 15 procent van de leerlingen zijn zulke peer leaders. Onder begeleiding van een getrainde volwassen adviseur volgen zij een workshop over de risico’s van vapen en leren ze hoe ze hun vrienden kunnen beïnvloeden. Daarna voeren ze campagnes uit, zoals presentaties en vlogs, om normen tegen vapen te versterken. Onderzoek toont aan dat jongeren van 13 of 14 jaar met peer leaders in hun netwerk minder vaak gaan vapen.

Om vapen effectief terug te dringen, moet de overheid een duidelijke koers bepalen. De oplossing ligt niet alleen bij ouders. We staan daarbij op een kruispunt: grijpen we in met peer leaders en strengere regelgeving, of accepteren we een dampende generatie?

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next