Home

Opinie: De bepalende factor voor je studietijd is steeds vaker puur financieel

Ambitie, tijd en energie bepaalden vroeger misschien hoe ver je kwam als student. Nu is het steeds vaker een financiële kwestie – investeren in ervaring en netwerk kan alleen als je niet al je tijd kwijt bent aan een bijbaan.

Jaarlijks studeren honderden studenten af met hetzelfde diploma, maar gaan niet met hetzelfde cv op pad. De grootste ontwikkeling die je doormaakt in je studententijd gebeurt namelijk buiten de collegebanken. Die unieke ervaringen maken uiteindelijk het verschil. Terwijl de één opgaat in topsport, organiseert de ander een evenement of zet zich vrijwillig in voor een commissie.

Het aanbod in Groningen, de stad waar ik studeer, liegt er niet om: jaarlijks zijn er tienduizenden studenten die meewerken aan het actieve studentenleven. De vraag is al jarenlang niet wát studenten ondernemen naast hun studie, maar hóé ze dit doen. Want die keuze staat steeds meer onder druk.

Over de auteur

Margreet Hoek is student internationale betrekkingen en fractievoorzitter van Studentenorganisatie Groningen (SOG).

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

De meeste studenten zullen het herkennen: wat begint als een onschuldige commissie, groeit uit tot een ambitieus bestuursjaar en misschien daarna zelfs tot een rol als werkstudent. Activiteiten voor de gezelligheid lopen uit op serieuze investeringen in jezelf. Maar het vinden van een gezonde balans tussen studeren en het studentenleven, staat de laatste jaren onder druk. Waar de kosten voor een actief studentenleven voorheen vooral een kwestie van ambitie, tijd en energie waren, is dit steeds vaker een puur financiële kwestie. Het roept de vraag op: wat kost het je om student te zijn?

Tweedeling

Hogere huren, gestegen boodschappenprijzen en hogere energierekeningen maken dat studenten vaker (meer) moeten werken om rond te komen – om nog maar te zwijgen over de de fratsen die dit kabinet verder nog zou kunnen uithalen om het onderwijs in Nederland te ondermijnen. Daarmee slinkt de tijd voor vrijwilligerswerk, commissiewerk of bestuursfuncties binnen de studentengemeenschap die bijdragen aan de levendigheid van de stad.

Hier in Groningen is dit terug te zien in het grote aanbod studentinitiatieven, zoals het jaarlijkse Vismarktdiner georganiseerd door studentenvereniging N.S.G., de inzet van studentennetwerk Enactus voor goede doelen als de Feestjesfabriek, United Kitchen en Soccerhouse georganiseerd door studentenvereniging R.K.S.V Albertus Magnus. Ook landelijk heeft de maatschappij baat bij studenteninitiatieven, zoals de Varsity-roeiwedstrijd, huiskamerconcerten georganiseerd door Stukafest en symposia opgezet door Waar trek jij de lijn?, waarin excessief alcohol- en drugsgebruik bespreekbaar worden gemaakt.

Echter, de moeite die studenten erin steken moet niet onderschat worden en de drempel om ‘gewoon mee te doen’ wordt hoger. Niet omdat studenten minder willen, maar omdat ze zich het simpelweg niet kunnen veroorloven. Met gevolg. Zo kon de officiële Batavierenrace dit jaar niet doorgaan, omdat er geen voltallig bestuur gevormd kon worden.

Er ontstaan twee snelheden in het studentenleven: de studenten die de ruimte hebben om te investeren in hun ontwikkeling en netwerk, en de studenten die niet verder komen dan de noodzakelijke bijbaan en hun studie. Dat is niet alleen schrijnend op individueel niveau, het verarmt ook de bruisende studentengemeenschappen.

Verenigingen, sportclubs, culturele instellingen en zelfs innovatieve projecten lopen potentieel belangrijke bijdragen mis, simpelweg omdat een steeds grotere groep studenten zich deze activiteiten niet kan permitteren. En dit zien we ook terug op sociale media, waar bestuur na bestuur hun sollicitatieperiode moet verlengen omdat ze de nodige talenten niet kunnen vinden om hen op te volgen.

Publiek-private spagaat

Alsof die druk nog niet groot genoeg is, wil het kabinet ook een einde maken aan de constructie waarin universiteiten studenten goedkoop sport en cultuur kunnen aanbieden door zelf mee te betalen. Faciliteiten zoals het ACLO- sportcentrum, dat in Groningen al vijftig jaar betaalbare studentensport mogelijk maakt, dreigen niet meer in dezelfde hoedanigheid te kunnen functioneren. Het idee hierachter: de verantwoordelijkheid voor deze voorzieningen zou bij studenten zelf en private partijen moeten liggen, niet bij de gemeente of het Rijk.

Maar als we studentenvoorzieningen volledig overlaten aan de markt, is de toegang niet langer vanzelfsprekend. Privatisering betekent dat voorzieningen commerciële tarieven zullen vragen, waardoor sport, cultuur en ontwikkeling veranderen van publieke kernwaarde naar luxeproduct. De studenten die hun budget al moeten uitrekken om hun huur te betalen, zullen als eersten afhaken. Ook de keuze tussen publiek en privaat is niet neutraal; het bepaalt wie er straks op het veld staat, op het podium verschijnt of in het bestuur zit.

Investeren in studenten is niet alleen investeren in hun individuele toekomst, maar ook in de toekomst van Nederland. Het studentenleven levert bestuurders, organisatoren, vrijwilligers en creatieve geesten op die later ook maatschappelijk en economisch waarde toevoegen aan de samenleving.

Universiteiten moeten zichzelf daarom de vraag stellen: hoe houden we het studentenleven toegankelijk voor álle studenten, ongeacht hun financiële situatie? Die verantwoordelijkheid ligt niet alleen lokaal. Ook landelijke beslissingen over de verdeling tussen publieke en private middelen bepalen welke kansen studenten straks nog hebben.

Dus wat kost het om student te zijn? Die vraag gaat niet alleen over geld, maar over keuzes, ruimte en kansen. Het wordt tijd dat we dat gesprek serieuzer gaan voeren – niet alleen in de collegezaal, maar ook in de politiek en in de stad. Want als we willen dat Nederland een plek blijft waar talent zich kan ontplooien, mogen we de waarde van een rijk en toegankelijk studentenleven niet uit het oog verliezen.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next