Media stonden de afgelopen weken bol van de alarmerende stukken over de invloed van de Amerikaans-Britse influencer Andrew Tate. Maar hoe groot is zijn invloed werkelijk, en waar worden die stellingen op gebaseerd?
Niet eerder worden jongens op zo’n massale en directe manier beïnvloed door kwaadwillende figuren als Andrew Tate – althans, volgens de analyse van Haro Kraak in de Volkskrant.
Hij is niet de enige, journalisten raken niet uitgeschreven over de toxische invloed van Tate. De afgelopen week konden we in Trouw lezen dat hij immens invloedrijk is en in een column in de Limburger dat hij een nieuwe generatie mannen creëert die leert dat geweld tegen vrouwen een manier is om hun mannelijkheid te bewijzen. De subcultuur waarin vrouwenhaat en misogynie floreren, groeit snel en wordt aangevoerd door onder meer Andrew Tate, schrijft Flair.
Docenten zouden volgens de Limburger al enkele jaren merken docenten hoe influencers als Andrew Tate jonge jongens vergiftigen met hun seksistische gedachtegoed en mannelijke toxiciteit. Jongens slikken de giftige manbeelden van Tate als zoete koek, betoogt schrijfster Jessica de Jong in een opiniestuk in de Volkskrant.
Over de auteur
Ron Ritzen is pedagoog, filosoof en jurist. Hij schrijft op dit moment een boek over het imago van mannen.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Ondanks de stelligheid waarmee deze beweringen geponeerd worden, zijn ze op drijfzand gebaseerd. De empirische onderbouwing is uitermate gebrekkig. Vorig jaar verscheen het eerste wetenschappelijk onderzoek naar de invloed van de uitspraken van Tate op Australische scholen. Vrouwelijke docenten blijken in Australië massaal het onderwijs te ontvluchten. Het is echter niet bekend hoeveel vrouwelijke docenten specifiek vanwege vrouwenhaat in de klas ontslag nemen (hoewel het ongetwijfeld wel meespeelt).
Radioprogramma Nieuws en Co stelde echter glashard dat er een ‘onderwijscrisis is in Australië door gedachtegoed van Andrew Tate’. De NOS stelde, op basis van een interview met een Australische docent, dat het ‘voor veel vrouwelijke docenten een reden is om het vak te verlaten’. Datzelfde werd ook beweerd in een krantenartikel in NRC met de vette kop: ‘Australische vrouwen de klas uitgejaagd door Andrew Tate.’ Echter, dat causale verband kan niet gelegd worden op basis van het onderzoek.
Binnenkort verschijnt er nog een onderzoek over de invloed van Tate, maar ook daarvan is de opzet beperkt – een zeer specifieke groep van dertig jongeren in Ierland. Een ander recent onderzoek beperkte zich tot een analyse van het online taalgebruik van de aanhangers van Tate. Ook op basis van deze onderzoeken kunnen geen grote, kwantitatieve conclusies getrokken worden.
Schrijfster De Jong mag dan in haar opiniestuk deze week in de Volkskrant wel beweren dat jongens het recht op seks te vaak met de paplepel krijgen ingegoten, maar volgens recente cijfers van het CBS omarmen vrouwen én mannen massaal ‘nee is nee’. Ook haar bewering dat een Leuvense student, schuldig bevonden aan verkrachting, een milde straf kreeg, onder meer omdat ‘zijn toekomstperspectief ‘veelbelovend’ zou zijn’, is onjuist (zoals te lezen in het vonnis).
De rechtbank vond een voorwaardelijke straf in deze casus passender om de dader ‘tot schuldinzicht te brengen en recidive te voorkomen zonder hem maatschappelijk te ontwrichten’. Wat simpeler gezegd: de dader moet door de straf wel een beter mens worden en niet door en na zijn straf een groter risico voor de samenleving worden.
Onderzoeker Danah Boyd wees er in haar boek It’s complicated, enige tijd geleden op dat volwassenen vaak met hun eigen referentiekader kijken naar digitale uitingen van jongeren. De betekenis van woorden van jongeren is echter gecompliceerd en in elk geval gecompliceerder dan menig volwassene denkt. De codes van de (digitale) boodschap hebben (gelukkig) vaak een andere, mildere lading.
In de jaren vijftig was de asfaltjeugd onderwerp van gesprek, daarna kwamen de zorgen over nozems, vervolgens de provo’s en hippies, en daarna Gen X, punkers, gabbers, Lonsdalers en noem maar op. Elke jeugdige generatie zet zich op zijn eigen manier af tegen de oudere generatie, en door sociale media is die boodschap beter hoorbaar dan vroeger.
Kortom, op de alarmerende boodschappen hierboven is heel wat af te dingen.
De serie Adolescence heeft recent veel aandacht gekregen vanwege de controversiële weergave van een 13-jarige jongen die een meisje, dat hem pestte, doodt. De jongen wordt beïnvloed door de zogenaamde manosphere, een online gemeenschap die toxic masculinity en overcompensatie voor een veronderstelde ondergang van mannen promoot.
Deze vertekende representatie van jongens heeft diepe maatschappelijke implicaties, vooral wanneer we kijken naar hoe mannen en jongens doorgaans in de media worden afgebeeld.
Als negatieve beelden van mannen continu worden herhaald, kunnen we niet verwachten dat jonge mannen zich gezond en constructief ontwikkelen. In plaats van hen te begrijpen, worden ze afgeschilderd als potentiële daders of slachtoffers van maatschappelijke misstanden. De manosphere speelt hier op in door mannen te laten geloven dat ze slachtoffer zijn van een feministische agenda die hen klein houdt. Dit overcompenseren kan leiden tot gevaarlijke gedragingen, zoals te zien in de serie.
Het is tijd om de toon te veranderen. Jongens verdienen positieve rolmodellen die hen laten zien dat ze gewaardeerd worden voor wie ze zijn. Dan hoeven zij niet te vluchten in de manosphere. Door zowel mannen als vrouwen gelijkwaardig te behandelen, kunnen we een samenleving opbouwen waar iedereen zich vrij voelt om zichzelf te zijn, zonder te worden opgesloten in negatieve stereotyperingen. Iedereen verdient een plek in de zon.
Siep de Haan, docent St. Bonifatiuscollege, Utrecht
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant