Paul Simonis (40) staat in zijn eerste jaar als hoofdtrainer van Go Ahead Eagles in de finale van de KNVB-beker, maandag tegen AZ. ‘Het is de uitdaging om in hun hart te komen.’
is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
Paul Simonis vertelt hoe hij, als man zonder grote loopbaan als voetballer, de drempel naar de hoogste trainingsopleiding van de KNVB nam. Het was een spannende fase, met een motivatiebrief, intelligentietest, gesprekken over persoonlijkheid en managementkwaliteiten.
Ter voorbereiding op de intelligentietest sprak hij een middagje met zijn oom, een wiskundige. ‘Hij legde me uit hoe die test werkt, want het zijn allemaal trucjes. Altijd een kladblok meenemen, verbanden leggen en toepassen. De vrouw tegenover me zei dat ik extreem hoog had gescoord. En dat terwijl ik geen extreem intelligente jongen ben.’ Dat hij vooraf naar die oom ging, schuilt daarin niet de intelligentie? ‘Dat is streetwise.’
Simonis, in zijn eerste jaar als hoofdtrainer finalist in de KNVB-beker, is een bijzondere trainer en een speciaal mens. Zo heeft hij vrijwel dagelijks even contact met tante Tine, de moeder van zijn beste vriend. ‘Zij is een voorbeeldfiguur. Zij verloor een zoon door een medische misser. Maar ik zie hoe zij het maximale uit elke dag haalt, mensen bij elkaar brengt en het leven viert. Altijd positief, altijd willen helpen, met humor en gevatheid. Als het over voetbal gaat, zegt ze niet dat ik de spits moet vervangen. Nee, ze vraagt me geduldig, rustig en positief te blijven, mensen voor me te winnen. Maar ze kan ook haar tanden laten zien. Ook dat heb ik van haar geleerd. Als iets haar niet zint, ramt ze je omver.’
De levenslessen van tante Tine past Simonis nu toe in Deventer, bij Go Ahead, de volksclub waar voetbal nog ruikt naar vroeger, en waar zijn vriendin uit de Dominicaanse Republiek zich thuis voelt. Zij wist aanvankelijk niets van voetbal. Bij de eerste wedstrijd, toen hij nog assistent-trainer was, dacht ze dat het duel afgelopen was na het rustsignaal.
‘Zij is nu helemaal Go Ahead-supporter. Als ik thuiskwam na een nederlaag, toen ik bij Heerenveen werkte, zat zij op de bank met een shirt van Go Ahead en vroeg ze me even te wachten met mijn verhaal, omdat Go Ahead nog een kwartier speelde.’
Hij woont op zes minuten fietsen van het stadion de Adelaarshorst. Het leven lacht hem toe en Go Ahead voetbalt prachtig. Doelpunten zijn soms stralende voorbeelden van samenspel. Go Ahead, met een begroting van 14 miljoen, krijgt overal lof toegezwaaid. Maar maandag in de Kuip tegen AZ telt alleen de winst. ‘Ik win liever lelijk dan dat ik mooi verlies.’
‘Ik zit niet op een wolk, maar het is geweldig wat er gebeurt. Ik heb bij meerdere clubs gewerkt, maar zo mooi als bij deze heb ik het nog niet meegemaakt. Het is één grote familie. Als ik wat wil, ga ik naar Jan Willem (Van Dop, algemeen directeur) of Paul (Bosvelt, technisch directeur) en wordt het geregeld. Het is een superplatte, duidelijke organisatie. Dat maakt deze club uniek.’
In een kamer in het stadion, met foto’s van clubiconen als Ruud Geels, Dick Schneider en Cees van Kooten, verklaart Simonis het succes. ‘Ons recept bevat meerdere ingrediënten. Allereerst de individuele aandacht voor spelers. Dat horen we ook van henzelf, dat ze het nooit ergens zo hebben meegemaakt. Wekelijks met spelers zitten. Beelden erbij. Hoe het buiten het voetbal met ze gaat.’ Op de suggestie dat zoiets elders ook gebeurt, zegt hij: ‘Niet op deze schaal.’
Hij opent zijn telefoon en toont planningsschema’s, met elke dag tal van individuele gesprekken. Met een mental coach erbij, en Simonis zelf of iemand anders van de door hem veelgeprezen staf. De wedstrijd evalueren met de een, perspectief bieden aan de ander.
Linksbuiten Mathis Suray moest een half jaar op zijn kans wachten, die uiteindelijk kwam toen Oliver Edvardsen naar Ajax ging en Søren Tengstedt zijn voet brak. ‘Hij speelt grandioos. Een speler mag boos zijn en mag me een klootzak vinden, maar ze moeten nooit vergeten dat ze daar alleen zichzelf mee hebben. Spelers vinden het jammer dat ze niet spelen, maar ze zijn blij met de uitleg, met de eerlijkheid.’
Go Ahead is succesvol met een klein budget. ‘De scouting haalt ruwe diamanten binnen, en wij hebben een goed slijpsysteem.’ Hij legt uit hoe per wedstrijd de strategie wordt bepaald. De assistenten Dennis van der Ree en Tristan Berghuis richten zich op het aanvallende en defensieve strategische plan.
‘Daarop trainen we en krijgen spelers feedback. Meeting, trainen, meeting, trainen. En dan weer een meeting met terugkoppeling over wat we hebben getraind. We hebben dagelijks meetings. Voor mij is het uniek om zo met elkaar te werken.’
Verder is voetbal een zaak van werken, lopen, elkaar steunen. ‘Ooit zei de coach Juan Vliet tegen mij dat kwaliteit pas gaat gelden bij gelijke strijd. Zo zie ik dat. Kijk naar middenvelder Enric Llansana, die zich heeft ontpopt tot nummer één balafpakker. Hij is de personificatie van hoe ik voetbal zie. Kneiterhard werken, 88 minuten lang. Rennen, sprinten, duelleren. Die twee minuten aan de bal moet je comfortabel zijn, oplossingen zien, het spel lezen en weten wat een wedstrijd vraagt. Voetbal is een running game.’
Hij houdt trouwens vooral van mooi voetbal, van gedegen opbouw, van Barcelona, van Messi. ‘Voor Messi in zijn tijd bij Barcelona bleef ik thuis. Als mijn vrienden gingen stappen, zei ik: prima, maar ik ga naar Messi kijken. Doe de dames maar de groeten van me.’
Jarenlang was Simonis fysiotherapeut in combinatie met jeugdtrainer bij Sparta. Hoofdtrainer Alex Pastoor bood hem de kans mee te kijken bij het eerste elftal. Simonis liet na de bloeiende praktijk in fysiotherapie te kopen, omdat hij het ongewisse bestaan van het trainerschap ambieerde.
‘Dat gebeurde op advies van mijn slimme broers, Robbie en Peter. Zij vroegen of mijn hart sneller ging kloppen van fysiotherapie. Moest ik niet gewoon voor het voetbal gaan? Ze hadden gelijk. Ik heb ze vaak bedankt dat ze hun broertje wakker hebben geschud.’
Tijdelijk ging hij fors terug in salaris. Hij verkocht zijn motor. ‘Maar het was de beste keuze. Ik kon naar Pastoor met de mededeling dat ik niet alleen analyses voor hem wilde doen, maar ook het veld op wilde. Dat vond hij goed, maar dan niet één keer, maar wekelijks. Dan krijg je een heel andere inkijk in topvoetbal.’
Ter inspiratie keek Simonis twee keer naar The Last Dance, de documentaireserie over het Amerikaanse basketbalteam Chicago Bulls. Daarin zag hij hoe coach Phil Jackson speelt met Dennis Rodman, een enfant terrible met grote kwaliteiten. Hoe sterspeler Michael Jordan Rodman steunt. Hoe zij over Jackson praten, die veel meer is dan een trainer.
‘Ik las laatst een spreuk van Maya Angelou, een Amerikaanse schrijfster. ‘People will forget what you say, people will forget what you did, but people will never forget how you made them feel.’ Als je hoort hoe Jordan praat over Jackson: dat is zo mooi. Als dat in Deventer ook gebeurt, zou dat me raken en ontroeren. Voetballers zijn jonge gasten die er zelfverzekerd en sterk uitzien, maar ook hun onzekerheden hebben. Het is een uitdaging om in hun hart te komen. Als dat lukt, gaan ze voor je door het vuur.’
Dat mechanisme ontdekte hij in de jeugd bij Sparta, waar hij werkte met hongerige talenten. Hij wil een verbinder zijn met een warm hart, iemand voor wie het glas altijd halfvol is. ‘Ik zag de rauwe kant van het voetbal, een verzameling van alle lagen van de samenleving. Met vluchtelingen, probleemkinderen, jongens van gescheiden of vermiste ouders. Structuur geven, hen helpen hun droom te bereiken, dat was mooi. Ik was ook geen makkelijke student. Twee keer van school gestuurd, twee keer blijven zitten, ook omdat ik geen zitvlees had. Ik zette me af tegen het schoolsysteem. Niet onbeschoft, maar rebels. Altijd grenzen opzoeken. Die houding nam ik mee naar de jeugdopleiding van Sparta. Die jongens waren veel extremer dan ik, een jongen uit Voorburg uit een warm nest, maar ik kan goed omgaan met spelers met een randje. Dat is hier ook zo, bij Go Ahead.’
Simonis kwam op een moeilijk moment binnen. Trainer René Hake vertrok opeens naar Manchester United, de beste spelers waren verkocht, eigenaar Kees Vierhouten stierf plotseling en Go Ahead speelde in de voorronde van de Conference League tegen Brann Bergen, met uitschakeling tot gevolg.
‘Ik heb het moeilijk gehad, met slapeloze nachten. Pas na de sluiting van de markt kwam de club in rustiger vaarwater.’ Spits Victor Edvardsen wilde weg, maar bleef uiteindelijk toch. ‘Hij is zo’n speler met een rauwe rand. Met hem moest ik het gevecht aangaan. Hij kan best negatief zijn. Je moet er soms met een gestrekt been in bij hem, maar ook laten voelen dat je van hem houdt, dat je hem wil helpen. De relatie die ik nu met hem heb, is fantastisch. Het is altijd balanceren. Met hem ben ik meer in contact dan met de gemiddelde speler, want hij bepaalt voor een deel de koers binnen de spelersgroep. Als je hem niet voor je wint en aangelijnd houdt, kan hij zijn eigen koers gaan varen en anderen meenemen. Daarvoor moet je waken.’
Het is als met de lessen van tante Tine. ‘Ik heb geleerd dat je af en toe moet bijten, of je tanden moet laten zien, al is dat met deze groep niet vaak nodig.’ De spelers zijn professioneel, leergierig en nederig. ‘Ze moeten beseffen dat ons publiek dit mogelijk maakt. Als iemand een handtekening wil of een foto, hoor je ja te zeggen. Dankzij supporters kunnen wij het mooiste vak van de wereld uitvoeren.’ En nu reizen 18 duizend mensen mee naar de Kuip, voor de bekerwedstrijd tegen AZ.
Maar het is lastig genieten tijdens de hoogtijdagen. Het trainerschap is veelomvattend. Problemen tackelen, nadenken, het stopt nooit. ‘Ik heb intens genoten van de halve finale tegen PSV, en de dag erop ook.’ In de bus terug uit Eindhoven had hij 301 appjes. ‘Dan denk je: zó. Je belt je ouders, je broers. Ik kreeg berichten van mensen die ik twintig jaar niet had gesproken.’
Daarna ging de knop weer om, want drie dagen later speelde Go Ahead weer tegen PSV, nu in de competitie. Iedereen dacht dat Go Ahead toen zou verliezen. ‘Eerlijk gezegd dacht ik dat ze ons een ram gingen geven. Niets was minder waar.’
Paul Simonis
1985: geboren op 14 februari in Voorburg.
Voetbalt bij Tonegido, als centrale verdediger of middenvelder.
Opgeleid tot fysiotherapeut en trainer.
2005: begonnen als jeugdtrainer bij Sparta.
2020: assistent van Kees van Wonderen bij Go Ahead Eagles.
2022: assistent van Van Wonderen bij Heerenveen.
2024: hoofdtrainer Go Ahead Eagles.
Simonis woont met zijn vriendin en dochter in Deventer.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant