Arbeidsmigranten moeten beter integreren in de Nederlandse samenleving. Omdat een deel van hen blijft, moeten kabinet en werkgevers investeren in taalonderwijs. Daarvoor pleit de Adviesraad Migratie dinsdag in een nieuw rapport.
is economieredacteur. Ze is specialist arbeidsmarkt en sociale zekerheid.
Volgens de Adviesraad is het een ‘mythe’ dat het verblijf van arbeidsmigranten tijdelijk is. Van de Europese arbeidskrachten die naar Nederland komen, is vijf jaar later eenderde nog altijd in ons land. Bij arbeidsmigranten van buiten de EU is dit zelfs de helft. Voor deze groepen moet het kabinet, samen met gemeenten en werkgevers, investeren in taalonderwijs, ontmoetingsplekken en betere informatievoorziening.
Daarmee moet worden voorkomen dat het draagvlak voor arbeidsmigratie verder afneemt, licht voorzitter Monique Kremer toe. ‘We zien dat het samenleven in bepaalde gemeenten onder druk is komen te staan door de komst van arbeidsmigranten. In Brabantse gemeenten als Horst aan de Maas vormen zij tot bijna een kwart van de bevolking − die vaak de taal niet spreekt.’
De groep waarover Kremer het heeft is niet gering. Vorig jaar werkten naar schatting bijna een miljoen buitenlandse arbeidskrachten in ons land (dat is één op de tien werkenden), zij vormen een fors grotere groep dan de veelbesproken asielmigranten. Maar anders dan asielmigranten krijgen arbeidsmigranten geen verplichte taalles of inburgeringscursus. Omdat het grootste deel uit de EU komt, mogen zij vrij reizen.
Dat is ook de reden dat de overheid zich terughoudend heeft opgesteld, zegt Kremer. ‘Arbeidsmigratie is volledig overgelaten aan de werkgevers. De overheid dacht: dit zijn EU-burgers, daar mogen we niks van vragen. En voor de arbeidsmigranten zelf was er weinig reden om Nederlands te leren: iedereen die met hen aan de lopende band van Bol.com staat, spreekt dat immers ook niet.’
Het gevolg is dat het merendeel (55 procent) van de arbeidsmigranten de eigen kennis van de Nederlandse taal als slecht of zeer slecht beoordeeld. Hierdoor dreigt volgens Kremer een nieuwe generatie te ontstaan van kwetsbare migranten die ‘hierheen worden gehaald, hier werken, maar niet zijn ingebed in de samenleving’. Dit gebeurde in de jaren zestig ook met de toenmalige gastarbeiders uit Turkije en Marokko.
Om dat te voorkomen is het volgens de Adviesraad cruciaal dat de overheid structureel investeert in een landelijk dekkend netwerk van taalonderwijs, dat door de gemeenten moet worden uitgevoerd. Werkgevers zouden moeten ‘meebetalen’ door hun medewerkers tijd te geven om die lessen te volgen. Dat is in hun eigen belang, denkt Kremer, ‘want als de tolerantie voor arbeidsmigranten afneemt wordt dat voor deze werkgevers een probleem.’
Het rapport van de Adviesraad wordt dinsdagmiddag overhandigd aan minister Van Hijum van Sociale Zaken. Die heeft zijn handen inmiddels vol aan het arbeidsmigratie-dossier. Al sinds zijn aantreden zegt hij de positie van arbeidsmigranten te willen verbeteren, maar het lukt hem maar moeizaam om vaart te maken. Zo treedt de wet om malafide uitzendbureaus aan te pakken waarschijnlijk niet voor 2028 in werking.
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Wilt u belangrijke informatie delen?
Mail naar tips@volkskrant.nl of kijk op onze tippagina.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant