Marc Márquez verliet Honda eind 2023 na een lang leven trouw aan het merk, en reed in 2024 voor het satellietteam Gresini van Ducati. Dit jaar is de achtvoudig kampioen gepromoveerd naar het officiële fabrieksteam in Bologna, waarmee hij opnieuw wordt gezien als de beste coureur op de grid. Hij start het Grand Prix-weekend in Spanje als grote favoriet, gezien de vorm waarin hij verkeert. De kampioenschapsleider heeft drie van de vier races tot nu toe op zijn naam geschreven.
"We komen in een heel andere situatie aan dan in 2024", blikt hij vooruit op het weekend in Jerez. "We proberen de goede lijn vast te houden. Dat betekent niet per se winnen, maar wel meedoen in de top-drie." De Spanjaard kan amper bevatten hoe zijn periode bij het fabrieksteam van Ducati is begonnen, wetende dat hij sinds zijn zware blessure in 2020 zoekende was naar zijn oude vorm. "Na zo'n lange herstelperiode waardeer ik des te meer wat er nu gebeurt – met mij, maar ook met mijn broer", voegt hij toe. "Na elke zaterdag zeg ik in de teamvergadering: 'Dit is niet normaal.' Niet elk weekend zal zo zijn. Maar ik geniet er nu meer van dan vroeger. Winnen is niet normaal", benadrukt hij.
Toch is Márquez, op een foutje in Austin na, dit seizoen indrukwekkend dominant. "Dat is juist het woord dat ik probeer te vermijden – 'dominant'", stelt de Ducati-rijder. "Het laat je de waakzaamheid verliezen en dat leidt tot fouten. De crash in Austin kwam niet door overmoed. De laatste keer dat ik me zo goed voelde op een motor was in 2019. Toen ging alles vanzelf. Nu weer ook, maar de concurrentie wordt sterker en komt dichterbij."
Hoewel Márquez in zijn huidige vorm wel doet denken aan de 'oude' Márquez van voor zijn blessure, ziet de coureur dat anders. "Ik kan mezelf niet beter noemen dan vóór 2020, na vier operaties aan mijn arm. Ik moet harder werken om daar weer te komen", erkent hij. "Maar ik ben bereid om dat te doen. En nu ik hier weer sta, probeer ik die arm te vergeten. Dat was jaren geleden niet mogelijk. Maar vertrouwen en fysieke kracht komen terug en dan vergeet je de problemen. Mijn fysiotherapeut zei laatst: 'Je klaagt niet meer over je linkerschouder.' Dat is een goed teken."
"Ik ben niet beter dan de Márquez van 2019 – ik ben anders", meent Márquez. "Ik heb een andere mentaliteit. Ik durf niet te zeggen dat ik sterker ben, maar ik ben veel rustiger. In 2019 telde alleen winnen. Nu voel ik die druk nog steeds, maar ik voel me niet meer verplicht om te winnen. Met alles wat is gebeurd, ben ik gelukkig. Ik ben mezelf niets meer verschuldigd. Ik heb alles geprobeerd en ik ben waar ik wilde zijn: elk weekend winnen en op het podium staan."
Foto door: Gold and Goose / Motorsport Images
Het circuit van Jerez was in 2020 juist de race waar hij de zware blessure opliep, waarna zijn vorm weg was bij zijn terugkeer. Vijf jaar later kan Márquez winnen op het circuit waar het toen zo fout ging. "Als ik dit jaar kan winnen, zal ik dat vieren", vertelt hij. "Maar de podiumplek van vorig jaar was al belangrijk. Jullie weten wat ik riskeerde door naar Gresini te gaan. Dat weekend voelde ik me voor het eerst weer competitief. Ik voelde dat mijn vertrouwen terugkwam." Márquez zou een overwinning op Jerez wel symbolisch vinden. "Voor mij is die cirkel al rond – mét een strikje erom, zeg maar. Ik moet me dit weekend afsluiten voor de verwachtingen. Van mensen die hopen dat ik win. Maar ik ben dankbaar."
Door de sterke seizoensstart heeft Márquez een voorsprong van zeventien punten op zijn jongere broer, Álex Márquez. Het is nog vroeg in het seizoen en over zijn eventuele titelkansen wil hij niet te veel kwijt, maar Márquez beseft ook dat hij zich nu in een zeer sterke positie bevindt. "Als je voor de titel wil vechten, dan zit ik op de beste plek: fabrieksteam, officiële motor. Met dit materiaal is er niets beters. De situatie is ideaal, het ligt in mijn handen. Maar Gresini heeft ook Bastianini laten winnen, en mij... Het is een topteam, maar die rode motor is toch de meest begeerde."
Dat er dit jaar wel een nieuwe kampioen komt, lijkt zo goed als zeker. De regerend kampioen, Jorge Martín, keerde in Qatar terug maar ook dat liep uit op drama. Hij ging onderuit, werd nog geraakt door Fabio Di Giannantonio en liep een klaplong en elf gebroken ribben op. Zodoende lijkt de Aprilia-rijder zich opnieuw op te maken voor een lange herstelperiode. Márquez steekt Martín wel een hart onder de riem. "Ik wens hem sterkte. Ik kan me wel voorstellen wat er in zijn hoofd omgaat. Mijn advies is: neem geen beslissingen in het heetst van de strijd, zeker niet als je geblesseerd bent."
Source: Motorsport