Home

Waarom is Esther Verhoef de populairste schrijver van Nederland? Onze recensent moet even zoeken naar een antwoord

Wat maakt Esther Verhoef toch tot zo’n succesvolle thrillerschrijver? Haar spanningsopbouw? Haar personages? Of de vaart die ze haar verhalen meegeeft? In Het huis met de palm is het even zoeken naar een antwoord.

De lancering van Esther Verhoefs nieuwe thriller is een event. Begin april zette ze een offensief in met maar liefst tienduizend (!) gesigneerde exemplaren van haar jongste boek Het huis met de palm.

Dat Verhoef een van Nederlands succesvolste auteurs is hoeft bijna niet eens gezegd. Nadat ze in de jaren negentig een imperium had gevestigd met encyclopedieën over huisdieren, stapte ze over naar thrillers en romans. Ze verkocht er meer dan drie miljoen. Verhoef kreeg tal van nominaties en won een kast vol prijzen, waaronder de Gouden Vleermuis.

Dat ze besproken moet worden behoeft dus geen verdere uitleg. Maar waarom is dit de populairste schrijver van Nederland? Die vraag zat in mijn achterhoofd toen ik afgelopen weekend Het huis met de palm opensloeg. Het was zonnig, goed weer voor een spannend boek, en thrillers kunnen literaire meesterwerken zijn. Neem bijvoorbeeld het oeuvre van Patricia Highsmith, zonder meer een van de beste schrijvers van de 20ste eeuw.

Over literaire pretenties kunnen we kort zijn: Het huis met de palm heeft ze niet. Dat blijkt al uit het omslag; letters geschreven in bloed. Verhoef heeft een lekker vakantieboek geschreven, en nu ben ik als recensent dus de pineut: moet ik hier constateren dat GTST het niet haalt bij Shakespeare?

Wraak, gekte, lust

Belangrijker voor een goede thriller is natuurlijk spanning: er staat iets op het spel, de personages worden het liefst gedreven door wraak, gekte, angst, lust desnoods. Maar voor een literaire thriller is een spanningsboog alleen onvoldoende: als lezer wil je bijvoorbeeld een tastbare dreiging, verknipte personages, of een ander wereldbeeld.

Hoe doet Esther Verhoef dat? Het verhaal is dun maar ingewikkeld. In een morsig Zuid-Frans ziekenhuis wordt schoonheidsspecialist Ellis opgenomen met afgrijselijke pijn in haar buik. Na haar operatie moet ze herstellen en wordt ze uitgenodigd door een Française, Sophie, om in haar landhuis te verblijven. Sophie zegt dat Ellis haar nieuwe zusje is, omdat ze uiterlijk veel op elkaar lijken.

Helaas sterkt Ellis niet aan: ze verzwakt verder omdat Sophie haar giftige thee laat drinken. Eenmaal uit de wurggreep van de maniakale Sophie keert Ellis terug naar Marbella, naar het huis met de palm, om iets recht te zetten.

Ingewikkelde liefdesgeschiedenis

Verhoef gebruikt flashbacks om haar hoofdpersonage reliëf te geven. Zo komen we er langzaam achter dat Ellis ook een ingewikkelde liefdesgeschiedenis achter de rug heeft met Anthony, een ondernemer die op David Beckham lijkt. Ze hebben seks op een witleren bank, daarna trekt Ellis bij hem in, eerst in Vinkenveen, dan in Amsterdam-Zuid. Dan emigreert het stel naar Marbella, totdat Ellis naar Frankrijk vlucht. Wat zou daar gebeurd zijn?

De twee avonturen raken met elkaar verweven in, jawel, een bloedstollende ontknoping.

Het verhaal is onwaarschijnlijk, maar dat hoeft niet erg te zijn als de dialogen intrigeren, of de personages een sprankje leven bezitten en niet als lusteloze zetstukken door een decor van papier-maché worden getrokken.

Verhoef heeft een onnadrukkelijke stijl, die vlot leest. Ook besteedt ze veel aandacht aan het decor. Een verlaten manoir, het damast van de gordijnen, een statig trappenhuis met een roestige traplift. Alles verdient een nauwkeurige beschrijving.

‘Ik duw de deuren open. De sfeer is hier anders dan in de rest van het huis. Het is ook lichter, door de hoge ramen met vakverdeling. De ruiten zijn vuil en deels gebroken, weelderig begroeid met klimplanten die diffuus en gefragmenteerd het daglicht doorlaten. Er ritselen vogels door het groen, ik hoor insecten zoemen. Bij elke stap kraken de planken onder mijn voeten, stof dwarrelt op. Mocht iemand een horrorfilm willen maken, dan is dit de perfecte locatie. De sinistere sfeer is voelbaar als trillingen in de leegte, zichtbaar in het zonlicht dat caleidoscopisch door de oude ruitjes schittert.’

Niets te melden

Had Verhoef de bestede aandacht aan het decor iets verlegd, dan had ze haar personages meer vlees op de botten kunnen geven. Weliswaar hebben die een roerig leven achter de rug, ze hebben toch niets te melden. Alles wordt gestuurd door gebeurtenissen; enigszins boeiende gedachten hebben Ellis en haar Beckham niet.

Tegelijkertijd is Esther Verhoef echt een succes. Komt dat nou door de spanning en de vaart van het verhaal? Misschien, maar er zijn meer schrijvers die dat kunnen. Door de herkenbaarheid van haar werk? Ja, maar ook nee: Verhoef is schrijver voor mensen die niet vaak een boek lezen. Je weet dat het spannend wordt en je hoeft er niet te lang over na te denken.

Op zich is dat niet erg, de meeste mensen lezen alleen tijdens hun vakantie. Maar wat me wel choqueert is dat dit boek zo weinig plezier uitstraalt. Ik durf de stelling aan dat Esther Verhoef haar eigen personages beschouwt als vage kennissen – in ieder geval geen vrienden. Alle plotelementen voelen als trucjes. Cliffhangers, flashbacks, het komt allemaal langs. Verhoef weet goed hoe ze de spanning opbouwt en hoe de vaart erin blijft, maar voor een goede thriller is dat niet voldoende.

Het voelt alsof ik in razend tempo een emmer caramelpopcorn heb leeggegeten: het kost even moeite om erin te komen, maar eenmaal op gang blijf je lezen. Nu, na afloop, vraag ik me af wat ik nu eigenlijk gelezen heb.

Als Ellis herstellende is, krijgt ze De vreemdeling van Camus voorgeschoteld. Na ruim een maand bedrust heeft ze de novelle van 176 pagina’s nog steeds niet uit. Misschien is dat een aanwijzing: er wordt te weinig gelezen in dit land.

Esther Verhoef: Het huis met de palm. Prometheus; 400 pagina’s; € 23,99.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next