Home

Lessen van Hawija en corona: openheid is de minst slechte tactiek om de bevolking voor je te winnen

is columnist van de Volkskrant.

In een tijd die vraagt dat we Defensie een beetje kunnen vertrouwen, omdat de oorlog zich opdringt, wordt ons vertrouwen juist geschonden door een onverkwikkelijke affaire. Tien jaar nadat Nederlandse gevechtsvliegtuigen een aanval hadden uitgevoerd op de Noord-Iraakse stad Hawija, waarbij meer dan zeventig burgerdoden vielen, is de video boven water gekomen waarop Defensie de gevolgen van het bombardement destijds al direct had vastgelegd. Een video die volgens Defensie inmiddels allang niet meer bestond.

De affaire ontvouwt zich net nu de commandant der strijdkrachten een uitzonderlijke order heeft doen uitgaan naar alle 76 duizend medewerkers van Defensie om zich versneld in gereedheid te brengen, voor het geval dat zij moeten worden ingezet. Dat kan zijn met een troepenmacht in Oekraïne na een eventueel bestand. Of als Poetin een van de Baltische staten aanvalt, Navo-bondgenoten die Nederland geacht wordt te helpen verdedigen. Zeker met dat laatste scenario wordt zeer serieus rekening gehouden. En nu al moet Nederland zich verweren tegen Russische cyberaanvallen en sabotage. Shit is getting real.

Over de auteur
Kustaw Bessems is columnist voor de Volkskrant en werkt als adviseur voor overheden en maatschappelijke organisaties. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Nu wil het cliché niet voor niets dat in een oorlog de waarheid als eerste sneuvelt. Eén gevaar dat op de loer ligt, is een te dominante consensus. Met als gevolg een te magere politieke en journalistieke controle op de macht. De sympathie met Oekraïne is immers groot, het gevaar uit Rusland wordt breed onderkend en de angst door de vijandige houding van de VS hakt erin.

En net als tijdens de coronapandemie staat niemand van ons búíten deze crisis. Ook journalisten, Kamerleden en toezichthouders lopen zelf gevaar en zijn van het leger afhankelijk voor bescherming. Hoe kritisch kun je zijn op je beschermer?

Vooralsnog is het makkelijk om op die vraag een stoer antwoord te geven. Maar wat als eenmaal het vechten is begonnen? Doe je nog pijnlijke onthullingen over het leger wanneer onze mensen in Litouwen hun leven wagen? Dat soort dilemma’s kunnen eraan komen. Het is een crisisparadox: hoe meer er op het spel staat en hoe harder tegenmacht nodig is, des te terughoudender kun je worden.

De rol van Defensie zelf zal in die situatie meer dan ingewikkeld zijn. Een belangrijke bron van informatie, zeker. Maar wel een bron die redenen kan hebben om informatie achter te houden of zelfs onjuiste informatie te verspreiden.

Ook legitieme redenen: om de vijand niet wijzer te maken of om eigen mensen niet in gevaar te brengen. En er is in oorlog de noodzaak om onder de bevolking draagvlak te verwerven en te behouden.

Naast dat alles, heerst onder militairen soms ook nog het gevoel dat het oneerlijk is om afgerekend te worden op moeilijk en gevaarlijk werk waarover anderen makkelijk praten hebben. Dat zijn veel prikkels die ertoe kunnen aanzetten om de realiteit wat meer naar wens vorm te geven.

Het drama in Hawija is leerzaam. Doelwit waren in 2015 loodsen waarin IS autobommen maakte. Onbedoeld werden burgers in omliggende woonwijken gedood. Dat was direct behoorlijk duidelijk. Maar tegen beter weten in en met veronachtzaming van procedures werd het Openbaar Ministerie in onwetendheid gehouden. Nog jaren daarna, concludeerde een onderzoekscommissie onlangs, werd de Tweede Kamer ‘keer op keer onvolledig en onjuist geïnformeerd’. Bijvoorbeeld over het gebrek aan deugdelijke voorbereiding van de aanval.

Dieptepunt is dat deze commissie na lang aandringen te horen kreeg dat een destijds geschoten video van de ravage als ‘niet relevant’ zou zijn beoordeeld en zou zijn overschreven. Niets meer te zien dus. Het is aan de onderzoeksjournalistiek van Ben Meindertsma in deze krant te danken dat de video op mysterieuze wijze toch tevoorschijn is gekomen. Hij lag gewoon in het archief van de missie op vliegbasis Leeuwarden. Hoe dat kan, daar is nu weer een nieuw onderzoek naar gestart.

Het is moeilijk om iets anders te concluderen dan dat tot het uiterste is geprobeerd om de ware toedracht van de aanval op Hawija achter te houden. Om zaken mooier voor te spiegelen dan ze waren. En helaas is dat een patroon. Een paar jaar geleden concludeerde de onafhankelijke directie Internationaal Onderzoek en Beleidsevaluatie (IOB) van het ministerie van Buitenlandse Zaken dat missies in Afghanistan, Mali en Zuid-Soedan vooral werden ingegeven door Haagse prioriteiten, niet door wat in die landen nodig was. In plaats van open te zijn over tegenvallende resultaten werden positieve verhalen opgehangen, uit angst voor negatieve media-aandacht of Kamervragen.

Nog los van de morele bezwaren die je kunt hebben, zoiets pakt dus ook voor Defensie zelf slecht uit, omdat het de geloofwaardigheid aantast. Het kweekt geen draagvlak, maar slaat draagvlak weg. Bedenk hierbij dat we het huidige gevaar tegemoettreden in een ongekend krachtenveld van digitale media, techplatforms en AI, waarvan nog niemand de consequenties overziet. Je kunt ervan uitgaan dat elk leugentje waarop je wordt betrapt brandstof is voor agitators. Uit de coronatijd weten we dat een overheid die niet goed te volgen is, die te hoge verwachtingen wekt en die niet eerlijk en invoelend overkomt, een katalysator is voor spookbeelden, complottheorieën en verdeeldheid.

Het is kiezen uit kwaden, want als je open bent over fouten, word je daar doorgaans ook snoeihard op afgerekend. Maar maximale openheid zou weleens de minst slechte tactiek kunnen zijn voor een groot strategisch belang: steun van de bevolking.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next