Home

Prins Bira: De Koning van de startgrid

Op deze Koningsdag is het haast niet passender om de bekendste royalty-coureur in de Formule 1-geschiedenis te bespreken: Prins Bira.

Mom Chao Birabongse Bhanudej Bhanubandh — een naam die klinkt als een koninklijk muziekstuk, maar in de paddock was hij simpelweg Prins Bira. Op deze Koningsdag is er geen beter moment om stil te staan bij het verhaal van misschien wel de enige echte racende royal die écht wist te imponeren. En eerlijk is eerlijk: hij reed op een niveau waar het Nederlandse koningshuis nog een puntje aan kan zuigen.

Geboren in 1914 in het Grand Palace van Bangkok, groeide Bira op in de hoogste kringen van Siam, het huidige Thailand. Op zijn dertiende werd hij naar Engeland gestuurd om te studeren aan Eton College — dezelfde elite-instelling waar ook prins William en prins Harry hun schooltijd doorbrachten. Daarna volgde Cambridge, en een korte flirt met een carrière als beeldhouwer. Dat leverde alleen een kennismaking met zijn eerste vrouw op, maar niet meer dan dat. Zijn ware roeping? Snelheid, motorgeronk en het asfalt.

In 1935 begon hij, samen met zijn neef prins Chula, aan zijn racecarrière. Met een ERA en later een Maserati reed Bira het ene na het andere Engelse stratencircuit aan flarden. Hij won onder andere de prestigieuze London Grand Prix in 1937 en tweemaal de Campbell Trophy. Hoewel de internationale zeges uitbleven, was hij in Engeland een beroemdheid — een exotische, stijlvolle verschijning in een tijd waarin autosport nog grotendeels een Britse hobby was.

Na de Tweede Wereldoorlog keerde hij terug in de cockpit, met direct resultaat. Tijdens de allereerste Grand Prix van Zandvoort in 1948 schreef Bira geschiedenis door als winnaar over de streep te komen. En dat was geen walk in the park: al na drie ronden begon zijn Maserati kuren te vertonen. Toch hield hij Tony Rolt — voormalig oorlogsveteraan en toekomstig Le Mans-winnaar — nipt achter zich. Met één tiende voorsprong schreef de Thaise prins zich in de annalen van de Nederlandse autosport.

Bira komt bij na zijn zege

Twee jaar later begon het Formule 1-tijdperk, en Bira stond uiteraard aan de start van de openingsrace op Silverstone. Voor Enrico Platé’s team reed hij zich in de kijker, maar viel uit nadat hij zonder brandstof kwam te staan. Ondanks pech kende hij dat seizoen ook hoogtepunten: een vierde plaats in Zwitserland en een vijfde in Monaco leverden hem de nodige punten op. Daarna bleef het lang stil, tot hij in 1954 nog één keer scoorde in Reims. Een jaar later hing hij zijn helm aan de wilgen.

Bira was meer dan alleen een coureur. Hij was een sportman pur sang. Na zijn racecarrière vertegenwoordigde hij Thailand op vier Olympische Spelen in de zeilsport. Zonder medailles, maar met stijl. In 1978 kroop hij op 64-jarige leeftijd nog één keer achter het stuur, tijdens de Macau Grand Prix Race of Giants. Dertiende werd hij – niet slecht voor een gepensioneerde prins.

Zijn einde was triest. Op 23 december 1985 zakte hij in elkaar bij een Londens metrostation. Niemand herkende hem. Geen papieren op zak. Pas toen de politie een handgeschreven briefje vond, gericht aan 'Bira', en contact opnam met de Thaise ambassade, werd duidelijk wie daar was overleden: een prins, een pionier, een legende. Vandaag leeft zijn nalatenschap voort. In Thailand draagt het Bira Circuit nabij Pattaya zijn naam. Tot 2001 was hij de enige Zuidoost-Aziatische F1-coureur – pas met Alex Yoong kwam daar verandering in. En volgens een Britse autosporthistoricus die onderzoek deed aan de University van Sheffield behoort hij tot de vijftig invloedrijkste coureurs ooit.

Source: Motorsport

Previous

Next