Home

Nederlanders weten vaak niet meer hoe de Molukkers hier zijn gekomen, hoe kan dat?

is columnist voor de Volkskrant.

De Molukse strijd na 75 jaar is een man met een camera, hij draagt een hesje met het opschrift livestream. In de Brabanthallen in Den Bosch filmt hij het hoogtepunt van de jubileumviering van de Zuid-Molukse regering in ballingschap: het hijsen van de vlag. Dat lijkt klein. Het blijkt een daad van verzet.

President in ballingschap John Wattilete bespreekt in razend tempo, want ach, zijn gehoor kan dit opdreunen, driekwart eeuw postkoloniale geschiedenis, schurend tot op de dag van vandaag. De Molukkers dienden – vaak van vader op zoon – in het koloniale Koninklijk Nederlands-Indisch Leger, het KNIL. In Nederlands-Indië vochten ze in de Tweede Wereldoorlog tegen Japan.

Precies 75 jaar geleden, in april 1950, riepen de Molukkers op het eiland Ambon hun eigen staat uit. Deze zogenaamde ‘proklamasi’ wordt hier in de Brabanthallen gevierd. Prompt gaf de Nederlandse regering niet meer thuis als het ging om eerder gedane suggesties en toezeggingen over Molukse zelfbeschikking. Dat was voortaan een ‘interne’ kwestie voor het jonge Indonesië.

Molukse Knil-militairen werden in 1951 massaal met hun gezinnen naar Nederland verscheept. Hier volgde gedwongen ontslag uit de krijgsdienst, een statenloos bestaan en een eindeloos verblijf in onder meer de barakken van voormalig concentratiekamp Vught en kamp Westerbork. Jonge Molukkers reageerden met ‘acties’ en ‘gebeurtenissen’, zoals dat hier in de zaal heet: meerdere gijzelingen en de treinkapingen van 1975 en 1977.

Anno 2025 staat hier de man van de livestream. Beelden van de rood-groen-wit-blauwe vlag, in Brabant ceremonieel gehesen onder begeleiding van jonge vrouwen en mannen in onberispelijk khaki uniform, zet hij door naar de Molukse gemeenschap in Indonesië. De RMS, de Molukse regering in ballingschap, is daar streng verboden.

Tja, de opstelling van Nederland was in alles schandalig, maar op deze jaarlijkse ‘onafhankelijkheidsdag’ gaat het onder de duizenden aanwezige Molukkers (‘dit is voor ons een grote reünie’, ‘een van de leukere kanten van het Moluks-zijn’) toch ook over ‘vrijheid’. De Molukse vlag hijsen, dat mag hier gewoon. In Indonesië word je ervoor opgepakt.

Naast me laat Lephina Nahumury beelden zien van het dorp van haar vader op Ambon. Het Indonesische leger patrouilleert rond de Molukse onafhankelijkheidsdag extra vaak. Het dorpshoofd is meegenomen en afgezonderd ‘om te worden geïntimideerd’, zegt Lephina. ‘Als je in Nederland woont, kun je het je niet voorstellen.’

Toch wapperen aan enkele gevels in het dorp de Molukse vlag. Foto’s worden doorgestuurd naar familie in Nederland via sociale media, de ‘tamtam’ gaat snel. ‘Fantastisch, maar we houden ons hart vast.’

Na 75 jaar klinkt het verzet op Ambon gedempt. Jonge Molukse activisten vertellen in een videoboodschap vanaf het eiland dat ze hun gezicht niet durven te tonen, anders worden ze ‘kapotgeslagen’. ‘Het gaat niet om: wij moeten terug’, zegt Naria Saamena, die met haar vader naar de Brabanthallen is gekomen. ‘Het gaat erom dat ze daar kunnen leven zoals ze willen.’

Op deze Molukse landdag gaat het over generaties. De ‘eerste generatie’, naar Nederland gekomen, daarvan leeft nog slechts een enkeling. Mevrouw Josina Soumokil, weduwe van de in 1966 door Indonesië geëxecuteerde RMS-president Chris Soumokil, spreekt met haar 91 jaar de zaal toe, ze dankt de almachtige. Het publiek gilt van vreugde, is dan doodstil.

Veel aanwezige Molukkers, zoals Naria’s vader, zijn ‘tweede generatie’: in Nederland geboren in een kamp of ‘woonoord’. Een jonge vrouw van de derde generatie wil haar Nederlandse vriend de ‘cultuur’ meegeven, bijvoorbeeld dat het op een Molukse begrafenis geen ‘hup-doei-afgelopen’ is, zoals onder Hollanders gebruikelijk lijkt. De vierde en vijfde generatie zijn soms blond, met een lichte huid, men spreekt liefkozend over ‘hele leuke mixjes’.

Molukse jongeren krijgen de geschiedenis van huis uit mee, misschien wel meer dan vroeger, toen vaders van de eerste generatie zwegen over de doorstane ellende. Maar Nederlanders? ‘Veel jonge mensen weten niet meer hoe de Molukkers hier zijn gekomen’, zegt Lephina. ‘Dan denk ik: hoe kan dat?’

a.vanes@volkskrant.nl

Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next