Home

Op stap met
Thys Boer

De nachtburgemeester van Rotterdam die uitgaan weer leuk maakt

Eindelijk gebeurt er weer wat in het Rotterdamse nachtleven. Dat is niet alleen dankzij een ambitieus plan van de gemeente, ook de nieuwe nachtburgemeester, Thys Boer, geeft uitgaan in 010 een flinke zwieper. De Volkskrant ging een nachtje met hem mee op stap.

Door Abel Bormans

Fotografie Eelco Wortman

21:00
Café de Ooievaar
 

Met een bezweet gezicht stapt de nachtburgemeester van Rotterdam, Café De Ooievaar binnen, een klassieke bruine kroeg aan de oude grachten van Delfshaven. Hij heeft hard gefietst om op tijd te komen. ‘Het is druk in de stad’, zegt Thys Boer (31). ‘Het salaris is net gestort. Iedereen heeft weer zijn centjes.’

Boer is niet in zijn beste vorm, moet hij erkennen. ‘Ik ben onlangs gestopt met roken’, zegt hij, terwijl hij een strip Decigatan – een natuurlijk hulpmiddel om te stoppen – op de bar gooit. ‘Gelukkig heb ik deze shit.’

Hij glijdt met zijn vingers door zijn lange, blonde mat. ‘Ik heb de afgelopen dagen wel gedacht: hoe hou ik een avondje uit vol zonder peuken?’

Op uitnodiging van de Volkskrant gaat hij mee op stap om zijn visie op het Rotterdamse nachtleven te delen. Hij wil langs het progressieve café Bakeliet, het experimentele cultuurpodium Worm en de kleinschalige nachtclub Time is the new space. Maar eerst een biertje in een ouderwetse kroeg. In De Ooievaar wordt op zijn Rotterdams geouwehoerd, hier en daar een kaartje gelegd en hangt de geur van verse broodjes kroket.

Caféganger Loukie, een vrolijke Rotterdamse in tijgerprintblazer, wurmt zich langs Boer in de smalle zaak. ‘Goedenavond, ik hoor dat jij de nieuwe nachtburgemeester bent. Maar wat dóé jij dan eigenlijk?’

‘Een hele hoop’, zegt Boer, nippend van zijn Jopen IPA. ‘Wij adviseren de gemeente en ondernemers. Om ervoor te zorgen dat de nacht in Rotterdam weer leuk, bruisend en veilig wordt. Dat Amsterdammers bij ons komen stappen in plaats van andersom.’

Loukie: ‘De nachtburgemeester, ik vind het een prachtterm! Jules Deelder was natuurlijk een doorgesnoven vogel. De dorpsidioot. Maar hij gaf de Rotterdamse nacht wel smoel.’ Of hij het niet lastig vindt om in de voetsporen te treden van de flamboyante dichter?

‘Dat is onmogelijk, natuurlijk’, zegt Boer. ‘Zo iemand als Jules krijg je nooit meer.’ Hij wil een andere invulling aan het nachtburgemeesterschap geven. De afgelopen jaren heeft de sympathieke Boer, die met iedereen door één deur lijkt te kunnen, veel goodwill gekweekt bij de horeca, de creatieve sector en de gemeente. ‘Ik wil niet alleen ambassadeur zijn, maar ook invloed uitoefenen. Beleid mede bepalen. Echt iets betekenen voor de stad.’

Loukie klopt hem op de schouder: ‘Ga zo door, jongen. Meer aandacht voor de Rotterdamse nacht vind ik súper.’

Thys Boer, nachtburgemeester van Rotterdam.

En aandacht heeft het Rotterdamse uitgaansleven gekregen. In samenwerking met Boer en zijn adviesraad N8W8 R’dam lanceerde cultuurwethouder Said Kasmi (D66) onlangs een stevig nachtplan. Rotterdam investeert in nieuwe initiatieven, ruimere openingstijden, beter openbaar vervoer – de nachtbus keert terug – en stelt liefst vijftien nieuwe 24-uursvergunningen beschikbaar.

Thys Boer wordt in het nachtplan officieel door de gemeente erkend als nachtburgemeester. Hij en zijn team van vijf krijgen jaarlijks 80 duizend euro om te helpen de plannen te verwezenlijken. ‘De gemeenteraad heeft zelfs de ambitie uitgesproken om internationaal in de top drie van nachtsteden te komen’, aldus Boer.

Het is een breuk met het verleden. De laatste jaren gold het nachtleven in Rotterdam eerder als een veiligheidsprobleem dan als cultuurkwestie. De vorige burgemeester, Ahmed Aboutaleb, was in het nachtcircuit weinig geliefd. Aan het begin van zijn burgemeesterschap liep het dancefestival Sunset Grooves in Hoek van Holland (2009) door rellen van Feyenoord-hooligans gigantisch uit de hand. Politieagenten moesten massaal schoten lossen, er viel één dode.

