Home

Hoe kèn dit eethuisje in Delfshaven – waar oude mensen, jonge mensen en toeristen komen – nog bestaan?

’t Eethuisje van Delfshaven serveert al meer dan 45 jaar Hollandse maaltijden met een knijpfles mayo en een flinke lepel Rotterdamse liefde.

is culinair recensent van de Volkskrant. Ook schrijft ze over culinaire (pop-)cultuur.

’t Eethuisje van Delfshaven

Mathenesserdijk 436, Rotterdam
Reserveren via 010 4254917
Cijfer: 7,5
Dagelijks wisselend menu (te vinden op Facebook) met eenvoudige Hollandse kost. Hoofdgerecht tussen € 14,20 en € 27,40, open zondag t/m vrijdag.

’t Eethuisje van Delfshaven, dat wordt gerund door het echtpaar Martin en Bea Wolthuis, heeft een dubbele voordeur tegen de tocht. De binnendeur kan twee kanten op, maar wanneer je ’m van binnenuit openduwt, zet hij de buitendeur, die alleen naar binnen kan, klem. Daarmee zit de vertrekkende gast onherroepelijk opgesloten.

‘Trek-ken!’ brult Martin (72) dan vanuit zijn keuken. ‘Trek-ken!’ gilt de halve clientèle (van 19 tot 90) achter hun bal gehakt of advocaatje met slagroom. En Bea (64) zegt in uitgestreken Rotterdams: ‘D’r sta toch duidelijk ‘trekken’ op die deur? Kejje nie lezen soms?’ Dan een aanstekelijke, meisjesachtige schaterlach die als een zachte grinnik begint, maar uiteindelijk galmt van de pui tot aan de Schie.

Oude televisiekomedie

Deze scène voltrekt zich meerdere malen per avond, zes avonden per week, mogelijk al bijna een halve eeuw lang. Het zou de running gag uit een klucht of oude televisiekomedie kunnen zijn – ‘Ik moest kloppen want de bel doet ’t niet,’ ‘Je t’adore! No, yóu shut the door!’ – ‘t Schaep met de 5 pooten, Toen was geluk heel gewoon, In de Vlaamsche pot. Ook de rest van de zaak, de eigenaars en de clientèle, de inrichting en de menukaart, hebben zoiets nostalgisch hyper-Rotterdams dat een acquirerend castingbureau er waarschijnlijk een goede dag zou hebben.

’t Eethuisje ligt direct achter de centrale Lage Erfbrug, naast de schoorsteenpijp van de voormalige jeneverfabriek waar de Schie overgaat in de Coolhaven. ‘Hollandse maaltijden’ staat op het raam, op straat een sandwichbord met de daghap: Kip met Peen, Erwten, Gebakken Aard.: € 14,20. Stoofvlees: € 21,40. Al in 1989 schreef Het Vrije Volk over dit zaakje, dat tien jaar eerder als snackbar was begonnen maar al snel overging op de Hollandse pot, alsof het een levend fossiel betrof. ‘Waar vind je dit nog?’, mijmerde de journalist. Die ouderwetse, huiselijke inrichting, die eenvoudige kost van toen-nog-eigenaars John en Lenie Koreman. Hachee, stamppot andijvie, boerenjongens met ijs – hoelang kan zoiets nog bestaan in het huidige tijdsgewricht?

Het bestaat nog steeds. Op de tafels liggen placemats met Delfts blauwe klompen en koeien, op de bar staan decoratieve smurfen en de Swedish Chef uit de Muppet Show die, het moet gezegd, inderdaad sprekend op Martin lijkt. Aan de muren dakpannen, oude spiegels van reeds lang opgeheven biermerken, het thuisshirt van Sparta. Het menu staat op krijtborden (Kabeljauw € 26,40, Karbonade € 21,40, Wienerschnitzel € 21,40, Biefstuk Eethuisje € 27,40) en wordt ook elke dag aangekondigd op Facebook. Het restaurant heeft geen website, reserveren kan telefonisch.

Nog veel meer knoflook

‘Wil je ze gewoon pittig of extra pittig?’ De gulle portie prima gebakken garnalen (€ 13,50) drijft in een smakelijke kruidenolie met rode peper en knoflook. Op de gebakken champignons (€ 9,90) zit nog veel meer knoflook, en lekker veel zwarte peper. We krijgen er een warm stokbroodje bij. De op Facebook aangekondigde bruinebonensoep (halve liter € 4,50, liter € 9) is vervangen door een drinktomatensoep – die is heet als lava, zit in een beker en smaakt naar Cup-a-Soup Tomaten Crème met gedroogde basilicum.

Het is nog vroeg, maar de zaak zit al vol. Voor ons schuift de heer alleen die de hele avond zijn lederen cowboyhoed zal ophouden aan bij de heer alleen met de potloodsnor, het grote pak zware shag en de katoenen zakdoek. Een West-Afrikaanse vaste gast in de fluorescerende kleding van het schoonmaakbedrijf heeft zijn nieuwe verovering meegenomen. Bea: ‘He take you here, then you know that het goed zit’. Aan de vensterbank, naast de anthurium, eet iemand met een reusachtige gezichtstatoeage biefstuk terwijl hij YouTubefilmpjes kijkt. ‘Is-tie dood genoeg?’ tettert Bea in z’n oor. ‘Ik zeg dus: is-tie dood genoeg? Die biefstuk hè?’ Weer die schaterlach.

Een dame met een klein, dik hondje en haar buurvrouw overtroeven elkaar met horecaprijzen: ‘Ik was in Hoek van Holland: tosti 12,50!’ ‘Ik bestelde een hamburger met friet in De Koopgoot: € 26,45.’ ‘Sjoooongejongejongejonge.’ Een groepje dertigers van het type dat zich ‘creatieven’ noemt, rolt vanuit de taxi naar binnen – de term ‘cultzaak’ valt veelvuldig. ‘Zijn dit álle opties?’, zegt een meisje enigszins teleurgesteld, ‘en hebben jullie geen wijnkaart?’

Tikkie pips

Bij de kip met peen en het stoofvlees komt de knijpfles mayo op tafel. De gebakken aardappeltjes zijn een tikkie pips, maar het stoofvlees is prima mals en goed gekruid. De kip heeft een krokant jasje, wederom flink veel peper en ligt in prima jus. De frietjes en de huisgemaakte appelmoes (€ 3,50) zijn uitstekend. Alleen de doperwtjes en worteltjes uit de vriezer vinden we veel te gaar; die laten we liggen.

De man van het schoonmaakbedrijf gaat vertrekken: ‘Het eten is altijd zo goed! Bea is like my mother!’ roept hij – om vervolgens met zijn nieuwe verovering vast te komen zitten in de deur. ‘Pull! Pull!’ roept de hele zaak. En Bea: ‘It says trekken! Can you not read Nederlands?’ om zich vervolgens stralend om te draaien: ‘Hoorden jullie dat? Ik ben zeg maar de moeder hiero. Listen to mother: kop dicht en eten!’

Onze uitvoerig gepiercete buurman, die met zijn vriendin achter dinerbordbrede schnitzels zit, komt hier al zeventien jaar. ‘De buurt is zo veranderd joh, die herken je gewoon niet meer terug’, zegt hij. ‘Vroeger zat het hier vol ouderen die iedere dag kwamen – veel van hen zijn nu overleden. Tien jaar geleden dacht je in Delfshaven nog: krijg nou wat, daar staat een bakfiets. Nu staan ze overal.’ Daarna kwamen de geveltuintjes met blauwe regen, de plantenbakken voor de deur, de zaakjes met dure koffie en zuurdesembrood. ‘Eigenlijk is dit het enige wat precies hetzelfde is gebleven.’

‘Heb het gesmaakt, meissies?’, vraagt Bea, die over mijn schouder hangt. ‘Je heb wel het gezondste laten liggen.’ Ze wijst naar de doperwtjes en worteltjes. ‘Volgende keer even zeggen dat je geen groente lust, dan leggen we het er niet meer bij. Verder alles gesmaakt? Ja?’ Naar de keuken: ‘Het was weer lekker, Martin!’

Boerenmeisjes

Als toetje is er appeltaart, warme banaan, ijs met boerenjongens, of een advocaatje. Bij de plaatappeltaart (€ 8,60) die we een beetje slof vinden, komt ijs en slagroom. De boerenjongens en -meisjes (rozijnen en abrikozen op brandewijn, ook geserveerd met ijs) zijn zo straf dat ik me even afvraag of ik nog zal mogen rijden.

Onlangs maakten twee filmstudenten als afstudeeropdracht een documentaire over de zaak – ze kregen er een 10 voor. Op het International Film Festival Rotterdam werd de korte film over het eethuisje uitgezonden, hij is ook te zien op NPO Start. ‘We waren al beroemd’, zegt Bea, ‘maar toch is het leuk. Het geheim van de zaak is de sfeer hè. En alles komt er: oude mensen, jonge mensen, toeristen, iedereen schuift bij mekaar aan. We zitten elke dag vol, mensen komen van overal: Amerika, Egypte, alles! ’

Hoelang het eethuisje nog openblijft, is niet duidelijk – Martin kwakkelt met zijn gezondheid – maar het stel hoopt zijn 30-jarig jubileum te halen. ‘En waar zijn jullie vandaan gekomen? Nultwintig? Nou, ’t is maar goed dat ik het nu pas hoor! Nee hoor: als je hier komt, moet je tegen een grapje kunnen. Sjaggerijnen hebben we al genoeg. Neem maar een peperremuntje mee voor onderweg. Goeie reis! Doedoeiii!’

En dan, alsof we het niet de hele avond al hebben zien gebeuren, duw ik met mijn volle gewicht de binnendeur open.

‘Trèk-ken!’ Hoor ik achter me. ‘Trekken an die deur!’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next