Kan René Rast in 2025 terugslaan na zijn moeilijkste seizoen in de DTM en zijn vierde titel veroveren? Vlak voor de seizoensopener dit weekend in Oschersleben tempert de 38-jarige fabriekscoureur van BMW alvast de verwachtingen: uit de testresultaten blijkt dat de problemen van vorig jaar nog niet verholpen zijn, ondanks de hoop die werd gevestigd op het nieuwe M4 GT3 Evo-pakket en de nieuwe Pirelli-banden.
"Ik hoop dat we onze zwakte in de kwalificaties hebben kunnen uitbannen, maar in Oschersleben leek dat helaas niet het geval", zegt Rast. "We weten dat Oschersleben niet bepaald een BMW-circuit is, we hebben het daar altijd lastig gehad. Ik hoop op een klein wonder, dat we ergens toch nog wat tijd weten te vinden." Volgens Rast ontbreekt er momenteel “een volle seconde” ten opzichte van de top. En dat is in de DTM, waar het veld door de Balance of Performance (BoP) erg dicht op elkaar zit, een wereld van verschil. "We moeten zien of dat verschil ons in de komende weken op magische wijze komt aanwaaien."
Tijdens de officiële DTM-test van begin april in Oschersleben was Marco Wittmann de snelste BMW-rijder van Schubert, maar hij eindigde slechts als veertiende met een achterstand van 1,204 seconden. Rast zelf werd slechts zeventiende, 1,507 seconden achter leider Thomas Preining in de “Grello”-Porsche. Het doet denken aan vorig jaar, toen Rast slechts vier van de zestien races vanuit de top-tien kon starten.
De seizoensopener wordt "zeker niet gemakkelijk", aldus Rast, ondanks de pogingen in de winter om de kwalificatieproblemen te verhelpen. "Samen met BMW hebben we uiteraard geanalyseerd waar het probleem lag, maar dat deden we eigenlijk al tijdens het seizoen", aldus de drievoudig kampioen, verwijzend naar de tests van afgelopen jaar. "Tijdens die tests hebben we ons volledig op het kwalificatieprobleem gericht. We dachten op een gegeven moment dat we de oplossing hadden gevonden, maar dat bleek uiteindelijk toch niet zo te zijn. Achteraf analyseren is altijd lastig, zeker als je in de winter geen testkilometers maakt."
René Rast overlegt tijdens de test met engineers van Schubert Motorsport.
Foto door: Alexander Trienitz
In feite koesterde het Schubert-team vorig jaar na een test in juli op de Nürburgring nog de hoop dat een nieuwe aanpak qua afstelling het probleem kon verhelpen, maar dat bleek een misvatting.
Er zijn zelfs zorgen dat de nieuwe Pirelli-band in combinatie met het Evo-pakket nog moeilijker op temperatuur komt dan zijn voorganger, waardoor het gat tussen kwalificatie- en racetempo voor BMW alleen maar groter wordt. "We mochten de oude band tijdens de officiële DTM-test niet gebruiken, dus we hebben geen directe vergelijking", zegt Rast.
"Maar net als vorig jaar hadden we moeite om de band in de juiste window te krijgen voor de kwalificatie, wat we ook probeerden. Dat betekent niet dat we nu exact dezelfde performance zullen hebben als vorig jaar — dat wil ik zeker niet zeggen. Maar het was opnieuw niet makkelijk voor ons. Of het gat daardoor nog groter wordt of juist kleiner tijdens de race, dat moeten we afwachten", zegt hij, hopend op meer antwoorden tijdens het weekend in Oschersleben. Over de nieuwe Pirelli-slick zegt Rast dat de karakteristiek "grotendeels gelijk is aan die van vorig jaar. Ik heb geen groot verschil gevoeld."
En zijn indruk van het nieuwe Evo-pakket voor de M4 GT3? "Ik heb eigenlijk maar één dag in Oschersleben gereden", zegt hij, waardoor hij nog weinig ervaring heeft met het nieuwe materiaal. "Het belangrijkste verschil is het differentieel, dat we nu kunnen afstellen zonder de versnellingsbak eruit te halen. Dat was altijd het probleem bij BMW – dat duurde altijd lang, maar dat is nu blijkbaar wat eenvoudiger." Verder zijn de veranderingen volgens Rast vrij beperkt. "We hebben een kleine winglet op de voorbumper, bij de carrosserie. Maar verder zijn het vooral details die je optisch nauwelijks ziet en als rijder waarschijnlijk ook amper voelt."
Source: Motorsport