Daarna werden jarenlang vergunningen ingetrokken, sluittijden vervroegd en terrassen gecontroleerd. Vanuit Aboutalebs perspectief begrijpelijk: nog zo’n drama als Hoek van Holland had hem in zijn beginperiode vermoedelijk de kop gekost. ‘Maar daardoor is onze reputatie wel naar de klote gegaan’, aldus Boer. ‘Meppel aan de Maas’ werd de stad zelfs gekscherend genoemd.

Boer, die twee dagen in de week lesgeeft als docent Leisure & Events aan de Willem de Kooning Academie, besloot in februari 2019 dat het tijd was voor actie. Op het Stadhuisplein organiseerde hij de demonstratie ‘Opstaan voor de Nacht’ om aandacht te vragen voor een levendiger uitgaansleven. Er kwamen zo’n 1.500 Rotterdammers op af.

Kort daarna volgde de oprichting van de stichting N8W8 R’dam, met als missie: Rotterdam opnieuw profileren als toonaangevende nachtstad en broedplaats voor cultuur. Een positie die de stad in de jaren negentig al eens innam, toen ze internationaal naam maakte met innovatieve elektronische muziek – hardcore en de gabberscene zijn geworteld in 010.

Boer: ‘Vraag vijftigers van nu naar hun jonge jaren en ze beginnen nog steeds over de feesten in de Energiehal, poppodium Nighttown en discotheek Parkzicht. De gedeelde ervaring van zo’n plek en zo’n community is zó sterk. Dat is gewoon onderdeel van het DNA van een hele generatie. Wij hebben het altijd over de haven, Feyenoord, de Maas, architectuur. Maar muziek uit Rotterdam en het nachtleven horen daar net zo goed bij.’

Al hoeft het niet allemaal groots en meeslepend te zijn. Boer koestert de kleine, bruine kroeg misschien nog wel het meest. ‘Na corona hebben juist die het zwaar gehad. Zij kunnen wel wat steun gebruiken.’ Hij hoort het geroezemoes in De Ooievaar even aan. ‘De sociale functie van deze plek is enorm. We hebben neteven lekker met Loukie zitten kletsen. Op de paar vierkante meters in De Ooievaar voer je allerlei gesprekjes die je in de metro niet zo snel zult hebben.’

Een grijzende stamgast heeft even meegeluisterd. ‘De nieuwe nachtburgemeester!’, zegt hij. ‘Nou, dan komt het helemaal goed met ons. Kwestie van doorademen en doordrinken, zeg ik altijd maar.’

22:30
Café Bakeliet
 

Tijd om op de fiets te stappen – géén sigaret onderweg. Als de nachtburgemeester van Rotterdam zin heeft in ‘een sappie’ – een biertje – gaat hij meestal wel even kijken bij Café Bakeliet, een sfeervol café op de Nieuwe Binnenweg waar veel hoogopgeleide, progressieve jongeren komen.

Hij zwaait de deur open en groet wat bekenden. Hier en daar deelt hij een paar knuffels uit. ‘Hier staat zelden Spotify aan’, zegt Boer, die wijst naar de draaitafel waar DJ Roesed funky plaatjes draait. ‘Er is hier bijna altijd iemand actief bezig met waar jij naar luistert. Dat geeft toch iets extra’s.’

De nachtburgemeester heeft hier afgesproken met zijn vrienden Peter-Jan en Mike, die in 2019 ook bij de demonstratie voor een bruisender nachtleven waren. Ze gaan op een smal trappetje omhoog en nemen plaats in een chillruimte met een bank, naast uitgestalde vinylplaten. Op tafel verschijnt een rijtje bier. Zijn vrienden kennen hem niet anders dan als liefhebber van het nachtleven. ‘Hij houdt van de stad, maar ook gewoon van uitgaan’, zegt Mike. Peter-Jan draait zich naar hem toe: ‘Waar ging jij vroeger eigenlijk meestal naartoe?’

‘WaterFront, Bootleg DJ Café, Hollywood Music Hall, Watt’, zegt Boer. Vier iconische uitgaansplekken die inmiddels uit het Rotterdamse uitgaanslandschap zijn verdwenen. ‘Ik was 14, 15. In mijn eigen buurt in Oost had ik het wel gezien. Bij het uitgaan ontdekte ik andere werelden. Op drum-’n-bassfeesten droeg iedereen ineens van die wijde broeken. Bij reggae childe ik met rastafari’s.’

Elke avond een andere subcultuur, een ander decor. Boer: ‘Ik zag hiphopheads, kakkers, skaters, punkers. In de nacht kon ik uitvinden wie ik wilde zijn.’ Zijn kledingstijl verraadt iets van die zoektocht: het liefst draagt hij Nike All Conditions Gear. Skater, urban outdoor – je kunt proberen er een stempel op te plakken, maar Boer laat zich niet graag in een hokje duwen.

‘Ik gun alle Rotterdammers die zoektocht in het nachtleven. Kijk: ik ben een witte jongen en heb al tien jaar een vriendin. Voor mij was de nacht al vormend. Maar er zijn natuurlijk gemarginaliseerde groepen die niet de vanzelfsprekende ruimte hebben om zichzelf te zijn. Als het nachtleven op mij al zo’n impact heeft gehad, hoeveel moet het dan voor hen betekenen?’

Er verschijnt een bittergarnituur op tafel. Peter-Jan: ‘Had jij niet ook zowel je bachelor- als masterscriptie over het nachtleven geschreven?’

Boer: ‘Ja, dat klopt. Ik heb cultureel ondernemerschap en economie gestudeerd, maar ik was helemaal niet geïnteresseerd in de centenkant. Ik wilde het vooral hebben over de sociale en culturele waarde van de nacht.’

Hij zocht in nieuwsberichten en in academische literatuur naar het uitgaansleven. Daarin ging het hoofdzakelijk over de negatieve kanten: drank, drugs, geweld, geluidsoverlast. Boer: ‘Ik kijk er volledig anders naar. Het nachtleven staat voor mij voor talentontwikkeling, zelfexpressie, werkgelegenheid.’

Hele stadsdelen worden juist aantrekkelijk als het nachtleven daar plaatsvindt, aldus Boer.

Hij wijst op het Merwe-Vierhavengebied, een oud haventerrein aan de noordkant van de Maas. ‘Alle bedrijvigheid was daar opgedroogd. Toen kwamen daar kunstenaars, later creatieve broedplaatsen als Weelde en het Keilecafé. Nu is dat een hip en aantrekkelijk stukje Rotterdam geworden.’

Hij staat op en wenkt zijn vrienden. ‘Genoeg geluld. Tijd om te gaan dansen.’

00:00
WORM
 

In cultuurpodium Worm opent de nachtburgemeester een grote envelop die hij heeft gekregen van de organisatie. ‘Wie wil er een nakkie?’, grapt hij. Hij haalt er een paar munten uit en bestelt bier voor de hele tafel.

Op de dansvloer draait DJ Blaize met Nala Brown een back-to-backset. Het is een Unlocked-avond: het hele spectrum van UK Bass-muziek wordt uitgeserveerd. Harde drums en diepe bassen golven door de donkere ruimte, die slechts wordt opgelicht door tv-schermen met pulserende, hallucinerende visuals. De nachtburgemeester waagt voorzichtig een dansje. Zijn lange mat wiegt zachtjes heen en weer.

Het publiek is gemengd en energiek. ‘Juist omdat we als Rotterdam zo superdivers zijn, moeten we elkaar op ongedwongen plekken tegenkomen.’

Hij houdt van deze tent. ‘Er is geen touw aan vast te knopen wat ze allemaal doen. Ze hebben een radiostation, exposities en clubavonden. De programmering schiet alle kanten uit. Ze boeken ook weleens een Mongoolse keelzanger, of ze houden een filmavond speciaal voor blowers.’

Dat maakt volgens hem het belang van subsidies voor culturele instellingen als deze duidelijk. ‘Zo’n plek kan alleen experimenteren en risico’s nemen als er ruimte is om af en toe níét commercieel te hoeven denken. De baromzet is hier niet altijd even hoog. Soms komt iemand specifiek voor één artiest, legt z’n jas in de kluis, blijft twee uur – en haalt pas daarna een drankje.’

Dat maakt volgens hem het belang van subsidies voor culturele instellingen als deze duidelijk. ‘Zo’n plek kan alleen experimenteren en risico’s nemen als er ruimte is om af en toe níét commercieel te hoeven denken. De baromzet is hier niet altijd even hoog. Soms komt iemand specifiek voor één artiest, legt z’n jas in de kluis, blijft twee uur – en haalt pas daarna een drankje.’

Boer vindt dat we af moeten van het eendimensionale beeld van de nachtclub als horecazaak. ‘Natuurlijk, de bar zorgt voor inkomsten. Maar de culturele impact lijkt eerder op die van een museum.’

Wél een museum waar drugs worden gebruikt. Doordat er geen rookmachine is – dat mag niet in een culturele instelling en in een monumentaal pand – vallen de grote pupillen van enkele clubgangers in Worm extra op. In milde extase bewegen zij op de beats.

Drugs blijven een lastig onderwerp in Rotterdam. Waar de Amsterdamse burgemeester Femke Halsema een mondiaal debat over legalisering probeert te ontketenen, voert Rotterdam een zerotolerancebeleid. Op billboards verspreid door de stad worden gebruikers aangesproken op hun medeverantwoordelijkheid in het wereldwijde drugsgeweld.

Boer is daar kritisch op. ‘Drugs zijn goedkoper en gemakkelijker te verkrijgen dan ooit. De war on drugs werkt niet.’ Hij vindt het jammer dat het nachtplan nauwelijks aandacht heeft voor dit probleem. ‘De explosies in Rotterdamse portieken vinden mede plaats omdat drugs in de illegaliteit een lucratief verdienmodel zijn. Maar van dit college (Leefbaar Rotterdam, VVD, D66, Denk, red.) hoeven we voorlopig geen koerswijzigingen te verwachten.’

01:30
Time is the new space

Voor de ingang van Time is the new space heeft de nachtburgemeester het weer even lastig. ‘Ik heb zin om te roken, jongen. Ik heb gewoon kwijl in mijn mond als ik mensen zie paffen.’

De club is sinds eind februari weer open, na een afwezigheid van een jaar. Aanvankelijk was er geen juiste vergunning om harde muziek te mogen draaien, maar dankzij een succesvolle crowdfundingsactie, waarbij 22 duizend euro werd opgehaald, konden ze geluidstesten uitvoeren, de benodigde vergunning verkrijgen en het geluid op orde brengen.

Boer en de stichting N8W8 R’dam bemiddelden tussen de club en de gemeente. ‘Thys is echt een topper’, zei mede-eigenaar Wouter Marselje eerder tegen 3FM-platform 3voor12. ‘Als je niet weet wat je moet doen, is het enorm fijn om een contactpersoon te hebben die weet waar je moet zijn binnen de gemeente.’

Boer is blij dat hij zijn steentje heeft kunnen bijdragen, maar vindt ook dat stadsbewoners moeten begrijpen dat een bruisend uitgaansleven geen muisstille nachten oplevert. ‘Een stad is er om te leven’, zegt hij. ‘Als dat je niet bevalt, moet je overwegen om ergens anders te gaan wonen.’

In de intieme nachtclub met een huiskamersfeer passen misschien 150 mensen. DJ Marsman draait rauwe house, gekleed in een licht Italo-jasje. Een early-birdticket kost 6 euro, aan de deur betaal je een tientje. ‘Dit soort kleine clubs is belangrijk voor het nachtelijke ecoysysteem’, zegt Boer. ‘Dit is een springplank. Kunststudenten kunnen hier nieuwe creatieve concepten testen. Je voelt aan alles dat deze plek heel laagdrempelig is. Ideaal om nieuw talent te ontwikkelen.’

Toch heeft de nachtburgemeester zelf niet zoveel zin meer om te dansen. Veel van zijn studenten zijn hier ook. Anoniem in de menigte opgaan is er niet meer bij, daarvoor is hij een te bekende figuur geworden in het Rotterdamse uitgaansleven. Laatst was hij bij een afterparty toen ineens de muziek stilviel, zijn naam werd omgeroepen en er werd geklapt. Hij glimlacht. ‘Ongemakkelijk, ja. But I can handle it, I guess.’ Als hij echt los wil gaan gaat hij naar Berlijn, festivals of andere uitgaanssteden.

Voor nu is het tijd om naar huis te gaan. Al wil Boer nog één ding kwijt. ‘Kijk waar we allemaal geweest zijn vanavond. Rotterdam is toch dope? En dan hadden we ook nog naar livemuziek kunnen luisteren in Rotown of Baroeg. Of kunnen genieten van de rijke zwarte muziek die Rotterdam kent bij Bird. Broederliefde, Kevin, Winne, Hef – het komt allemaal uit deze stad.’

Dancefestival Downtown probeert iets te maken van de Rotterdamse nachtcultuur, want die kan wel wat steun gebruiken

Dit weekend beleefde het Festival Downtown in Rotterdam zijn tiende editie. De ambitie: grootstedelijk zijn, maar toch ook lekker toegankelijk, precies wat het Rotterdamse nachtleven nodig heeft. ‘De gemeente Rotterdam heeft nooit echt een nachtbeleid gehad, of een visie op clubcultuur’

Op pad met burgemeester Carola Schouten in Rotterdam: ‘Die agenten denken dat ze fucking Power Rangers zijn!’

Zaterdag 18 januari is Carola Schouten precies honderd dagen burgemeester van Rotterdam. De Volkskrant ging mee op werkbezoek in Carnisse, een van de kwetsbaarste wijken in de stad.

‘Het nachtleven is meer dan alleen een feestje en de volgende dag een kater’

Zaterdag openen de clubs uit protest hun deuren. Voor het eerst sinds die paar weken in de zomer kunnen nachtdieren weer samen dansen tot het licht wordt. Vijf liefhebbers vertellen waarom het nachtleven voor hen onmisbaar is.

Source: Volkskrant

Previous

Next