Home

Een ‘gratis’ advocaat vinden is steeds lastiger: ‘Ze werken liever op de Zuidas’

In sommige regio’s is het niet meer vanzelfsprekend dat mensen terecht kunnen bij een sociaal advocaat. De sector vergrijst en veel jonge advocaten houden het na een paar jaar voor gezien. Er is jaarlijks 40 miljoen euro extra nodig om het tij te keren.

is verslaggever binnenland van de Volkskrant.


Kiymet Altunzade (28) was de enige van haar lichting die koos voor de sociale advocatuur. Tijdens haar studie rechten ging het nooit over de sector waarop mensen met weinig geld een beroep kunnen doen. ‘De rest wilde dan ook liever naar de Zuidas’, zegt ze in een van de kantoren van Ambt advocaten. Geen chique toren in Amsterdam, maar een eenvoudig nieuwbouwpand in Assen.

Ruim een derde van alle Nederlanders komt in aanmerking voor gefinancierde rechtsbijstand, maar in sommige regio’s en rechtsgebieden is amper nog een sociaal advocaat te vinden. De sector is vergrijsd. En de schaarse jonge collega’s die wel voor het vak kiezen, stoppen er vaak mee na een paar jaar. Ze vinden de werkdruk te hoog en de inkomsten te laag.

Een commissie berekende op verzoek van het vorige kabinet dat er 40 miljoen euro extra per jaar nodig is om de sociaal advocatuur in leven te houden. Geld dat staatssecretaris Teun Struycken van Rechtsbescherming, (NSC) niet zegt te hebben. Hierdoor dreigt er niets te gebeuren met de aanbevelingen, hoewel een ruime Kamermeerderheid het erover eens lijkt dat recht toegankelijk moet blijven voor iedereen. De Tweede Kamer stemt volgende week over moties die de staatssecretaris moeten bewegen toch meer geld vrij te maken.

Kwetsbare cliënten

‘In Drenthe zijn er nog maar een paar socialezekerheidsrechtadvocaten’, zegt Altunzade. Ze staan burgers bij die een conflict hebben met de overheid, bijvoorbeeld over uitkeringen of toeslagen. De Nederlandse Orde van Advocaten berekende dat het aantal advocaten binnen het vakgebied de afgelopen vier jaar meer dan halveerde. En dus kan Altunzade lang niet iedereen helpen. ‘Terwijl je voor deze kwetsbare groep echt het verschil kunt maken.’

Ze werkte eerder in de schuldhulpverlening en wist al vroeg dat een commercieel kantoor niets voor haar was. ‘De mensen met wie ik nu werk passen beter bij mij.’

Ook binnen andere rechtsgebieden als huur- of personen- en familierecht moeten de advocaten van Ambt geregeld nee verkopen. ‘En doordat veel oudere collega’s in de regio met pensioen zijn gegaan, neemt de vraag alleen maar toe’, schetst kantoorgenoot Margje Rupert.

Sociaal advocaten krijgen van de Raad voor de Rechtsbijstand een vast bedrag per type zaak, maar dat is vaak niet toereikend omdat kwesties vaak complex zijn en meer tijd vergen. Een van de aanbevelingen van de commissie is dan ook dat die bedragen omhoog moeten.

Complexe rechtsgebieden

Vroeger was een sociaal advocaat een soort huisarts, een jurist die een beetje verstand had van elk rechtsgebied. De afgelopen jaren hebben ze zich steeds meer moeten specialiseren. Dat is volgens Rupert goed voor de kwaliteit, maar vraagt ook een flinke investering van advocaten in opleiding en tijd, omdat die kennis jaarlijks verplicht onderhouden moet worden. ‘Daardoor zijn bepaalde complexe rechtsgebieden waarnaar weinig vraag is financieel gezien minder interessant geworden. Met als gevolg dat een kleine groep niet meer bediend wordt.’

In het gezondsheidsrecht levert dat nu al problemen op. Daarom nam Rupert onlangs een zaak aan van een cliënt die een medisch geschil had met een ziekenhuis, waarvan ze nu al weet dat de vergoeding lang niet voldoende zal zijn. ‘Maar niemand anders wilde de zaak hebben. Er is slechts een handjevol advocaten gespecialiseerd in het gezondheidsrecht. Die waren allemaal al gebeld.’

Rupert werd in 2012 beëdigd als sociaal advocaat. Precies toen toenmalig staatssecretaris Fred Teeven (VVD) aankondigde fors te gaan bezuinigen op de sector. Drie jaar hield ze het vol. Toen stapte ze over naar een commercieel kantoor. ‘Ik kreeg een kind en moest de rekeningen betalen.’

Toch keerde ze een jaar geleden terug. ‘Want als we met z’n allen zeggen: mijn portemonnee heeft liever dat ik in de commerciële advocatuur werk, dan blijft er van onze rechtstaat niet veel over’, zegt ze kort voor een zitting in de hal van de rechtbank van Assen.

Een zitting die niet mogelijk zou zijn zonder ‘gratis’ rechtshulp, omdat zowel het slachtoffer van de diefstal uit de woning – bijgestaan door Rupert – als de verdachten er een beroep op moesten doen.

Moreel besluit

Na afloop – haar cliënt won de zaak – noemt Rupert de keuze voor de sociaal advocatuur vooral een moreel besluit. Ze was dan ook verbaasd toen ze onlangs las dat meerdere Zuidas-advocaten zich hadden aangemeld bij The school for moral ambition van Rutger Bregman, omdat ze vonden dat ze onvoldoende zinvol werk deden. ‘Dat zijn nou bij uitstek advocaten die in onze tak van sport thuishoren.’

Toch kiezen ze er steeds minder vaak voor. Kiymet Altunzade wijt dat dat deels aan de onbekendheid van het vak. Daarom proberen zij en haar collega’s studenten te bereiken via studieverenigingen en lezingen. Om te laten zien hoe waardevol het werk is.

Want het staat vast dat de sector ook zelf aan de slag moet, en niet meer uitsluitend naar de overheid moet kijken, stelt Rupert. Door meer samen te werken in georganiseerd verband bijvoorbeeld, zoals ze bij Ambt advocaten eigenlijk al jaren doen. ‘Zo kunnen we de kantoorkosten delen. En creëren we ruimte om jonge advocaten op te leiden en te laten zien wat het vak inhoudt.’ Maar uiteindelijk is het toch ook gewoon een kosten-batenanalyse. ‘Er moet geld bij.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next