Als voorzitter van de prestigieuze Harvard University lijkt Alan Garber pal te staan voor de academische vrijheden die president Donald Trump vertrapt. De arts en econoom is echter niet onomstreden.
‘Deze universiteit zal haar onafhankelijkheid nooit verloochenen, noch afstand doen van haar grondwettelijke rechten.’ Ze klinkt strijdvaardig en heldhaftig, de verklaring die de bestuursvoorzitter van Harvard University, Alan Garber, eerder deze week de wereld instuurde. Garber gaf daarmee te kennen dat de regering van president Donald Trump de boom in kan met haar eisenpakket voor een politieke zuivering van Amerika’s belangrijkste universiteit.
Die principiële houding zal de 69-jarige Garber moeite hebben gekost, en misschien zelfs wel pijn. Want de 31ste voorzitter van Harvard en de 47ste president van de Verenigde Staten delen sommige opvattingen, en Garber had al wat stappen gezet om het Witte Huis te plezieren. Maar zoals meer geestverwanten moet nu ook Garber constateren dat niets en niemand veilig is voor Trumps rancune tegen alles wat links en intellectueel oogt – ook een instituut als Harvard niet.
Garber heeft pas vijf maanden de leiding over Harvard. De arts en econoom zal zich zijn academische nadagen anders hebben voorgesteld. Garber heeft de leeftijd – hij wordt over drie weken 70 – waarop het bestuursvoorzitterschap het slotstuk vormt van een universitaire carrière. Nog even meespelen in de eredivisie van de wetenschap, en dan met pensioen.
In zijn geval betekent dat hooguit een handvol jaren. Garbers voorgangers bleven moeiteloos twintig tot dertig jaar aan het roer. Of nog langer, zoals Charles William Eliot, de academicus die Harvard leidde van 1869 tot 1909. Maar die was dan ook pas 35 toen hij begon.
De vier decennia van Eliots bestuur staan in scherp contrast met de records brekende korte ambtstermijn van Garbers directe voorganger. Claudine Gay (54), de eerste zwarte bestuursvoorzitter, nam begin vorig jaar na zes maanden en één dag ontslag.
Gays positie was gaan wankelen nadat ze tijdens een hoorzitting in het Congres had geweigerd een simpel ‘ja’ of ‘nee’ te antwoorden op de vraag of hatelijke kreten die waren geuit tijdens pro-Palestijnse protesten op Harvard moesten worden gezien als antisemitisme. ‘Het hangt van de context af’, zei Gay. Dat academische verweer, drie maanden na de slachting die Hamas in Israël had aangericht, maakte haar een dankbaar doelwit van pro-Israëlische Republikeinen.
Na het debacle kwam Garber snel in zicht als Gays opvolger. Hij leek de veiligste keuze die de raad van toezicht kon maken. Garber diende al sinds 2011 als provost, een rector die vooral belast is met de dagelijkse gang van zaken. Hij studeerde medicijnen en economie, niet zo’n ‘woke wetenschap’ – in de ogen van haar tegenstanders – als de Afrikaans-Amerikaanse studies die Gay ooit gaf. En Garber is Joods.
Anderen zagen een andere kant van Garber. In 2017 verzette hij zich als rector met hand en tand tegen de oprichting van een vakbond voor studenten die na hun opleiding aan de universiteit er gaan lesgeven of onderzoek uitvoeren. Garber vond dat deze afgestudeerden nog steeds werden opgeleid en dat een vakbonden alleen maar in de weg zou staan van onderzoek en academische vrijheden.
In 2019 bracht een bericht in het huisorgaan van Harvard, The Harvard Crimson, Garber in opspraak. Hij bleek 2,7 miljoen dollar te hebben verdiend als bestuurslid van twee farmaceutische concerns. Het bleek het topje van een geldberg. In totaal ontving Garber sinds 2011, het jaar dat hij aantrad als rector, 6,6 miljoen dollar aan contanten en aandelenopties.
Uitiendelijk was het geen beletsel voor zijn benoeming en Garber ging voortvarend te werk. Als tijdelijk en daarna volwaardig bestuursvoorzitter schaarde hij zich achter omstreden besluiten, zoals het weren van studenten bij de uitreiking van hun bul omdat ze betrokken waren bij pro-Palestijnse betogingen op de campus.
Hij tekende voor het ontslag van twee hoofden bij het Center for Middle Eastern Studies en schrapte het samenwerkingsverband met een Palestijnse universiteit om daarna in zee te gaan met een Israëlische instelling. Onder Garbers gezag scherpte Harvard ook de definitie aan van antisemitisme, tot ontzetting van sommige juristen.
Als Garber had gehoopt dat hij daarmee Harvard uit de wind zou kunnen houden, is hij bedrogen uitgekomen. Ook zijn universiteit moest van Trump een einde maken aan alle diversiteits- en inclusiebeleid, hem onwelgevallige vakken en studierichtingen schrappen, en studenten screenen op hun politieke opvattingen.
Garbers weigering om daaraan gehoor te geven komt Harvard duur te staan. De universiteit dreigt alle overheidssteun te verliezen van 9 miljard per jaar en belastingvoordelen bij giften, haar grootse inkomstenbron. Als Harvard-voorman is Garber zeker van zijn plek in de geschiedenisboeken. Maar misschien niet zoals hij had gehoopt.
3 X HARVARD UNIVERSITY
Harvard University is de droombestemming van veel Amerikaanse studenten. De instelling werd in 1636 opgericht, maar niet door haar naamgever. De Engelse predikant John Harvard liet in 1638 geld en zijn bibliotheek na voor ‘een college’ van de Massachusetts Bay Colony.
Harvard bracht in bijna vier eeuwen 118 miljardairs voort, 24 staatshoofden en 31 premiers, 161 Nobel-laureaten onder wie de Nederlandse natuurkundige Nicolaas Bloembergen, en tien Oscar-winnaars.
Harvard heeft een vermogen van ruim 53 miljard dollar. Toch kan het overheidssteun moeilijk missen. Het grootste deel van die rijkdom bestaat uit giften, waaraan de gulle gevers vaak specifieke bestemmingen hebben verbonden. Harvard leende recentelijk 750 miljoen dollar van beleggers om genoeg geld in kas te hebben voor betalingen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant