Fotograaf Annie van Gemert keert na dertig jaar terug naar de Belgische kust om te zien hoe het leven van de badgasten daar in die drie decennia drastisch is veranderd.
Door Olaf Tempelman
Fotografie Annie van Gemert
Zodra ze plaats hebben genomen op de ligstoelen voor hun huisjes, vallen zorgen van hen af en wordt het leven ineens bijzonder draaglijk, zeker als er ook nog wat mag worden gedronken. Tijdens lange dagen kunnen ze met ontblote bovenlijven genieten van zon en zee en van vaak meer dan één alcoholische versnapering.
Ogenschijnlijk zijn de mensen die fotograaf Annie van Gemert vastlegde voor hun strandhuisjes aan de Belgische kust de volmaakte tegenpolen van de mensen die ze een paar jaar terug in hoogsluitende traditionele kledij binnenshuis portretteerde in Staphorst, een project waarvoor ze in 2022 de tweede prijs kreeg in de categorie binnenland documentair bij de Zilveren Camera.
Ogenschijnlijk, want door het oeuvre van deze fotograaf loopt een voorliefde voor traditionele gemeenschappen. Met haar camera lijkt zij steevast op zoek naar vormen van geborgenheid die in de moderne wereld almaar schaarser worden. De Belgische strandcabines lokten haar op dezelfde manier als de boerderijen van Staphorst. Op beide plekken wist zij het vertrouwen te winnen van gemeenschappen uit een ‘oude wereld’.
Haar liefde voor ouderwetse sferen bracht Annie van Gemert (1958) dertig jaar geleden ook al naar de Belgische kust. Haar mooiste beelden van de strandcabines van De Panne – een droombestemming voor mensen met enige aanleg voor nostalgie – bracht zij samen in haar fotoboek Een zomer aan zee. Om te zien wat er sindsdien is veranderd, keerde Van Gemert vorige zomer terug naar dezelfde kust. Voor dit fotoproject, Strandcultuur in Vlaanderen, kreeg zij subsidie van het Fonds voor Bijzondere Journalistieke Projecten.
‘De strandcultuur zie ik als een minimaatschappij waarin de afspiegeling van de grote wereld is te zien’, zegt Van Gemert. ‘Sinds de jaren negentig is er in de samenleving veel veranderd. Deze is multicultureler geworden, de sociale ongelijkheid is toegenomen en het digitale tijdperk is ingetreden.’
In De Panne constateerde ze dat er in de hechte gemeenschap van weleer flink de klad zit. De afstand tussen de cabines is groter geworden en de mensen praten minder met elkaar: velen kijken nu naar schermpjes. Symbolisch zijn de windschermen die mensen hebben geplaatst om zich van hun buren af te schermen. In Oostende, een kleine 40 kilometer noordelijker, trof ze nog wel een hechte ‘strandcabinegemeenschap’ aan. Van Gemert: ‘Veel bewoners van Oostende wonen in appartementen in de drukke stad en hebben behoefte aan ruimte, rust, zon en sociale contacten. Ze gaan op vakantie in eigen stad, van de anonimiteit naar de familiare sfeer op het strand.’
Een verandering die je niet bij de strandcabines terugziet, is dat er veel meer culturen op het strand acte de présence geven. Om dat aspect van het Vlaamse strandleven vast te leggen, hanteerde Van Gemert haar camera ook veelvuldig in de buurt van de branding, vooral in Oostende. ‘Van bikini, zwembroek, boerkini tot vrouwen die met hun kleding en sluiers volledig het water ingaan. Elke cultuur kent haar eigen rituelen en badkostuum.’
De Belgische hoofdstad Brussel wordt geteisterd door een golf van drugsgeweld. Fotograaf Sébastien Van Malleghem volgde de Anti-Overvalbrigade, het bijzondere bijstandsteam van de Brusselse politie dat wordt ingezet voor het gevaarlijkste werk in de strijd tegen de groeiende criminaliteit.
Nergens in Europa is zo veel biologische landbouw als in Oostenrijk. Met serie over zes zomers op het platteland van Neder-Oostenrijk geeft fotografe Carla Kogelman een inkijkje in het dagelijks leven van een boerengezin.
Omdat het zo moeilijk is om in woorden te vangen wat depressie is, probeert fotograaf Dana Stirling dat met haar beelden te zeggen. Dat betekent echter niet dat die zwartgallig zijn.
In het Japanse Osaka is dit weekend de World Expo begonnen, een tentoonstelling waarin landen showboaten met hun technologische en architectonische hoogstandjes. Zes maanden lang kunnen bezoekers genieten van de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid en circulariteit.
Source: Volkskrant