De Verenigde Naties waarschuwen voor een ‘humanitaire catastrofe’ nu Israël geen noodhulp meer toelaat tot de Gazastrook. Tien weken geleden staken voor het laatst vrachtwagens met voedsel en andere hulpgoederen de grens over. De situatie van de Palestijnse bevolking verslechtert verder.
is datajournalist van de Volkskrant. Hij analyseert en schrijft over het nieuws in cijfers.
Inmiddels verkeert bijna de volledige bevolking in de Gazastrook (91 procent) in grote voedselonzekerheid, schat het VN-Bureau voor de Coördinatie van Humanitaire Aangelegenheden (Ocha). In totaal verblijven nog 2,1 miljoen mensen in het gebied. Voor 345 duizend mensen (16 procent) is volgens Ocha zelfs evident sprake van levensbedreigende hongersnood.
Zonder hulp van buitenaf is er weinig hoop dat de voedselvoorziening in de Gazastrook verbetert. Na ruim anderhalf jaar oorlog is landbouw of veeteelt voor de Palestijnen amper meer mogelijk. In februari was meer dan 80 procent van de landbouwgrond verwoest, blijkt uit de recentste cijfers van Ocha. Vrijwel al het vee is geslacht of op andere wijze gestorven.
De humanitaire crisis is de afgelopen weken flink verergerd nadat Israël besloot om geen enkele humanitaire hulp meer toe te laten tot de Gazastrook. Hiermee hoopt de regering van premier Benjamin Netanyahu Hamas te dwingen de laatste gijzelaars vrij te laten. Tijdens de gevechtspauze voorafgaand aan de blokkade liet Israël juist veel meer vrachtwagens met hulpgoederen door dan voorheen.
Ondertussen heeft de Palestijnse bevolking steeds minder bewegingsvrijheid. De volledige Gazastrook (365 vierkante kilometer) is iets groter dan de gemeente Rotterdam. Inmiddels heeft Israël voor ongeveer 70 procent van het gebied evacuatiebevelen uitgevaardigd. Een deel van deze stukken land valt onder de militaire zone die het Israëlische leger zichzelf heeft toebedeeld.
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant