is columnist voor de Volkskrant.
Het zwarte decor van het afgebrande bosperceel is niet dood, het blijkt vol leven, daar springt een felgroene stip. Alex Wieland, beheerder van Het Zeeuwse Landschap, sluipt dichterbij, ja, dit is een groene zandloopkever. En daar: weer een groene zandloopkever.
Hij wil natuurlijk niet alles toeschrijven aan de brand die op zondag 23 maart hier in de Clingse Bossen in Zeeuws-Vlaanderen, op de grens met België, ruim twee hectare in de as legde. Maar toch: het zou kunnen dat de brand ruimte maakt voor nieuwe dieren. De groene zandloopkever is in dit bos normaal zeldzaam. ‘Die heb ik hier nog maar één keer eerder gezien.’
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
De brand, waarschijnlijk ontstaan omdat rotjochies met vuurwerk speelden, was groot, dat was ‘emotie’. Het vuur stak een waterkanaal over van vele meters breed. Er waren zorgen om dieren die konden omkomen. Nu, een paar weken later, als Alex deze kevers ziet springen, dan denkt hij: de brand brengt misschien iets moois. Een nieuw, gevarieerder bos, zodat het hier voor wandelaars nog meer ‘vijf sterren’ wordt dan het nu al is.
Als je Alex vraagt wat hem bevalt aan de Clingse Bossen, dan begint hij over de mopsvleermuis. Zeer zeldzaam in Nederland, maar in dit bos zitten er wel tweehonderd. ‘Als de mopsvleermuis in het bos is, dan gaat het goed met het bos.’ Hij wil maar zeggen: dit bos is gevarieerd en waardevol.
Maar het perceel dat in vlammen op ging, was geen lust voor het oog. Een fabrieksbos van productiesparren, geplant in dichte lijnen. De naaldbomen waren al voor de brand vernield door de ‘letterzetter’, weer een kever. Die eet zich hiërogliefen door het hout, ‘een kunstwerkje, je zou het zo aan de muur hangen’, zegt Alex. Dit is zeker: sparren keren hier niet terug.
De herrijzenis van het bos na de brand wordt grondig in kaart gebracht. Wetenschappers van de Universiteit Gent zullen het komende jaar metingen verrichten. Voor de Belgische universiteit was dit niet zomaar een van de meer dan honderd natuurbranden in Nederland in maart. Nee, de brand in de Clingse Bossen was een kroonbrand.
Kroonbranden zijn even gevaarlijk als zeldzaam. Brandende boomtoppen, in dit geval van kurkdroge sparren, steken elkaar aan. Een kroonbrand kan zich ver verspreiden. Het vuur sprong een waterkanaal over en passeerde een fietspad, aangelegd op de voormalige spoorlijn Mechelen-Terneuzen. Je kunt hier prachtig fietsen. Belgen weten dat, Nederlanders niet.
Waar normaal de hitte diep in de grond trekt, verbrandt bij een kroonbrand alleen het oppervlakte. Toen het vuur gedoofd was, sprongen konijnen onaangedaan uit hun hol. Ook bosmieren, de opruimers van het bos, overleefden. ‘Zoals die met elkaar communiceren, daar kunnen wij mensen een hoop van leren’, stelt Alex.
In Gent vinden ze dit interessant: als je alles aan de natuur laat, wat gebeurt dan na de brand? Raakt alles overwoekerd met Amerikaanse vogelkers, een hardnekkige ongewenste plant waartegen elders in de Clingse Bossen ‘zware strijd’ wordt geleverd? Of krijgt meer begroeiing een kans?
Zorgen zijn er over de eiken, soms staan ze op fraaie walletjes tussen de verkoolde sparren. Er zijn erbij van minstens een eeuw oud, geknot door vroegere generaties en altijd opnieuw uitgelopen. Alex legt wijst naar een geschroeide stam. Als je het zo ziet, dan valt de schade mee. Alleen: de eiken geven nog geen blad.
Alex houdt hoop. Bomen kunnen een brand overleven, dat heeft hij gezien in Amerikaanse nationale parken. In Gent zijn ze minder optimistisch. Zijn de eiken in mei, uiterlijk juni, nog kaal, dan lijkt het erop dat de sappen in de boom bij de brand zijn gaan ‘koken’. Dat overleven de bomen niet.
Op een deel van het afgebrande perceel mag het bos proberen zichzelf te herstellen. Verderop helpt Alex mee. Daags na de brand plantte hij met vrijwilligers nieuwe loofboompjes van babyformaat, om niet alles alleen aan de natuur te laten.
a.vanes@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns